Gravenhurst :: 30 november 2005, STUK

De laatste keer dat we Nick Talbot zagen, was Fires In Distant Buildings hier nog niet eens verschenen. De nieuwe songs werden in Groot-Brittannië alvast op boegeroep onthaald want ze waren te luid en te hard volgens de fans. Maar Leuven dacht er blijkbaar anders over, getuige Gravenhurts succesvolle start in de achtertuin van Louis Tobback.

Maar voor Gravenhurst het podium zou beklimmen, was het eerst aan Whip om het publiek te charmeren met zijn naakte countryblues. Whip, vooral gekend als de frontman van Timesbold, bracht deze maal enkel twee gitaren, een ukelele en een zingende zaag mee om zijn klassiek aandoende fluisterliedjes breekbaar naar buiten te brengen. Een klein half uurtje baadde de zaal in stilte terwijl de songs over de hoofden neerdaalden. Een aangenaam verraste Whip eindigde de set dan ook met een a capella gezongen nummer dat af en toe onderbroken werd voor enkele uithalen met de zingende zaag.

Het zwijgzame publiek verraste ook Talbot, die net een Amerikaanse tour achter de rug had. Ironisch merkte hij op dat hij graag wat boegeroep en verwijten krijgt tussen de nummers door om zich zo meer thuis te voelen. "We speelden op onze Amerikaanse tour vooral harde nummers om de aandacht van het publiek niet te verliezen" liet Talbot weten: het zachte "Damage II" uit Flashlight Seasons was dan ook een duidelijke bedanking naar het geduldige Leuvense publiek toe.

Deze keer werd — hoe kon het anders — vooral uit Fires In Distant Buildings geput. Na een prachtig "Tunnels" (uit Flashlight Seasons), werd met "The Velvet Cell", dat naadloos overvloeide in "The Velvet Cell (Reprise)", de aftrap gegeven."Down River" sloot een eerste luik af waarna opnieuw gas teruggenomen werd met "Cities Beneath The Sea" en "Nicole", die live een pak doorleefder klonken dan op plaat en zich dan ook verrassend tot de eerste hoogtepunten van het optreden wisten op te werken.

Ook "Song From Under the Arches" en een lang uitgesponnen "See My Friends" wisten te beklijven waarna nog twee bisnummers volgden, een verraste Talbot merkte op dat dit de eerste maal was dat ze voor bisnummers teruggeroepen werden. Helaas was er geen "Animals" in de set terug te vinden, Talbot vertrouwde ons later op de avond toe dat hij de song niet genoeg beheerste. Maar het duistere "The Diver" en een opzwepende "Black Holes In The Sand" maakten veel goed, zelfs al eindigde het laatste in overbodige chaotische noise-uithalen.

Uitstraling heeft Gravenhurst nog steeds niet: het blijven drie collegenerds, met een frontman die als een levende versie van Jommeke naar voor komt. De bassist weet zichzelf nauwelijks een air te geven en de drummer probeert in een laatste poging het rockgehalte op te krikken door als een vleesgeworden Animal de vellen te teisteren. Gravenhurst is vooral een uitstekend op elkaar ingespeelde liveband geworden die de duistere feel van het album perfect wist over te brengen op het publiek. De korte set, net geen zeventig minuten, smaakte dan ook naar meer. Het is nog niet te laat om ze te ontdekken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + dertien =