Romanie :: “De drummer van 10cc zei dat ik hem aan Kurt Cobain deed denken”

We kunnen It’s Not That Funny, de fijne tweede plaat van West-Vlaamse singer-songwriter Romanie, al eventjes beluisteren, maar haar officiële releaseparty vond zonet plaats – daar moest je dan wel voor in Australië zijn. Een astrologieapp die ze net voor ons gesprek checkte, vertelde haar dat een herstructurering van haar job in de toekomst geschreven staat – en dat de liefde van haar leven haar pad later dit jaar kruist. Mogen we stiekem hopen dat het om iemand met de Belgische nationaliteit gaat die haar teruglokt naar haar geboorteland? En anders heeft ze nog een oplossing: “Rijke mensen die dit lezen, geef mij geld – het gaat naar de band, beloofd!”

enola: Waarom in godsnaam Australië?

Romanie: “Ik was geweigerd in de richting kleinkunst en als reactie bekeek ik op de wereldkaart wat het verste was waar ik naartoe kon vluchten. Dat was Brisbane, dacht ik toen. Het had eigenlijk Nieuw-Zeeland moeten zijn, maar ja. Zo ben ik dus per ongeluk in Australië beland. Op dat punt wilde ik geen muziek meer maken, maar in het jaar dat ik daar was, heb ik bands als Ball Park Music leren kennen en ben ik geobsedeerd geraakt door Angus & Julia Stone. Zot dat ik hier ondertussen met hen samengespeeld heb dankzij een mentorship programma waar ik voor uitgekozen werd. Na dat jaar in Brisbane ben ik wel even teruggekeerd naar België, om dan in 2019 naar Australië te verhuizen en mezelf daar volledig op muziek te gooien.”

enola: Ik zag al artikels passeren in de Australische Rolling Stone, je wordt er op de radio gedraaid … Gaat dat naar jouw gevoel goed?

Romanie: “Ik wil hier eigenlijk heel graag in de top van de ARIA charts raken. Het probleem is dat ik alles zelf doe omdat ik mijn eigen label ben, dus ook de rapportering aan die mensen.”

enola: Ha, dat gaat niet automatisch?

Romanie: “Nee, dus. Het is wat zottenwerk. Ik heb om dat uit te zoeken anderhalf uur aan de lijn gehangen met een kerel van die hitlijst, die me helpt met accreditaties. Per verkocht album kost het mij 2 dollar om het te laten meetellen. En dan moet ik die lijsten bijhouden. Ik ben dus muzikant hé, geen boekhouder.”

enola: Ach, dat kon nog wel bij je twintig andere jobs, zeker?

Romanie: “Ik voel me soms echt zot. Precies een kakkerlak: je mag blijven stampen, maar ik ga maar niet dood. “Ecstacy” van Keli Holiday, waar ik de hook voor geschreven heb, hier zes tot zeven keer per dag op de radio te horen is, is een motivatie voor mij om ermee door te blijven gaan. We hebben samen aan nog vijf andere nummers gewerkt in een schrijfsessie van drie dagen – mijn single “I Won’t Yell” is daar ook een van. Het is een van mijn favoriete tracks die ik ooit schreef. Wie weet doet die ook nog wel iets. Dat is het mooie en het lelijke van muziek; je weet niet wat er komt. En ik weet vrij graag wat er komt. Dus dat ik dat niet weet, is soms een beetje moeilijk in mijn hoofd.”

enola: Dan doet het waarschijnlijk al eens deugd om te tieren, zoals in “Uh Oh”.

Romanie: “Ik vind dat het beste moment van het optreden. Hier in Australië is het ook wel momentum aan het krijgen. Meer en meer mensen weten dat het komt, en tieren echt mee. Sommige mensen doen een collectieve adem in, adem uit. Wij doen een collectieve schreeuw. Echt leuk, en nieuw om te zien dat als ik optreed, mensen dansen of mijn lyrics terugroepen naar mij. Da’s wel iets waar ik meer van wil.”

enola: Ik kan me voorstellen dat dat verslavend werkt. Had de Romanie van je debuut ook al zoveel lef?

Romanie: “Nee, ik denk dat ik daarin gegroeid ben. Ik denk dat Are We There Yet? een introductie was in wat ik kon zeggen en It’s Not That Funny is wat ik wilde zeggen. Ik denk dat er heel veel meer diepgang in het tweede album zit, omdat het ook gaat over mijn donkere en lichte kanten. Het gaat over dualiteit. Ik wilde nog altijd die mooie popnummers, maar dan vooral naar de donkere kant ervan zoeken. Ik heb ook al veel donkere momenten in mijn leven gekend. En ik denk dat ik dat wilde belichten en echt wel op zoek wilde gaan naar de schoonheid in de lelijke dingen en de lelijkheid in de schoonheid? Dat je kijkt naar iets wat gebroken is, en daar de schoonheid in zoekt.

enola: Een beetje zoals muzikale kintsugi?

Romanie: “Zoiets ja. Dat het meer waard is, net omdat het eerst gebroken is. Dat wilde ik doen met deze plaat. Aan de andere kant: dit album was niet gepland. Het was vooral voor mezelf geschreven, niet echt met het doel om het andere mensen te laten horen. Het is opgenomen een jaar nadat we mijn eerste plaat hebben uitgebracht. Dus mijn co-producer zei ook dat het veel te snel was, dat ik eerst een pauze moest nemen. Ik wilde niet luisteren en nu voel ik mij vrij burnt-out. Maar hierna ga ik sowieso een pauze nemen. En dat zeg ik terwijl ik wel alweer nummers heb geschreven waarvan ik denk: oh, dit is voor de derde plaat. Maar ik ga mezelf echt forceren om rust te nemen en om met dit album even neer te zitten en te reflecteren over wat ik wilde bereiken.”

enola: Heb je dan een beetje spijt, omdat je nu plots wat overdonderd lijkt? Zou je het achteraf gezien anders aangepakt hebben, of denk je eerder: het moet toch zo gaan?

Romanie: “Ik denk dat ik op dit moment misschien zou willen zeggen ‘ja, ik zou het anders gedaan hebben’. Maar ik denk dat het album dat er is, perfect is in de zin dat het niet perfect is. “Power At Play”, het slotnummer, is bijvoorbeeld een demo die geschreven is op een avond – zelfs de nacht van de dag waarop we het album, dat eigenlijk volledig klaar was, waren beginnen te mixen. Dan ben ik in de studio en ben ik verplicht om de micro in de studio te zetten. Dat is de momentopname. Ik heb dat nummer ook nooit meer verder afgewerkt omdat er verder ook niets over te zeggen viel.”

“De nummers die op It’s Not That Funny staan, zijn perfect voor mij in deze opname. Maar ik denk dat een nummer nooit echt af is en dat dat dan ook de schoonheid daarvan is. Misschien denk ik binnen tien jaar: oeh, het is tijd om die songs af te werken. En dan maak ik een album dat It’s Funny heet.”

enola: Funny! Ik las ergens dat It’s Not That Funny verwijst naar je neiging om je therapeut te doen lachen.

Romanie: “Ja, dat klopt. Ik ben al een paar jaar in therapie, echt voor mezelf. Ik vind eigenlijk dat iedereen in therapie moet. Het is zoals elk jaar naar de tandarts gaan. Het is aan jezelf werken en iets heel gezonds doen. Ik denk dat ik er in het begin vooral mijn best deed om niet over mijn gevoelens te moeten praten en alles in een grapje te steken. Tot mijn psychologe mij op een dag vertelde dat ze mij niet kon helpen als ik met alles probeerde te lachen. Dus dat is eigenlijk de inspiratie voor dit album.”

enola: En heb je je album al laten horen aan je psycholoog?

Romanie: “Ja, dat is de eerste persoon die het album heeft gehoord. Ik vond het toch vreemd. De sessies zijn nu trouwens niet meer grappig – goed voor de mentale gezondheid, niet meer zo goed voor de inspiratie. Voor de volgende plaat ga ik mijn inspiratie ergens anders moeten zoeken. Ik wilde wel heel graag een remixalbum doen, Don’t Laugh, met remixen van al mijn vrienden. Maar het geld is op, dus ik ga dat idee even naar het muziekkerkhof bannen.”

enola: Je hebt ondertussen, zeker in Australië, toch al een mooi netwerk uitgebouwd. Maak eens een affiche voor Romaniefest waarop je je muzikale vrienden en helden kan laten verbroederen. Geen regels.

Romanie: “We gaan het wel bij levende artiesten houden, want van hologrammen ben ik geen fan. Hoewel ik The Cranberries graag had willen terugbrengen. Maar nee, AI is niet mijn vriend. Oké, Wet Leg, Mitski en mijn vriendin Angie McMahon dan graag. Supergoeie Australische muzikante. Gormie, mijn co-producer, speelt in haar band en heeft ook haar plaat meegeproducet.

“Weet je, Bad Bunny mag eigenlijk ook komen naar het festival. Ik fucking hou van Bad Bunny. Als we hem hebben, Rosalía ook. En als we dan toch bezig zijn, mogen al de latina’s afkomen. Voor de vibe. Sad Boys Klub moeten we ook vragen, voor de variatie.”

enola: Grappig, je was begonnen met acts die ik als referentie zou gebruiken om jouw sound en esthetiek te omschrijven. Gevoelige songwriting op z’n Mitski’s, Wet Leg voor de visuals, tongue-in-cheek en grungy ondertoon. Misschien had ik dan nog iets rammelend indiepopperigs à la Alvvays in de mix gegooid. Maar toen kwam je af met de latin vibe en Belgische postpunk.

Romanie: “Daar ben ik misschien op een andere manier door geïnspireerd. Alvvays, grote fan van. En dan ook Dry Cleaning. Oké, we zitten op het festival. Bad Bunny en Rosalía mogen misschien in de backroom dan.”

enola: En de vibes dan, Romanie?

Romanie: “Ze mogen blijven voor de vibes. Katy J. Pearson mag er ook bij, als deel van the friends. Mag het een 20-daags festival zijn? Viagra Boys mogen ook afkomen. Ik heb ze onlangs live gezien en ik was bijna mijn cool verloren in de mosh. Echt, ik wist niet waar ik was. Ik wou echt vooraan in de moshpit, maar ik kon er bijna niet door. Ik ben er wel geraakt, én er levend uitgeraakt. Ik heb wel bijna gevochten met iemand, een kerel die een meisje had geambeteerd. Maar wacht, we zaten op het festival. Wie nog? Oh my god, wat een vraag.”

enola: Sorry. Je mag ook namen opsparen voor de volgende editie van je festival. Ik apprecieer de line-up sowieso. En jij speelt ook natuurlijk. Ik zou je trouwens heel graag eens met full band zien spelen.

Romanie: “Ik heb mijn Australische band nog niet kunnen meenemen naar België omdat dat gewoon te duur is. Nu ben ik eigenlijk aan het proberen om mijn backing track te leren spelen, zodat ik met minder bandleden kan afkomen. En ik heb mensen gebrieft dat ze meer geld moeten vragen, zodat ik met mijn band kan afkomen. Dus de rijke mensen die dit lezen, geef mij geld – het gaat naar de band, beloofd!”

enola: Ik geef het zeker mee. Ik kan me voorstellen dat het frustrerend is om een “Falling” of “Uh-Oh” hier niet voluit te kunnen spelen.

Romanie: “Echt, qua beleving alleen al maakt een band een verschil. De schreeuw is alleszins vrij raar om alleen te doen. Maar op zich vind ik het ook wel cool hoor. Ik ben op tour geweest met Cousin Tony’s (van wie ik al heel grote fan was en die vrienden geworden zijn) en die zijn ook heel band-vibe. Ik moest solo spelen, weer om budgetredenen. Je wilt je beste beentje voorzetten, dus dan probeer je er iets intiemers van te maken als soloartiest. Ik vind het ook wel leuk om dan te proberen om jezelf heruit te vinden.”

enola: Voel je je dan niet extra kwetsbaar, zo alleen – zeker met die thematiek?

Romanie: “Ja, ik voel me soms echt in mijn blootje gezet op het podium. Dat is een terugkerende nachtmerrie, dat ik in mijn blootje speel. Mijn body dysmorphia helpt dan ook niet.”

enola: Heb je soms het gevoel dat je je figuurlijk te veel blootgeeft? 

Romanie: “Dat deze plaat eigenlijk niet per se voor het daglicht bedoeld was en nu in andere mensen hun oren belandt, is soms wel een beetje beangstigend. Maar ik denk dat dat net het mooie is aan muziek. Van heel veel van de nummers op mijn plaat dacht ik: ‘oeh, ik weet niet of ik dat eigenlijk wel wil zeggen’. Maar als je dan gepusht wordt door vrienden die zeggen ‘nee, dat is het, da’s het moment waarop je je ziel blootlegt’, dan wil je er toch voor gaan.”

enola: Community is iets waar je het vaak over hebt. Je artwork is van de hand van een vriendin, je bandleden en co-producers zijn mensen uit je intieme kring.

Romanie: “Dat Lottie (Charlotte Hennion, n.v.d.r.) het artwork wilde maken, is het grootste compliment dat ik ooit heb kunnen krijgen. Het feit dat zij zo hard begrijpt wat ik wilde zeggen. Dat wij al 20 jaar vrienden zijn, maakt het dubbel zo speciaal. Het was even back and forth omdat er 10.000 kilometer tussen ons zit. Maar wat ze gemaakt heeft, beschrijft het album in mijn hoofd zo goed. Het laat ook zien wat Lottie goed kan. De airbrush! Ik ben zo fan van haar. Ook van Young Ha Kim trouwens. Dat we mijn chaotisch brein en zijn fotografiestijl konden mixen voor de muziekvideo’s! Ik ga daar binnen 10 jaar op terugkijken en denken: ‘wow, ik heb megacoole vrienden’. Het is sowieso chiquer als je samen iets bereikt, dat je het kunt delen met iemand. Als ik ooit een Grammy zou winnen, dan zou iedereen mee op het podium moeten.”

“Voor mij hangt muziek dus heel hard samen met community. Als je start als muzikant, of in eender welke creatieve sector, denk ik dat je heel veel op je vrienden moet leunen. Ook omgekeerd: hoe verder je geraakt, hoe meer je je vrienden meeneemt naar boven. In het begin dat ik muziek maakte, wilde ik alles solo doen en wilde ik niet met een band in de opnamestudio gaan, omdat ik dacht: ik wil niet liegen. Maar eens ik dan mensen begon toe te laten in mijn band en in mijn leven en in het schrijfproces, heeft dat mijn ogen geopend. Het is duizend keer leuker om het met andere mensen te doen. En ik zou het nu niet meer anders willen.”

“Muziek maken als soloartiest is iets heel eenzaams. Ik voel me soms echt gek in mijn hoofd omdat ik op businessvlak dus ook alles alleen doe. Nu ja, ik heb heel veel mensen die mij helpen. Maar ik run wel nog altijd de show. In december speelden we bijvoorbeeld een optreden in Sydney, waarvoor we elf uur in de auto moesten zitten. Ik had het meeste van de rit gereden en we bleven ergens in het midden van de rit slapen bij de mama van mijn gitarist, in de bush. We komen toe om elf uur ‘s avonds. Ik heb nog tot twee uur ‘s nachts e-mails zitten beantwoorden. Die heeft mij naar mijn bed moeten sturen, want we moesten de dag erna nog vijf uur rijden. Dus ik denk dat mensen me soms echt wel gek verklaren. Maar ja, ik heb het gevoel dat ik het moet doen. Omdat ik ook aan mijn vrienden wil bewijzen dat we het kunnen.”

enola: Community is een positief thema, maar verder is je plaat wel redelijk donker. Ik denk dat het vrolijkste moment die giechel is op het einde van “I Can’t Think About A Future”.

Romanie: “Het einde van dat nummer was een improvisatie van de drums en we wisten niet wanneer we gingen stoppen. We keken allemaal naar elkaar, van ‘oh, is dit het nu?’ De giechel wou ik erin laten, omdat het toont wie ik ben als persoon. Mijn co-producer Gormy wilde het totaal niet, maar dat was mijn veto. Het is een beetje een circuit breaker omdat het album inderdaad echt wel donker is. De thematiek is donker. Maar ik denk wel dat “Falling”, “I Can’t Think About A Future” en “I Tried To Erase You” toch de pop-elementen hebben. Mijn sterkte is volgens mij mijn melodie en lyrics. Het gaat wel over eenzaamheid en zo, maar het blijft aanstekelijk. En opnieuw: het album was zo hard gewoon voor mijn eigen persoon geschreven als genezingsproces.”

enola: Je hebt juist een mooi compliment aan jezelf gegeven. Wat is het beste compliment dat je al van iemand anders kreeg?

Romanie: “De grappigste vergelijking was … Ik ben een paar jaar geleden op tour gegaan met 10cc en hun drummer zei dat ik hem megahard deed denken aan Kurt Cobain. Ik denk dat zij samen gespeeld hebben. Dus dat was, denk ik, het grootste compliment, maar ook het meest random. Maar de mooiste complimenten zijn altijd over de impact die mijn muziek heeft gehad op mensen, wat ik wil bereiken met muziek. Omdat alles voor mij inderdaad over zo gemeenschap gaat. Ik wil graag dat mensen heel aanwezig zijn op mijn optredens. Dat er mensen achteraf naar mij toe komen en dat we een connectie vormen. Dat is voor mij het grootste compliment. Of gewoon als mensen naar een plaat luisteren van begin tot einde en dat ze er hopelijk iets hebben uitgehaald.”

“Iets helemaal anders: mijn haat-e-mail was ook een groot compliment. ‘The devil’ had mij om 3 uur ‘s nachts een e-mail gestuurd met als onderwerp ‘Give it up’. Er stond in dat als ik artiesten wilde kopiëren, zoals Wet Leg, dat ik er beter mee stopte en een andere job moest zoeken, best niet iets in de creatieve wereld. En dat ik er vuil uitzie en me moest douchen. Het klonk als een man rond de 40. Of het een Wet Leg-fan was, weet ik niet. Ik denk eigenlijk dat hun fans meer stijl hebben. In elk geval, wat een compliment dat die persoon er zijn tijd aan wilde spenderen. Ik voelde mij even echt beroemd.”

enola: Dat hoort erbij. We gaan niet vragen om meer haatmail te sturen, maar misschien is er iets anders waar je nog een oproep voor wil doen? 

Romanie: “Als er iemand informatie heeft over hoe ik mezelf kan klonen, zodat ik in twee continenten tegelijkertijd kan wonen, zou dat echt top zijn. Ik wil echt heel graag voor jullie in België spelen.”

enola: We oefenen alvast onze beste gil.

recent

verwant

Romanie :: It’s Not That Funny

West-Vlamingen, ze staan erom bekend harde werkers te zijn....

Romanie :: Uh Oh

Waar we Belgiës coolste indie darling kunnen vinden? In...
Vorig artikel
Volgend artikel

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in