Cocorosie :: Noah’s Ark

Van elk dier werden er twee verzameld, een mannetje en een vrouwtje, opdat hun soort na de zondvloed ten gunste van de zuivering van de mens de wereld opnieuw zou bevolken. Maar zelfs de enkele nobele mensen die gespaard bleven, ontsnapten niet aan de verleiding omdat Cham spotte met de schaamte van zijn vader, toen deze dronken insliep.

Op Noah’s Ark graven de gezusters Casady nog dieper in de zonde, hopend die enkele nobele mens te vinden. La Maison de mon rêve was niet zozeer een openbaring als wel een aangename verpozing. Met een schijnbare nonchalance puurde Cocorosie een eigenzinnige mix van blues en huis-, tuin- en keukenvlijt uit. Gelukkig beseft de groep dat een dergelijke hutsepot eerder een kort leven beschoren is wanneer de oren en poten ontbreken. Kan men op één been wel staan?

Noah’s Ark biedt dan ook meer van hetzelfde, maar toont ook een andere kant. Zo klinken "K-Hole" en de vooruitgeschoven single "Beautiful Boyz" verrassend voldragen waardoor we moeten wachten op "South 2nd" voor we de klassieke eigentijdse blues van Cocorosie terugvinden. En net zoals voorheen klinken sommige songs vooral als sjamanitische koortsdromen uit ver vervlogen tijden: "Bear Hides And Buffalo" speelt met stemmen, terwijl het klagende "Tekno Love Song" een akoestische gitaar ongenadig laat janken.

De scherpe, bijtende stem van Bianca blijft een snerpende boventoon voeren, maar wordt meer dan ooit prachtig gecontrasteerd met Sierra’s engelenzang, die overigens in het op een hiphopbeat voortgestuwde "Noah’s Ark" voor het eerst ten volle naar voren treedt. Naast Sierra is er uiteraard ook een glansrol weggelegd voor de haast doodgeknuffelde semicastraat Antony, wiens stem als een laatste zwanenzang boven "Beatiful Boyz" zweeft. Devendra Banhart brengt dan weer een wederzijdse liefdesserenade met wederhelft Bianca in het korte en bevreemdende"Milk", terwijl de Franse MC Spleen van zich laat horen op "Bisonours". Het zijn maar enkele van de nieuwe dieren op de ark.

Op Noah’s Ark wordt een voldragen Cocorosie naar voor gebracht die bewijst meer te zijn dan de bohémien chic-achtige grap van de week. Zonder een spatje eigenheid op te geven, klinkt het album coherenter, voller en ernstiger dan het debuut. De duisternis lonkt nog steeds uit alle hoeken, maar deze maal ruikt het hooi bijna vertrouwd.

Ten tijde van La Maison de mon rêve leek Norman Bates’ hutje aan de zee bewoond te worden door onze sympathieke opa Krueger. We hadden graag nog enkele zomervakanties bij hen verpoosd maar nu de tsunami’s, tropische stormen en zondvloeden steeds dichterbij komen en zich familiaal met Dennis, Katrina of Emily laten aanspreken, zijn we maar wat blij dat de berenboot aangevaren komt. Zelfs al staat er een dronken naakte man aan het roer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 + een =