Do Me Bad Things :: Yes!

Had Do Me Bad Things twee leden meer geteld, dan hadden ze zich kunnen toeleggen op voetbal in plaats van muziek. In plaats daarvan kozen ze ervoor zich in glittermake-up en strakke pakjes te hullen en ons te verrassen met een van de irritantste platen van het jaar.

Het moet niet simpel zijn, een groep met negen muzikanten runnen. Op krappe podia is het steevast vechten voor een plaatsje. Bovendien moet elke zuurverdiende cent netjes in negen gelijke parten worden verdeeld. De snelste weg naar rijkdom is het dus ook al niet, alle zelfhulpboeken nog aan toe. Nu moeten we eerlijk zijn, de trieste lotgevallen van DMBT zullen ons worst wezen. Ze hebben er verdomme zelf voor gekozen. Wie zes koters op de wereld zet, moet achteraf ook niet komen klagen dat de luiers te duur zijn. Wat ons vooral zorgen baart, is dat de band klinkt als een democratie. Democratie, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de guillotine een van de negatieve bijwerkingen van de Franse Revolutie, heeft al wel meer bands naar de verdoemenis geholpen. Op Yes! betekent het vooral dat elk diertje zijn pleziertje werd gegund, waardoor de plaat geen greintje coherentie kent.

Wat erger is, bij DMBT zitten mensen met ofwel een erg slechte smaak, ofwel een verdomd geinig gevoel voor humor. Beeld u een kruising in tussen The Darkness en Joss Stone en huiver. Theatrale aanfluitingen van rockmuziek worden afgewisseld met futloze RnB, eindeloze gitaarsolo’s, mottige make-up en genoeg popklanken om alles toch maar zo verteerbaar mogelijk te houden. Tieners aller landen zullen ongetwijfeld een deel van hun zakgeld veil hebben voor Yes!, maar wij hebben het wel gehad met bands die vooral zichzelf parodiëren.

Openingsnummer "Time For Deliverance" bevat een zodanig hoog spandex- en poedelkrullengehalte dat overal te lande spontane Van Halen-reünies zullen ontstaan. Tot zover niets dat we nog niet bij The Darkness gehoord hadden dus. Dat wordt wel even anders wanneer DMBT met "What’s Hideous" naadloos overschakelt in Mariah Carey meets Spinal Tap-modus. Op dat moment haakten wij al af, met nog veertig minuten te gaan op Yes!. Bij "Liv Ullman On Drums (Move In Stereo)" begonnen we weer even hoop te koesteren, dankzij het hoge Foo Fighters-gehalte. Helaas stuurde de compleet overbodige saxofoonsolo ons meteen terug naar de realiteit. Tegen de tijd dat we bij het monsterlijke "The Daily Grind" en afsluiter "Hold On" kwamen, waren we er van overtuigd dat DMBT gewoon een dekmantel was voor Al Quaeda, dat zich nu ook op geluidsterrorisme had toegelegd. Allah en God zitten samen vast geamuseerd toe te kijken.

Uiteindelijk was "Off The Hook"het enige nummer dat ons van een enkeltje richting psychiatrische inrichting redde. Meer dan vijf minuten zalige, complexloze rock die thuishoort tussen het beste van Skunk Anansie. Was dit maar de standaard geweest voor Yes!. We hadden het eigenlijk moeten weten, een plaat met een titel als een slechte eightiesgroep, en nog een wanstaltig uitroepteken erbovenop, belooft weinig goeds. Wat ons betreft, hadden ze toch beter die voetbalploeg overwogen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf − 1 =