Madagascar




De winnaar in de competitie tussen animatiestudio’s Dreamworks en
Pixar begint zich steeds duidelijker af te scheiden. Pixar kwam
verleden jaar met het heerlijk funky ‘The Incredibles’, Dreamworks met het flauwe
‘Shark Tale’ – het verschil in
kwaliteit en box office was aanzienlijk. Nu zet Dreamworks
die treurige trend verder met ‘Madagascar’, het soort film waarbij
je aan het einde hooguit je schouders eens ophaalt en denkt: “Was
het dàt maar?”

Het verhaaltje draait rond Alex de leeuw (Ben Stiller), Marty de
zebra (Chris Rock), Melman de giraf (David Schwimmer) en Gloria het
nijlpaard (Jada Pinkett Smith), vier dieren uit de New York Central
Zoo die een comfortabel leventje leiden. Marty droomt er echter van
om de vrije natuur op te zoeken en geholpen door een paar
rebellerende pinguïns, ontsnapt hij uit de dierentuin. Zijn
vrienden gaan achter hem aan, en wanneer ze uiteindelijk opnieuw
gevangen genomen worden in het Centraal Station, worden ze onder
druk van dierenrechtenactivisten stante pede verscheept naar
Afrika. Wanneer de opstandige pinguïns echter het schip kapen (die
pinguïns wilden ze blijkbaar óók verschepen naar Afrika, waar moet
je er anders mee blijven?) komen de vier vrienden terecht in
Madagascar, waar ze betrokken raken in de overlevingsstrijd van een
stam maki’s.

‘Madagascar’ is een film die hooguit nog een nevenproduct lijkt te
zijn van z’n eigen merchandising. De plot heeft absoluut niks te
betekenen, maar wordt louter gebruikt als een excuus om vier o zo
beminnelijke dieren tachtig minuten lang tegen elkaar te kunnen
laten wauwelen. Waar wauwelen ze over? Wel, over niks bijzonders,
eigenlijk, maar dat horen u en uw kroost niet op te merken. Het
belangrijkste is dat u achteraf de brooddoos, pennenzak, rugzak,
stickers en het dekbed koopt. Niet dat andere filmmakers zich daar
niet schuldig aan maken – ze kunnen een fameus warenhuis vullen met
al de prullaria die er rond ‘The
Incredibles’
is gemaakt – maar in dat geval kregen we er op z’n
minst nog een goeie film in de plaats, een film die je over tien
jaar nog met plezier kunt bekijken. ‘Madagascar’ daarentegen, geeft
de indruk haastig in elkaar geflanst te zijn, een tussendoortje
voor het publiek en ook voor de makers.

De voornaamste indicatie daarvan is het feit dat de film nauwelijks
een derde akte heeft. U weet wel hoe het werkt, hé: eerste akte: de
dieren zitten in de zoo en we komen te weten dat Marty naar de
vrije natuur wilt. Tweede akte: ze belanden op Madagascar. Derde
akte… Tja, en dan komen de problemen, want eigenlijk gebeurt er
dan nog maar vrij weinig. Alex de leeuw voelt z’n onderdrukte
jagersinstincten tot leven komen, ja, maar als dat voldoende stof
moet zijn om pakweg veertig minuten mee te vullen… Een climax aan
het verhaal is er trouwens al helemààl niet – ‘Madagascar’ eindigt
niet als dusdanig, maar dooft gewoon stilletjes uit.

De goeie grappen zijn relatief zeldzaam, en voor zover ze dan toch
te vinden zijn, zaten ze gewoonlijk al in de trailer (die nog het
beste deed hopen): de pinguïns zijn enorm geestig en ook Sasha
Baron Cohen (beter bekend als Ali G.), die de stem van de koning
van de maki’s inspreekt, zorgt af en toe voor een dijenkletser.
Voor het overige is het echter huilen met de pet op: Alex, Marty en
Gloria zijn kleurloze figuren die nergens iets zeggen of doen dat
je een dag later nog kunt navertellen. Voor Melman de giraf hebben
de makers op z’n minst de moeite gedaan om een excentriek
karaktertrekje te verzinnen (hij is een onverbeterlijke
hypochonder), maar uiteindelijk zet ook dat maar weinig zoden aan
de dijk. Je weet dat comedyschrijvers met een zwaar geval van
creatieve bloedarmoede zitten wanneer ze overdadig gebruik gaan
maken van slapstick. Als je geen goeie dialogen of spitse
verhaalwendingen kunt verzinnen, dan deel je gewoon wat meppen uit
en de mensen zullen ook wel lachen. Ik zou niet willen tellen hoe
dikwijls de personages hier in het kruis getrapt worden.

Ook visueel is ‘Madagascar’ een kneusje vergeleken met het werk van
Pixar. Het is niet dat het er ronduit lelijk uitziet, zoals dat wel
het geval was in ‘Shark Tale’, maar
al die decors zien er zo… onmemorabel uit. ‘Finding Nemo’ en ‘The Incredibles’ creëerden heel eigen
werelden die in tot in de kleinste details waren afgewerkt. In
‘Madagascar’ lijkt de definitie van een jungle weinig meer te zijn
dan: “een stel bomen bij elkaar die snel geanimeerd zijn”. Net als
bij de personages, is er hier niks dat de aandacht trekt, àlles aan
‘Madagascar’ is by the numbers. De film is een snel
afgeraffeld standaardwerkje dat niet eens de minste ambitie lijkt
te hebben om op eender welke manier speciaal of uitzonderlijk te
zijn. Dat een prent hoog mikt en faalt, oké, maar hier proberen ze
niet eens. Middelmatigheid lijkt de makers van ‘Madagascar’ al meer
dan genoeg te zijn.

Toen ik naar ‘Madagascar’ ging kijken, liepen na afloop achter mij
twee zusjes de zaal uit, de ene een jaar of veertien, vijftien, de
ander zeven of acht. Toen de oudere zus vroeg wat de jongste ervan
vond, reageerde het kind: ‘Mja, het was wel mooi, maar… Ik weet
niet.’ Terwijl kinderen doorgaans wildenthousiast zijn van alles
wat maar een beetje flitst op zo’n scherm. Dan was dat ofwel een
zuurpruim van een kind, ofwel een teken dat er echt iets ontbreekt
aan de film, iets dat zelfs jonge kinderen gewaar worden, hoewel ze
het niet kunnen uitleggen. Af en toe is het wel grappig, daar niet
van, maar het is allemaal zo… doodgewoon. En dat is zowat het
ergste dat een film kan zijn.

http://www.madagascar-themovie.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 2 =