Hot Hot Heat :: Elevator

Twee jaar geleden wist Hot Hot Heat de bloedhete zomer helemaal op en top te maken met de vrolijke single “Bandages” en het al even aanstekelijke album Make Up The Breakdown. Ondertussen zijn we twee jaar verder, is de zomer nog veraf en hebben we een stortvloed van platen over ons gekregen met een gelijkaardig geluid. Net dan valt hier Elevator de tweede Hot Hot Heat in de bus. Benieuwd wat we daarvan zullen vinden.

Op het eerste gehoor is er helemaal niets veranderd. De groep maakt nog steeds aanstekelijke popnummers en met de prima single “Goodnight Goodnight” is het gevaar om als eendagsvlieg afgedaan te worden helemaal geweken. Een hele geruststelling ongetwijfeld, zo mag blijken als je de interviews met de groep leest die dezer dagen her en der in de media verschijnen. Hot Hot Heat beseft dat dit de plaat van de waarheid is: ten onder gaan aan de hype of keihard terugslaan met kwaliteit.

Maar ach, wat een verrassing, de waarheid blijkt –hoe saai– weer maar eens in het midden te liggen. Keihard terugslaan kun je Elevator niet noemen, maar desondanks bevestigt de plaat de buzz die rond de groep hing als terecht. Het verschil met Make Up The Breakdown mag dan miniem zijn, de formule is duidelijk nog niet uitgemolken. Even tussen haakjes: eeuwigheidswaarde heeft die formule ook niet, dus één raad aan de band: probeer dit kunstje alstublieft geen vijf platen meer vol te houden.

Maar tot nu toe is er geen vuiltje aan de lucht. Elevator is een schijf die wij met plezier in onze cd-speler schuiven, om vervolgens verwachtingsvol buiten te gaan kijken waar de zomer blijft. Nummers als “Dirty Mouth” en “Ladies And Gentleman” (géén schrijffout) doen je zo naar een zomers terras verlangen. “Middle Of Nowhere” balanceert dan weer knap op de grens tussen euforie en melancholie, een plaats waar het aangenaam vertoeven is met een drankje bij de hand. Let ook op de minimalistische, maar toch zeer aanstekelijke solo in dit nummer.

De Canadezen lossen dus met Elevator de verwachtingen behoorlijk in. Het feit dat David Sardy (zie bijvoorbeeld ook Soulwax) achter de knoppen zat, zal daar zeker niet vreemd aan zijn. Enige minpuntje is dat grapjes zoals “Introduction” en “No Jokes – Fact”, gerust achterwege gelaten hadden kunnen worden. Het had de strakheid van de plaat alleen maar ten goede gekomen. Ook het niet van een titel voorziene nummer dertien had beter als b-kantje voor een single gediend: in dat geval was Elevator geëindigd met twaalf sterke nummers. Nu zitten we met enkele vullertjes, en dat is uiteraard jammer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × twee =