Yevgueni :: Kannibaal

Yevgueni is een kleinkunstgroep. U mag nu meteen weer wegklikken, maar we raden het af. We associëren dat genre doorgaans met wilde baarden, kralenkettingen, geitenwollen sokken en Luc Versteylen, maar van Kannibaal krijgen we nu eens geen nachtmerries. Het is even geleden dat we naïeve wereldverbeterij zo fijn gebracht wisten als Yevgueni hier doet. We kregen er zowaar zin in een streekbiertje van.

Aan het begin van onze studententijd was het nog acceptabel om van op een of andere linkse toog ’De Lange Weg’ van Bots mee te zingen. Uit volle en uiterst oprechte borst bulderden de laatstejaars zinnen als "Kom socialisten trekt ten strijde" om zich iets later weer over hun Palm, de ongelijkheid in de wereld en een nabije vrouw te ontfermen. Dit gebruik bleek te stammen uit tijden waarin voorhuwelijkse seks of een gerolde sigaret nog politieke statements waren. De tijd van de grote revolutie met een Nederlandstalige soundtrack die mooi, maar in tijden van hiphop en punk vooral schattig naïef klinkt.

De jeugd van toen ligt niet langer wereldvredig op matten, maar zit de krant lezend haar pensioen af te wachten en de studies van haar kinderen te financieren. Enkele kinderen van die grote revolutionairen (de kleinkinderen van de revolutie) kregen het kleinkunstvirus te pakken en brachten onder de naam Yevgueni een erg fijn debuut uit. De elf nummers op Kannibaal doen op hun best aan des moeders idolen als Wim de Craene en Boudewijn de Groot denken. Je moet even door het geaffecteerde en nadrukkelijk kleinkunsterige zingen van zanger Klaas Delrue heen en dan ontdek je zeer mooie melodieën en bij momenten best leuke teksten. "Mama ik wil papa" is bijvoorbeeld een afrekening met de 68’ers wiens kinderen zich nu afvragen of het eigenlijk niet allemaal erger geworden is.

Opvallend is dat Yevgueni niet zozeer zingt over komende andere tijden, maar veeleer melancholisch terugblikt op de andere tijden die er nooit echt zijn geweest en die ze ook niet echt meer verwachten. Zo is "Sara" een ode aan de barvrouw die hun studententijd kleurde met Tom Waits en vers getapt bier tot in de kleine uurtjes. In "Als ze lacht" vindt Klaas de oplossing van alle miserie in de lach van zijn lief en in "Gezellig" krijgt hij het zo gezochte ’antwoord’ van een doodgewone meid aan kassa zeven.

Muzikaal verkent Yevgueni niet echt nieuw terrein (kleinkunst zal altijd kleinkunst blijven). De begeleiding van The London Chamber Orchestra op sommige nummers (onder andere de Suzanne Vegacover "In deze stad"), heft het geheel wel net een niveau hoger. Afsluiter "Eenzaam met jou" kenden we bijvoorbeeld al van toen we Yevgueni vijf jaar geleden op het Leuvense interfacultair songfestival zagen. Toen was het een wat kig naïef-escapistisch liefdesliedje dat nog iets te hard naar Jan De Wilde lonkte, maar mede door extra orkestratie is het een van de hoogtepunten van Kannibaal.

Kleinkunst is niet bepaald hip (te weinig beats en dreunende gitaren), maar na een goeie plaat van Monza en de fijne debuten van Bolster en Yevgueni lijken er toch weer meer Nederlandstalige dingen te gebeuren in Vlaanderen. Zo af toe mag Yevgueni onze oren strelen, maar voorlopig gaan we onze sneakers nog niet inruilen voor sandalen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twaalf + veertien =