Les Banquets Nomades :: Afora

België klonk nog nooit zo Afrikaans en dat dankzij één ballafoon. Of beter gezegd: dankzij één man, Moussa Dembélé, die dit Afrikaans instrument bespeelt, want voor de rest bestaat Les Banquets Nomades voornamelijk uit blanken. Hun muziek is echter zwarter dan een kop koffie in de ochtend.

De naam van de groep mag je letterlijk opvatten, de muziek van Les Banquets Nomades is één groot feestmaal met de beste ingrediënten van zowat overal. Centrale figuur is Guido Schiffer, een opmerkelijke violist die zijn instrument pas echt weet te temmen, maar hij staat er niet alleen voor: hij kan rekenen op een voortreffelijk allegaartje muzikanten, die stuk voor stuk een rijke voorgeschiedenis met zich meebrengen. De ballafoon van Moussa Dembélé vormt echter de rode draad op Afora, en schenkt de muziek een origineel eigen geluid.

Dat de groep haar plaat wil laten klinken als een liveconcert is met een korrel zout te nemen. Het klinkt wel allemaal authentiek dankzij de eerlijke mix van producer Reinhard Vanbergen (Das Pop), maar toch kan een plat, rond schijfje nooit hetzelfde effect hebben als een concert. Die geweldige sfeer, dat heerlijke, zorgeloze gevoel en het dansen tot je niet meer op je benen kan staan, valt natuurlijk niet op te nemen. De banketten doen echter een meer dan behoorlijke poging.

Het merendeel van de nummers op Afora maken met hun gezellige sfeer en leuke ritmes deel uit van die poging. Het album geeft dan ook de algemene indruk van een swingende plaat met soms sterke invloeden van jazz, lounge en alle genres die de doorsnee hippe vogel graag heeft. Dit is het geval voor opwarmer "Na Mwabona Wa Seka", het ontzettend sfeervolle "Komi Man Dinje" en ook voor het afsluitende "Samawara". Deze nummers zijn allemaal van goede kwaliteit, maar ze springen niet echt naar voor uit het geheel.

Dat doen enkele pareltjes, waaronder het melancholische "Step By Step", dan weer wel. Hierop laat de Zambiaanse zangeres Maureen Lupo Lilanda horen waarom ze in haar thuisland "The Godmother of Music" genoemd wordt. Het is even wennen aan de Engelse taal, maar zeker na de eerste minuut trekt de Afrikaanse alle registers open en klinkt ze als een sirene ver weg van huis. Kippenvelmoment dus.

Andere nummers laten zich opmerken door hun afwijking van wat wij onder typische wereldmuziek verstaan. Het mysterieuze "Défilé", waarop Giovanni Barcella zijn drums de vrije loop laat, past zo in een thriller. Helemaal anders is "Diarabi – The Singing Tree Tune", dat dan weer rustiger klinkt, als een kabbelend riviertje met wuivende kokospalmen naast. Het meest opvallende nummer is echter "Southern Groove" dat geweldig rockt, ideaal om daarop door de woestijn te scheuren met een kameel. Alleen jammer dat die dieren geen ingebouwde cd-speler hebben…

Wie voelt dat de zomer al langzaam in aantocht is, liefhebbers van Afrikaanse muziek die eens met iets anders dan Zap Mama willen uitpakken of gewoon iedereen die houdt van een gezellige, maar dansbare sfeer: haal nu Afora in huis, uw zomerse broodjes zijn alvast gebakken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 + elf =