Julian Fane :: Special Forces

Shame on me! Was ik de afgelopen maanden ook maar een
tikkeltje oplettender geweest, dan had ik ‘Special Forces’ van
Julian Fane al veel eerder opgemerkt en dan had ik deze verborgen
parel onverwijld mijn top tien van 2004 in gekatapulteerd. Maar
ach, gedane zaken nemen geen keer en -zoals mijn tante altijd op de
verjaardagskaartjes schreef die enkele weken na datum aankwamen –
“Beter laat dan nooit”.

Maar eerst en vooral: wie is die Julian Fane? Fane is een
eenentwintigjarige Canadees die er een beetje uitziet als een
halfbroertje van Jarvis Cocker, de zanger van het ter ziele gegane
Pulp (en die vooral zal herinnerd worden door die keer dat hij –
schuddend met zijn bips – een optreden van Michael Jackson
verstoorde). Fane speelde aanvankelijk in enkele bandjes, maar ging
toch gauw zijn eigen weg. Hij dropte enkele van zijn huisgemaakte
nummers in mp3-formaat op diverse internetforums en duwde ook
Planet Mu-labelbaas Mike Paradinas een demo onder de neus. Die was
meteen overtuigd van zijn talent en wees Fane een kribbe toe in
zijn stal.
Na een paar bijdragen aan labelsamplers, verscheen in het najaar
van 2004 de eerste volwaardige langspeler van de man uit Vancouver.
De muziek van Fane kunnen we bezwaarlijk zomaar elektronica noemen,
er zit veel meer in. Hij is niet de zoveelste epigoon van Boards of
Canada, of de elfendertigste laptop wizard die vanuit zijn
luie stoel beats ‘n’ pieces aan elkaar breit. Julian Fane maakt in
de eerste plaats heel erg mooie, warme muziek, en maakt daarvoor
niet alleen gebruik van de geijkte digitale apparatuur, maar ook
van analoge synths, akoestische instrumenten en zijn stem.

De twaalf tracks op ‘Special Forces’ zijn ook moeilijk onder één
noemer te plaatsen. Het album leent zich perfect als
achtergrondmuziek bij het lezen van een boek of een diepgaand
gesprek, maar wie de plaat beluistert onder een hoofdtelefoon wordt
meegenomen op een prachtige reis doorheen één of ander
sprookjesland. Soms dromerig, soms psychedelisch, maar vaak ook een
beetje bevreemdend. Fanes referenties (en invloeden) liegen er dan
ook niet om. Wanneer hij zingt, doet hij ons soms denken aan
Jonathan Donahue van Mercury Rev
en aan Thom Yorke. Sommige tracks klinken alsof een
Radiohead-nummer werd gerestyled door één of andere artiest van
Morr Music. Múm en Christian Fennesz zijn dan weer andere
namen van wie we meer dan eens een glimp menen op te vangen.

Niet dat Julian Fane een uitstekend imitator is. Nergens kunnen we
echt spreken van hét múm-nummer, of dé Radiohead-song, of hét
Mercury Rev- of noem-maar-op-moment. Meestal weet hij verschillende
stijlen en invloeden op vakkundige wijze met elkaar te verzoenen en
te vermengen in één song. Dat leidt twaalf keer tot knappe,
wondermooie tot zelfs meesterlijke dingen. Stel je Moby (aka
Voodoo Child) voor als geboren en
getogen IJslander, Jonathan Donahue die Thom Yorke vervangt tijdens
de opnames van ‘Kid A’ (en omgekeerd: Yorke die meedoet aan
‘Deserter’s Songs’), Vangelis die in de leer gaat bij Autechre en Fennesz, een fusie van
Sigur Rós en múm, en je komt al
een beetje in de buurt van waar deze fantastische Canadees mee
bezig is. ‘Special Forces’ is een geweldig debuut, en we hopen dat
dit nog maar het begin is van een prachtige carrière…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf − 4 =