Alexander




Het verhaal van Alexander de Grote, die op z’n dertigste al heerser
was over het grootste deel van de gekende wereld, is er één dat
altijd door problemen geplaagd werd wanneer Hollywood er z’n tanden
in zette. In de jaren zestig sloeg Richard Burton al een
modderfiguur met z’n geblondeerd pagekopje, recent nog moest Baz
Luhrmann z’n pogingen opgeven om het leven van de Griekse
vechtersbaas te verfilmen. Oliver Stone kwam wél met een nieuwe
versie naar huis, maar het resultaat is eerlijk gezegd niet om over
naar huis te schrijven. Net als megaflop ‘Troy’ verleden jaar, is ‘Alexander’ immers
weinig meer dan een bombastische, opgezwollen poging om de
gloriedagen van ‘Ben-Hur’ en ‘Spartacus’ te doen herleven. Pompeuze,
ellenlange monologen waarin de goden worden aangeroepen (“Bij
Apollo! Bij Zeus! Bij de zoete adem van Aphrodite!”), immense
veldslagen die helaas zo rommelig in beeld zijn gezet dat je met de
beste wil ter wereld niet kunt uitmaken wie wie is, en een
homo-erotische ondertoon waarvan Stone hoopt dat wij die risqué
zullen vinden – dat zijn de ingrediënten waarmee Stone z’n potje
kookt. Net als Wolfgang Petersen vorig jaar, heeft hij goed gekeken
naar z’n voorgangers (zeer notenswaardig ‘Braveheart’ en ‘Gladiator’), maar hij faalt al evenzeer oml
het genre terug tot leven te roepen.

Colin Farrell speelt Alexander, zoon van koning Philippus (Val
Kilmer) en koningin Olympias (Angelina Jolie), die rond 350 voor
Christus aan de macht komt, na de moord op zijn vader. Alexander
besluit een oude droom van Philippus waar te maken: het veroveren
van een koninkrijk dat zich in het oosten uitstrekt tot aan het
einde van de wereld. Hij verzamelt zijn legers en begint aan zijn
tocht door woestijnen, sneeuwvlaktes en jungles, waarbij hij
onderweg elk volk dat hij tegenkomt o zo genadevol aan zich
onderwerpt en een tiental Alexandriës sticht. De jarenlange
campagnes gaan echter steeds meer vergen van zijn mannen, en na een
tijdje begint het te rommelen in Alexanders rangen: ze vinden dat
het genoeg is geweest, ze willen naar huis. Alexander moet zich
plots hoeden voor een muiterij.

In het verleden kon je Oliver Stone van veel beschuldigen, maar
nooit dat hij saai was, of dat hij niet wist hoe hij z’n verhaal
moest vertellen. En toch is het daar waar hij ditmaal in de fout
gaat: Stone zit met een massieve hoeveelheid historisch materiaal
dat hij er in drie uur doorheen moet jagen en aangezien hij geen
flauw idee heeft hoe hij dat moet aanpakken, grijpt hij terug naar
een oude, beproefde methode. Hij introduceert een verteller
(Anthony Hopkins als een stokoude Ptolomaeus), om ons alles uit te
leggen waar hij geen plaats voor vindt in de film zelf. In plaats
van te tonen, wat nochtans de bedoeling is van een film, begint hij
te expliqueren. Als het niet Hopkins is die een veel te lange,
pompeuze monoloog mag afsteken (bij Toutatis!), dan is het wel
Alexander zelf (“Wie geen angst heeft, sterft nooit!”) of zijn
moeder Olympias (“Ik heb mijn wraak in mijn schoot gedragen!”). Het
leven van Alexander bevat gewoon meer informatie dan Stone weg mee
kan zonder in droog gedoceer te vervallen.

De gaten in het scenario zijn trouwens ronduit bizar: na een
inleidend half uur over Alexanders jeugd, gaat Stone terug naar
Anthony Hopkins die het publiek ervan op de hoogte stelt dat
Philippus vermoord werd, dat Alexander koning werd en aan een
veroveringstocht begon die hem tot aan Babylon bracht. Niets
daarvan wordt getoond. Maar dan, ongeveer acht uur later, wanneer
we een heel stuk verder zitten in het verhaal, krijgen we plots een
flash-back waarin we de moord op Philippus wél te zien krijgen. Is
er een speciale reden waarom Stone die breuk met de chronologie
heeft ingelast? Als dat zo is, u mag me altijd mailen, want ik zou
het begot niet weten.

Zelfs de actiescènes zijn een teleurstelling. Er zitten maar twee
grote veldslagen in de film, en hoewel Stone zichtbaar z’n best
doet om de strategieën daarvan inzichtelijk te maken voor het
publiek, met gebruik van overzichtsshots vanuit het standpunt van
een overvliegende arend en ondertitels genre: “rechterflank –
beginpositie”, slaagt hij er uiteindelijk niet om meer van z’n
actiescènes te maken dan een chaotische bende. Twee immense massa’s
stormen op elkaar af, stof vliegt op, bloed spettert rond en elke
zin voor strategie gaat daarmee meteen verloren. Ongeveer vijf
minuten na het einde van de actiesequenties komen we gewoonlijk wel
te weten wie er gewonnen heeft – op het moment zelf heb je er het
raden naar.

Colin Farrell doet z’n best als Alexander, maar aangezien zijn
personage zo geschreven is dat hij zich louter uitdrukt in
plompverloren geplaatste tirades, kan hij nauwelijks anders dan
regelmatig toegeven aan de houterigheid van de rol. De vaak
gepubliceerde homoseksualiteit van Alexander valt overigens ook
nogal tegen: hij en zijn vriend Hephaestion (Jared Leto), wisselen
smeulende blikken en protserige liefdespraat (bij Phallus!), maar
geven elkaar wanneer puntje bij paaltje komt niet eens een zoen. Op
het hoogtepunt van de erotische spanning tussen hen beiden, geven
ze elkaar een knuffel.

Val Kilmer is beter als Philippus, hoewel hij in feite weinig te
doen heeft. De échte ster van de show is Angelina Jolie, die hier
hilarisch over de top gaat als Olympias. Jolie speelt de rol als
kwam ze net weggelopen uit een Halloween-special: ze loopt continu
rond met een tros van tien slangen om haar nek en laat haar
tongpunt r rollen alsof ze meedingt voor een rol in een goedkope
vampierenfilm. (Olympias tegen Alexander: ‘Yourrr soul is
miiine!’
) Zet de razzie maar al koud, bij Asterix!

Stone heeft zich laten overweldigen door het gegeven, denk ik. Hij
wist simpelweg niet hoe hij dit verhaal moest vertellen en dus is
hij maar teruggevallen op de clichés die ook al niet werkten in
andere flops in hetzelfde genre. Het resultaat is een praterige,
langdradige film met houterige personages en verwarrende
actiescènes. Nog een geluk dat Jolie meedoet, zo valt er tenminste
af en toe nog wat te lachen, bij Geert Hoste!

NB: Wil iemand Vangelis eindelijk eens afschieten, aub? Zijn score
voor ‘Alexander’ is naar goede gewoonte weer voldoende om elk
normaal mens huilend van miserie naar huis te sturen. Bring me
the head of Vangelis,
en wel nu!

http://alexanderthemovie.warnerbros.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − 10 =