Priest


Regisseur Antonia Bird moet toch hebben geweten waar ze mee
bezig was toen ze ‘Priest’ maakte. Een drama over een homoseksuele
priester? Mét relatief expliciete seksuele scènes? En een nevenplot
over een veertienjarig meisje dat misbruikt wordt zonder dat de
priester in kwestie haar kan helpen vanwege het biechtgeheim? Dat
is vràgen om een controverse en die kwam er dan ook. De filmmakers
werden fel aangevallen door de katholieke kerk, de paus sprak zijn
afkeur uit en al wie zich graag liberaal wilde noemen nam uiteraard
stelling in vóór de film. Tien jaar later is ‘Priest’ grotendeels
vergeten, een zoveelste titel die stof staat te verzamelen in een
donker hoekje van de videotheek. Maar vergis u niet, dit is en
blijft een opmerkelijke film.

Linus Roache speelt priester Greg Pilkington, een jonge,
idealistische man van God die naar een arme wijk van Liverpool
wordt gestuurd om samen met pastoor Matthew Thomas voor het
zieleheil van de parochie te zorgen. Thomas is een onconventionele
figuur, om het zacht uit te drukken – zoals Tom Wilkinson hem
neerzet, schijnt de man voortdurend op een enorme, borrelende bron
woede te zitten. Evenzeer sociaal werker als priester, predikt hij
vanuit zijn spreekgestoelte over maatschappelijke ziektes zoals
armoede, werkloosheid, apathie en verslaving. Erg subtiel is hij
niet, maar hij slaagt er wel in door te dringen tot de mensen –
doorgaans juist het soort mensen dat niet veel boodschap heeft aan
subtiliteit.

Pilkington, die graag volgens de regels speelt, begint ermee het
gedrag van Thomas af te keuren, maar naarmate de tijd vordert,
krijgt hij steeds meer waardering voor diens aanpak. De priester
zelf heeft namelijk ook zo z’n pekelzonden: hij is heimelijk
homoseksueel en wanneer door omstandigheden een stiekeme relatie
tussen hem en een andere man in de openbaarheid komt, is Thomas de
enige die nog van hem wil weten.

Dat is het centrale conflict in ‘Priest’, die in essentie kan
worden teruggevoerd tot de zwakte van het vlees tegenover de wil
van de geest. Bird vult dat gegeven thematisch aan met een
nevenplot over de 14-jarige Lisa, die misbruikt wordt door haar
eigen vader. Pilkington kan er niets van zeggen aangezien ze het
hem vertelde tijdens de biecht, maar haar vader komt erachter dat
ze heeft zitten babbelen. Tijdens de meest ambigue scène in de hele
film zien we hoe die man Pilkington komt opzoeken en niet alleen
weigert om berouw te tonen, maar zich zelfs ontpopt als een
spreekbuis voor incestueuze vaders overal ten lande. Pilkington mag
geen seks hebben, ook al doet hij er niemand kwaad mee en zou hij
er God niet minder door kunnen dienen. Lisa’s vader doet het wél,
maakt er het leven van z’n eigen dochter mee kapot, maar de kerk is
machteloos om hem tegen te houden.

Die thema’s zijn er tijdens de voorbije tien jaar niet minder
actueel op geworden. Nu er steeds meer gevallen van pedofilie
binnen de kerk bekend worden, wordt er steeds openlijker getwijfeld
aan het nut en de rede achter het celibaat. Zoals gezegd wordt
tijdens de film: “Het celibaat is een door mensen opgestelde regel,
het staat nergens in de bijbel.” Het is erg makkelijk om te beweren
dat de gelofte van kuisheid nu eenmaal een soort van spelregel is
als je geestelijke wil worden, iets waar je vrijwillig voor kiest,
maar dat is buiten de eenvoudige realiteit gerekend. Wat ‘Priest’
zegt, is dat het perfect mogelijk is om je leven aan God te willen
geven, om met alle goeie bedoelingen je geloften af te leggen, maar
dat je de werkelijkheid daarmee niet kunt ontlopen. Want onder die
soutane blijf je nog altijd een man.

‘Priest’ is geen aanval op het katholieke geloof, het is een
aanval op de katholieke kerk, dat zijn twee verschillende dingen.
In theorie is de kerk als instituut ontworpen om het woord van
Jezus op een georganiseerde manier uit te voeren in de wereld. In
de praktijk zien we dat vaak anders gebeuren, met een kerk die
jarenlang geen andere prioriteit had dan haar gelovigen dom te
houden om de gevestigde orde te handhaven. Kijk naar films als
‘Daens’, ‘The Magdalene Sisters’,
zelfs Costa Gavras’ vreselijk éénzijdige film ‘Amen’. Lees over de
rol die de kerk heeft gespeeld tijdens de Tweede Wereldoorlog. Of
veel eenvoudiger, denk eens aan de laatste keer dat de paus zich
heeft uitgesproken over condoomgebruik of homoseksualiteit. Hoe
valt dat te rijmen met een leer die van a tot z haar oorsprong
beweert te vinden in liefde? Al die wantoestanden zijn niet het
gevolg van een religie, maar van de manier waarop die teksten
worden geïnterpreteerd door feilbare mensen, ten prooi aan evenveel
hebzucht, ijdelheid, naijver en haat als ieder ander. Als film is
‘Priest’ ongetwijfeld manipulatief en ongenuanceerd in z’n oordeel
– de conclusie van de prent is schijnbaar dat indien de kerk al
iets positiefs weet te verrichten in de maatschappij, dat gebeurt
ondanks de regels, niet dankzij de regels. Verricht door mensen die
de regels breken. Ik veronderstel dat het Birds goed recht is om
die stelling in te nemen, maar dan had ze wél de eerlijkheid
kunnen opbrengen om een menselijk gezicht op de kerkvaders te
plakken. Alle geestelijken buiten priesters Greg en Matthew zijn
onverbiddelijke smeerlappen van venten, die met ijzige gezichten
steenharde oordelen vellen – vergéét de vergiffenis die Jezus
predikte, dit is de kerk en in de kerk houden ze niet van nichten.
Ik kan mij voorstellen dat er inderdaad maar weinig sympathie zou
bestaan voor een man als Greg Pilkington (kijk maar wat er met onze
eigen homo-priester is gebeurd in Vlaanderen), maar de figuren die
hier worden opgevoerd, grenzen vaak op het randje van het
karikaturale.

Voor het overige is ‘Priest’ evenwel een zeer krachtige film,
die – zeg nu maar wat je wilt – op z’n minst de moed heeft om z’n
standpunten duidelijk te maken. Neem bijvoorbeeld de biechtscène of
een magistraal moment waarin Greg al z’n frustraties eruit flikkert
in één lange monoloog gericht aan een crucifix. Manipulatief? Reken
maar van yes. Goeie cinema? Jawel.

Linus Roache is volkomen geloofwaardig in de hoofdrol, een man
die walgt van zichzelf maar zichzelf ook niet kan veranderen. Tom
Wilkinson heeft het makkelijker als priester Matthew, met een rol
die er specifiek op geschreven lijkt om af en toe de show te komen
stelen. Hij is het soort priester die z’n eigen gelovigen met
donderstem de kerk uit jaagt indien ze geen medeleven kunnen tonen
aan een zondaar als Greg. Met dat soort rol moét je wel scoren.
Robert Carlyle zien we hier in een vroeg (lees: pre-‘Trainspotting’) rolletje als de minnaar van
Greg.

‘Priest’ is een goed gemaakt, onderhoudend drama, dat geen
minuut te lang duurt en gedragen wordt door uitstekende
acteerprestaties. De discussie over het celibaat en de hypocrisie
van de kerk is er niet door opgelost, maar het kan geen kwaad dat
dit soort van producties af en toe verschijnen – kwestie van het
debat een beetje levendig te houden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf + zeven =