Life of Brian




Eén van de zinnetjes die altijd verbonden zullen blijven aan
deze tweede officiële film van de Monty Python-groep, is de
volgende quote: “Ik hoef niet in een varkensstal binnen te gaan om
te weten dat het er stinkt”. Woorden die werden gesproken door de
geestelijke vaders van het Britse Devon, die hun kudde verboden om
naar ‘Life Of Brian’ te gaan kijken. Zelf hadden ze hem niet
gezien. De Pythons gebruikten dat citaat uiteindelijk op de
videocover. 25 jaar later valt het moeilijk te begrijpen waar
destijds zo’n drukte om werd gemaakt, maar toen was er schijnbaar
een enorme furore rond de film – in Noorwegen en Ierland werd hij
zelfs verboden tot vele jaren later, wegens vermeende
blasfemie.

‘Life Of Brian’ is niet zozeer een satire op de figuur Jezus
Christus of het katholieke geloof, als wel op de manier waarop de
kerk functioneert en hoe elke organisatie – of die nu een politieke
of religieuze agenda hebben – vroeg of laat hopeloos komt vast te
zitten in bureaucratie en besluiteloosheid. Brian, gespeeld door
Graham Chapman, wordt geboren in de stal nààst die waar Christus
ter wereld komt. Hij groeit op onder het juk van z’n tirannieke
moeder en wil niet liever dan dat iedereen hem met rust laat, maar
dat is buiten de joodse bevolking gerekend, die door een serie
misverstanden en stupiditeiten ervan overtuigd raakt dat hij de
Messias is. Brian kan hen niet van het tegendeel overtuigen en het
gevolg spreekt dan ook voor zich: kruisiging. Aan het kruis horen
we hem ‘Always Look On The Bright Side Of Life’ zingen. Wat moet
een mens anders doen?

Tegenwoordig is er van de hele controverse niets meer
overgebleven dan wat archiefbeelden die nog maar eens bewijzen
hoezeer de kerk haar macht over de samenleving heeft verloren. Dàt
en een film die onderhand een klassieke status heeft gekregen, als
één van de beste komedies aller tijden. Heelder dialogen worden
door de fans foutloos afgerateld – Monty Python is een begrip in de
wereld van humor en satire en op veel vlakken is dit hun beste
film.

‘Monty Python and the Holy Grail’ zal waarschijnlijk altijd mijn
persoonlijke favoriet blijven, simpelweg omdat er meer
dijenkletsers inzitten, meer momenten waarop je écht hardop kunt
lachen. Maar ‘Life Of Brian’ bevat ontegensprekelijk meer samenhang
als film. De plot is uiteraard niet meer dan een excuus om een
aantal sketches aan elkaar te kunnen knopen, maar deze keer mérk je
dat niet zo duidelijk. Het verhaaltje gaat wel mooi van punt a naar
punt b, en wordt ditmaal nergens expliciet stopgezet om toch maar
een extra grap in te kunnen werken. In ‘The Holy Grail’ en ‘The
Meaning Of Life’ was dat wel het geval. Hier heeft elke scène nog
z’n eigen functie, dient elke scène een nut binnen de structuur van
de film.

De reden waarom zoveel mensen van Monty Python houden, is
wellicht omdat ze in hun humor het hele spectrum bespelen van
schaamteloos goedkope, wansmakelijke toilethumor tot intelligente
grapjes waar je al wat geschiedkundige of filosofische achtergrond
voor nodig hebt. Niets is te hoog gegrepen en niets te laag gemikt.
Denk aan het verschil tussen een vrolijk infantiele sequens waarin
tientallen Romeinse soldaten hun lach kunnen inhouden bij het horen
van de naam Biggus Dickus. Of aan het spraakgebrek vàn die Biggus
Dickus (He wanks as high as any in Wome!). Dat is
kinderachtig, onnozel. Maar wel grappig. En daar tegenover staan
dan scènes waarin de clou van een mop de correcte verbuiging van
een Latijnse zin is, of de transseksuele gevoelens van een joodse
vrijheidsstrijder anno 33. (En dat laatste voorbeeldje kunt u best
bekijken vanuit de context van 1979, toen deze film gemaakt werd –
dat onderwerp was toen nog vrijwel onbestaande.)

Op die manier wordt ‘Life Of Brian’ iets dat universeel bekeken
kan worden, zonder dat de film daarom z’n verstand moet inleveren.
De Pythons geven immers wel degelijk commentaar op een aantal
zaken, zoals de manier waarop leiders gedachtenloos gevolgd worden
door een hersenloze massa die niet liever wil dan dat een ander
voor hen nadenkt. Brian wordt onophoudelijk gestalkt door een
meute, die zelfs wanneer hij hen “fuck off” toeroept, antwoordt
met: “How shall we fuck off, oh Lord?”

Een ander aspect dat aan bod komt is de schijnbaar
onvermijdelijke inefficiëntie van alle organisaties. Het People’s
Front Of Judea, het georganiseerd verzet tegen de Romeinen,
spendeert heelder vergaderingen aan de vraag of ze wel een
vergadering zullen organiseren. Alles moet bevestigd worden door de
leiders, vervolgens moet er gestemd worden, maar niet voordat er
een stemming is geweest over de vraag óf er een stemming moet
komen. Wanneer Brian op het einde aan het kruis hangt, zijn ze niet
zover gekomen in de onderhandelingen dat ze hem zouden kunnen
helpen. Ze zingen dan maar een liedje voor hem.

Satire zit er dus zeker in, maar dan eerder op een
maatschappelijk niveau. De manier waarop de basisplot rijmt met het
leven van Jezus, lijkt mij eerder een soort van motor achter de
film te zijn, een manier om een duidelijke rode draad doorheen de
film te laten lopen, die ervoor zorgt dat alles steeds vooruit
blijft gaan. Uiteindelijk wordt de naam Jezus niet één keer in de
mond genomen in de hele film en zijn leer wordt niet bekritiseerd
of belachelijk gemaakt.

Hoe het ook zij: religieuze controverses komen en gaan. Maar
one-liners zoals: “He’s not the messiah, he’s a very naughty
boy!”,
die blijven eeuwig bestaan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien + acht =