Die Another Day

Je kunt veel zeggen van ‘Die Another Day’, de twintigste editie
in de James Bondreeks, maar niet dat regisseur Lee Tamahori z’n
eigen materiaal te serieus zou nemen. Ter gelegenheid van Bonds
jubileum, haalden de makers alles uit de kast om toppen van
hilariteit te scheren die ongekend waren sinds de tijden van Roger
Moore. Je zou dat vreemd kunnen noemen, gelet op het feit dat de
Brosnanfilms ooit vertrokken waren vanuit het principe dat de
avonturen ruwer en meer down to earth gehouden zouden
worden, maar de Bondformule nodigt nu eenmaal uit tot overdrijving
en hoe comfortabeler de makers in de reeks zitten (een gevestigde
Bond, de vorige film was een hit), hoe minder behoefte ze voelen om
daar tegen in te gaan. Tamahori (ooit regisseur van het uitstekende
‘Once Were Warriors’, voor hij z’n ziel verkocht), laat zich alvast
helemaal gaan, en refereert daarbij zo dikwijls mogelijk naar de
vorige films. Of hij nu probeert om daarmee de eerste
meta-Bondfilm te creëren of gewoon de flauwe plezante wil
uithangen is me niet helemaal duidelijk. De bekendste verwijzing is
natuurlijk die naar ‘Doctor No’: Halle Berry als Bondgirl
Jinx duikt op uit de zee, net zoals Ursula Andress dat deed in de
allerleerste aflevering. Zelfs de bikini is van hetzelfde model.
Maar ook andere films passeren de revue: ‘Goldfinger’, ‘The Spy Who
Loved Me’, ‘Thunderball’ etc… Yup, Tamahori heeft ze
allemaal gezien en daar is hij schijnbaar trots op.

De steeds clowneskere fratsen beginnen ditmaal met onze
favoriete geheim agent die een corrupte Noord-Koreaanse generaal
(klinkt een beetje als: een gedrogeerde vrouwelijke bodybuilder,
maar goed) op het spoor komt, die wapens verhandelt aan
Zuid-Afrikanen in ruil voor diamanten. Bond wordt gevangen genomen
na een helse achtervolging, en veertien maanden lang gemarteld door
sadistische bewakers. Krijgen we de obligatoire titelsequens,
ditmaal met een song van Madonna die met ‘For Your Eyes Only’ en
‘The Man With The Golden Gun’ concurreert voor de prijs van
allerslechtste Bondsong ooit.

Enfin. Bond wordt ten slotte vrijgelaten in ruil voor een
gevangene van de andere kant. Hij ontdekt dat iemand binnen MI-6
hem heeft belasterd – zelfs M twijfelt aan zijn loyaliteit. Bond
moet ontsnappen aan zijn eigen mensen om via goed ogende locaties
als Cuba, Londen en Ijsland achter de waarheid te komen. Een
waarheid die ons naar genetische ziekenhuizen voert waar mensen het
eeuwige leven toegediend krijgen. Naar een megalomane
zakenman/avonturier die – en is dàt niet origineel! – de wereld wil
veroveren. Naar een volledig uit ijs opgetrokken hotel waar voor
het einde van de film uiteraard nog net genoeg van zal overbijven
om Bonds whisky on the rocks te maken. En zelfs naar een
ruimtetuig dat de grens tussen Noord- en Zuid-Korea de vernieling
in kan blazen.

Tamahori verwijst dus terug naar alle clichés die de Roger
Moore-films zo futloos maakten, maar hij voegt daar wel het soort
van hyperkinetische actie aan toe waar het playstation-publiek
tegenwoordig aan gewend is geraakt. Voor het eerst wordt er gebruik
gemaakt van CGI, met resultaten die minder dan spectaculair zijn.
Let vooral op de surfscène hier, een staaltje kwakkel-special
effects dat de Bondreeks onwaardig is.

De regisseur probeert de reeks daarmee de 21ste eeuw
binnen te leiden, door zowel terug te kijken naar verleden als de
toekomst te anticiperen zoals hij die ziet – het soort van actie
waar je met razende hoofdpijn dreigt buiten te komen, een verhaal
dat die naam nauwelijks waard is en – modernisering alom – zelfs
een seksscène. In plaats van enkel het moment before en
het moment after, krijgen we Brosnan en Berry, zij het nog
zo bescheiden, te zien tijdens de daad. James Bond krijgt z’n
eerste orgasme in veertig jaar. Dat moet deugd doen. Maar met al
dat wordt ‘Die Another Day’ een erg schizofrene film, die enerzijds
de traditie wil eren en zelfs een onzichtbare auto introduceert om
toch maar archetypisch Bond te zijn, maar anderzijds het soort van
actie gebruikt waar de echte Bondfan waarschijnlijk geen boodschap
aan heeft.

Misschien is ‘Die Another Day’ wel een soort van paniekreactie
geweest van de producenten, die opmerkten dat andere films steeds
verder gingen in hun effecten en in het reduceren van hun verhalen
tot het strikt noodzakelijke, en dan maar hetzelfde wilden doen.
Telkens wanneer Bondfilms teveel probeerden om andere films na te
lopen, is het misgegaan, met als meest flagrante voorbeeld
‘Moonraker’, die een graantje wilde meepikken van de science
fiction rage van toen. En hier gebeurt hetzelfde: ‘Die Another Day’
wil eigenlijk heel graag ‘xXx’ zijn, of een andere high
octane
actiefilm die zich niks aantrekt van de ouderwetsere
structuur van de typische Bondfilm. Tamahori probeert dan ook om de
conventies van de Bondfilm in het keurslijf te dwingen van de
recentere actiefilm, en het resultaat is een erg geforceerde prent
die nooit spannend weet te worden, maar ons om het hoofd slaat met
computergegenereerd geknal zonder doel. Het einde van de jaren
negentig en het begin van de jaren 2000 waren immers dé hoogdagen
van Jerry Bruckheimer (hoewel die sinds ‘Pearl Harbor’ op z’n minst
een kein beetje aan invloed lijkt te hebben ingeboet), en het is
die richting dat ‘Die Another Day’ probeert uit te gaan, zonder
succes.

De acteurs doen wat ze kunnen. In dit soort van materiaal is het
eigenlijk een irrelevante vraag of je kunt acteren of niet – je
kunt enkel proberen om je gezicht te redden en boven de onzin van
het script uit te stijgen, iets wat zowel Brosnan als Halle Berry
vrij goed lukt. Maar goed, dat blijft een druppel op een hete
plaat. ‘Die Another Day’ valt onmogelijk serieus te nemen, en is
zodanig rommelig als actie-komedie dat ermee lachen ook niet
meevalt.

Het is jammer dat Brosnan, nochtans een goeie Bond, hiermee
afscheid moest nemen. Maar net zoals dat eerder al het geval was,
liet dit einde in mineur wel de deur open voor nog maar eens een
film die het hele concept een reboot moest geven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − 17 =