Supertramp :: Slow Motion

De Britse hitmachine die in de jaren ’70 met The Logical Song, Breakfast in America en It’s Raining Again enkele nummers produceerde die je nog steeds laten grijnzen van genot, bestaat nog steeds en heeft warempel een nieuwe cd uitgebracht. De groep heeft evenwel een interessante metamorfose ondergaan.

Dat de twee kopstukken en oprichters van de superband, Rick Davies en Roger Hodgson, nogal eens in de clinch lagen wegens hun verschillende — maar toch behoorlijk complementaire — muzikale ingevingen, is genoegzaam bekend. Halverwege de eighties verliet Hodgson het gezelschap dan ook, misnoegd over de jazzy richting die de rest van Supertramp wilde inslaan. Hij zette eigenzinnig zijn solocarrière verder, wat enkele interessante maar koel ontvangen langspelers opleverde zoals In the Eye of the Storm en Open the Door: zeer melodieus, etherisch, aangrijpend, maar in het geheel voorbijgestreefd.

Rick Davies en de zijnen hadden de tijdsgeest beter ingeschat. In ’97 verraste Supertramp Nieuwe Stijl met Some Things never change, een heerlijke verzameling van lange, kabbelende jazz-popnummers. Ontdaan van alle bombast van weleer is ook de nieuwe cd, Slow Motion. Het titelnummer zegt het helemaal: de heren muzikanten klinken alsof ze vanuit hun luie zetel spelen, of drijvend op een matras in het zwembad. Niet dat er nonchalant wordt gespeeld, integendeel: een kurkdroge, precieze sound lijkt wel het nieuwe handelsmerk geworden van het achttal (waarvan de meesten nog steeds met lange haren, baarden, en zwarte hemden in de broek).

Leek het nieuwe Supertramp op haar vorige cd de hoge stem van Hodgson nog te willen recupereren door ook toetsenist Mark Hart te laten zingen, neemt Davies nu alle vocals voor zijn rekening. Niet dat daarmee elke brug met het verleden wordt opgeblazen: in enkele nummers herkennen we letterlijke citaten (zowel tekstueel als muzikaal) uit nummers van vervlogen decennia, zoals de harmonicamelodie uit "School". Ook weerklinkt het retro elektrische pianootje meermaals. Het is merkwaardig hoe de groep handig ontsnapt aan al te melancholische, hoogdravende ouderdomsverschijnselen à la ELO of Pink Floyd, en juist vol ironie en zelfspot een nieuw hoofdstuk schrijft dat alle vorige relativeert en overstijgt.

Bluesy maar toch nog steeds zo naïef als de pest. Street jazz met een verrassend melodieuze toets. Verdrietig met de glimlach. "If we’re gonna go, we’re gonna go in style / Isn’t that what life is all about?" Vanaf nu doen wij het ook in slow motion.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 + zes =