De achtenveertigjarige actrice, scenarioschrijfster en regisseur Jeanne Herry – dochter van de gevierde Franse ster Miou-Miou en singer-songwriter Julien Clerc – verwierf vooral naambekendheid met Je verrai toujours vos visages uit 2023. De stilistisch eerder onopvallende maar degelijke ensemblefilm handelde over het zogeheten herstelrecht dat aan slachtoffers en daders van misdrijven de kans biedt om in een veilige omgeving met elkaar in dialoog te treden. Daarmee wist Herry op adequate wijze een belangrijk sociaal thema aan te snijden, wat de cineaste meerdere César-nominaties opleverde.
Haar nieuwste prent Garance schopte het vervolgens tot in de officiële competitie van het wereldvermaarde filmfestival in Cannes. Garance deelt dezelfde naam met het op het witte doek onsterfelijk geworden personage waaraan de legendarische Arletty anno 1945 gestalte gaf in Les Enfants du Paradis, maar afgezien van een kleine knipoog naar deze film stopt verder iedere vergelijking met dit invloedrijke meesterwerk van Marcel Carné.
Verspreid over een periode van acht jaar volgt Herry een jonge vrouw uit Parijs die tracht aan de bak te komen als actrice maar de controle verliest door haar overmatig drankgebruik. Garances onweerstaanbare drang naar alcohol brengt niet alleen haar loopbaan uit evenwicht maar beïnvloedt ook haar persoonlijke relaties.
Films over mensen die te diep in het glas kijken om hun demonen te bestrijden, zichzelf de vernieling in te zuipen of verwoede pogingen ondernemen om de drank voorgoed af te zweren zijn er bij de vleet: van Billy Wilders The Lost Weekend over Leaving Las Vegas van Mike Figgis, tot het vrij recente The Outrun met Saoirse Ronan. Niettegenstaande Garance met deze laatste eenzelfde vrouwelijk perspectief deelt, is de film weinig vernieuwend en blijft die veilig binnen de begrenzingen en het verwachtingspatroon van dit soort cinema.
Waar Garance echter makkelijk had kunnen vervallen tot een melodramatische sof, weet Jeanne Herry haar film gelukkig toch relatief goed te beheersen en de voor de hand liggende valkuilen te ontwijken. Alhoewel Garance op een zeer traditionele manier is in beeld gezet – met een camera die bijna voortdurend in de directe nabijheid van het titelpersonage blijft – overstijgt de wat repetitieve prent toch de ‘probleem van de week’-film. Dat heeft zeker deels te maken met de grondige research die de cineaste verrichtte ter
voorbereiding van de film. Ze verdiepte zich in het onderwerp via literatuur, het beluisteren van podcasts en door in gesprek te gaan met een jonge alcoholiste die openhartig vertelde over haar herstelproces – maar Garance zette Herry tevens aan om te graven in haar eigen verleden.
Anderzijds is het realistisch kader dat wordt geschapen zonder meer ook te danken aan de sterke vertolking van Adèle Exarchopoulos, wiens carrière een hoge vlucht nam met het ophefmakende La Vie d’Adèle en die eveneens te zien was in het reeds aangehaalde Je verrai toujours vos visages. Haar rol, die gelukkig nooit afglijdt tot een wandelende karikatuur, vormt het kloppende hart van de film. Exarchopoulos’ fysieke expressie geeft haar personage een authentieke uitstraling en schenkt aan het materiaal een zekere emotionele draagkracht, zonder dat dit alles teveel wordt aangedikt of uitvergroot.



