In 2018 brak Bi Gan internationaal door met Long Day’s Journey Into Night. Sinds die triomf kostte het hem niet minder dan zeven jaar om deze opvolger klaar te hebben. In ruil voor die lange wachttijd, krijgen we al die jaren later een uiterst ambitieus project dat niets minder probeert dan een bespiegeling te zijn over de (Aziatische) filmkunst zelf en dat doet op een gedurfde manier.
De plot van het honderdzestig minuten tellende Resurrection speelt in een toekomst waarin de mensheid de sleutel tot eeuwig leven gevonden heeft: men mag niet meer dromen. Wie dat wel doet, sterft, maar heeft dan wel de rijkdom van dromen … dromen zoals bijvoorbeeld film die kan schenken. Bij het begin van het in hoofdstukken opgedeelde verhaal, strikt een agente een zogenaamde ‘dromer’ in een als een poppenhuis opgezette opiumkeet, een eerste voorproefje van de visuele hoogstandjes die zullen volgen. Doorheen de dromen van de gevatte rebel (Jackson Yee) – die in zijn bochel een filmprojector meedraagt – spint Gan vervolgens de verschillende luiken en verhalen van zijn film, en verkent Resurrection de internationale en Chinese filmkunst – van de gebroeders Lumière tot Jia-Zhangke – gesteund door allerlei referenties en verwijzingen. Zo is de proloog vooral beïnvloed door stille cinema, terwijl het eerste deel dan weer put uit misdaadfilms en ‘noir’ (inclusief een ode aan The Lady From Shangaï van Orson Welles). Elk van die stukken legt ook een bijzondere nadruk op gehoor, tastzin of zicht … In interviews stelde Bi Gan zelf dat hij wou nadenken over de manier waarop film indrukken nalaat en hoe mensen die absorberen. Het is op zijn minst een bijzonder interessant gegeven en zeker tijdens de eerste drie kwartier van Resurrection, worden er ongelooflijk creatieve tableaus gekoppeld aan al die ideeën.
Tijdens het middenuur moet het gezegd dat de film af en toe wat aan spankracht dreigt te verliezen (een euvel dat eigenlijk ook al Long Day’s Journey Into Night een beetje tekende). Een aantal delen zijn ietwat lang uitgesponnen en af en toe lijkt het hele opzet wat aan focus te verliezen, waardoor de kijker het gevoel krijgt een beetje verloren te lopen in de veelheid aan ideeën een concepten.
Los van die paar inzinkingen, is dit evenwel een voltreffer op zowat alle vlakken: visueel, narratief en thematisch. Gan slaagt er met deze Resurrection in om een uiterst ambitieus opzet ook helder en doeltreffend te vertalen naar film en levert daarmee meteen zijn beste werk tot nog toe af.



