Willy Vandersteen – De familie Snoek – Integraal 1

'De familie Snoek' behoort tot Willy Vandersteens eerste en toen succesvolste reeksen. Het volkse karakter van de strip geeft een mooi beeld van het Vlaanderen na de de Tweede wereldoorlog, zelf al voelen de meeste grappen nu flauw en belegen aan.

Willy Vandersteen mag met recht en rede de vader van de Vlaamse strip genoemd worden. Niet alleen heeft hij met Suske & Wiske de langst lopende (sinds 1945) en meest succesvolle Vlaamse stripreeks aller tijden gecreëerd – eind januari verschijnt deel 409 Bolhoed Bik – maar bouwde hij ook een heuse studio uit waarbij hij naast zijn succesreeks een heleboel andere reeksen (21 in totaal) lanceerde die daarna door andere medewerkers verder uitgewerkt en opgevolgd werden. De enige reeks die hij zelf nooit uit handen gaf en zelfs bij testament liet vastleggen dat ze niet verder gezet mocht worden, is De Geuzen (1985-1990).

Toch is dit niet de enige reeks die geen andere tekenaar en verhalenverteller kende dan Vandersteen. Tijdens zijn beginjaren toonde hij zich immers al als een naarstige werker die meer dan één ijzer tezelfdertijd in het vuur liggen had. Nadat hij tijdens de oorlogsjaren Piwo, het houten paard, opgestart had, bedacht hij kort erna twee nieuwe reeksen: Suske en Wiske (in het eerste verhaal nog met Rikki, de broer van Wiske) en De familie Snoek. Piwo werd kort na de oorlog en amper drie verhalen al afgevoerd (ze verschenen gebundeld in 1993), terwijl ook Rikki in het tweede album Op het eiland Amoras (de ‘Op’ werd in latere edities weggelaten) vervangen werd door Suske. Eind 1945 verschijnt in de krant niet alleen dit tweede album, maar duikt ook De Familie Snoek op in de kranten, waarbij meteen een belangrijk verschil tussen deze en de andere twee toenmalige reeksen van Vandersteen opvalt. Want waar Suske en Wiske (en Piwo) een langer verhaal vertelt met de nodige cliffhangers en spanningsboog, is De Familie Snoek een gagreeks die slechts heel losjes met haar verhaallijnen omspringt en de grap centraal stelt.

In 1945 worden zowel De avonturen van Rikki/Suske en Wiske als deze van De familie Snoek eerst in de krant De Gids en daarna ook in De Nieuwe Standaard gepubliceerd. Na het nodige (juridische) getouwtrek wint De Nieuwe Standaard het alleenrecht op publicatie in 1947. Vandersteen kiest hierbij eieren voor zijn geld omdat de krantenuitgever voor een belangrijk deel ook de gelijknamige boekhandel in handen heeft. Om zijn beide reeksen te populariseren, aarzelt hij niet om zijn personages in elkaars verhalen te laten figureren. Zo wordt Tante Sidonia de doopmeter van de kinderen van dochter Gaby Snoek terwijl Lambik in verschillende beroepen opduikt in enkele gags alvorens in De sprietatoom (1948) te debuteren. Omgekeerd mocht de familie Snoek af en toe een achtergrondrol opnemen in onder meer Op het eiland Amoras (1947), De witte uil (1949) en De snorrende snor (1957).

Ook in de eerste strippublicaties wordt geregeld reclame gemaakt voor de albums uit de andere reeks die of net verschenen zijn of op het punt te verschijnen staan. Opvallend genoeg kent de verkoop van het eerste album van De familie Snoek een groter succes dan Op het eiland Amoras met een uitverkochte eerste druk van 5000 exemplaren. Met de publicatie van de volgende twee Suske & Wiske-verhalen wordt dan ook niet alleen reclame gemaakt voor het tweede Snoeksalbum, maar ook voor een herdruk van het eerste. De familie Snoek zal finaal wel de duimen leggen voor Suske en Wiske qua verkoopcijfers, een reeks die door haar dagelijkse publicatie sowieso ook een hoger aantal delen kent. In 1954 houdt De Familie Snoek er voor een eerste maal mee op, waarbij de gags in elf delen gebundeld zijn. Een korte heropleving volgt in 1969-1972 waarbij de tekenstijl niet alleen gemoderniseerd wordt maar naast Vandersteen ook andere medewerkers aan de reeks werken (onder andere Merho). Doordat de reeks verschijnt in het televisieblad TV Ekspres is ze niet alleen in kleur maar wordt ook geregeld een link gelegd met de toenmalige populaire televisiereeksen.

Decennialang is De Familie Snoek enkel via beduimelde tweedehandsexemplaren te lezen, tot De Standaard Uitgeverij in 2004 de eerste elf delen in harde kaft opnieuw uitbrengt. Ongetwijfeld gevoed door nostalgie en haar cultstatus is de herdruk zonder meer succesvol te noemen en gaan de boeken (de reeks gaat vergezeld van een beeldje van pater familias Leonard Snoek) online voor stevige prijzen van de hand. Dat Standaard Uitgeverij in haar reeks Integrales nu ook De Familie Snoek opneemt, is vanuit zowel commercieel als striphistorisch oogpunt dan ook niet meer dan normaal. De vraag is echter of de reeks ook werkelijk de tand des tijds doorstaan heeft en of bijna tachtig jaar na haar eerste verschijnen de capriolen van Snoek en de zijnen nog werkelijk grappig zijn, dan wel niet meer dan een achterhaald en misschien wel pijnlijk tijdsbeeld dat bol staat van ouderwetse ideeën over in de eerste plaats de rol van man en vrouw in de samenleving. De uitgeverij lijkt zelf zoveel al in te schatten door een waarschuwing mee te geven dat niet alleen de toenmalige spelling behouden is, maar dat de reeks ook in zijn tijdsgeest gelezen moet worden.

Met dat laatste valt het overigens best wel mee, want veeleer dan beledigend (tenzij voor overgevoelige zielen) kan eerder opgemerkt worden dat de humor vaak vooral belegen en flauw is. Meer zelfs: in een aantal grappen nemen Leonard Snoek en zijn schoonzoon Stan Steur (die debuteert in 1946) de klassieke vrouwenrol op zich (koken en poetsen) zonder dat dit op zichzelf de grap is, het is hun geklungel dat voor de lach zorgt. Dat de familie Snoek met vader en moeder Leonard en Marie, volwassen dochter Gaby en jonge zoon Sloeber een oervlaams gezin is, vormt niet meer dan een houvast en kader dat toelaat meer excentrieke gebeurtenissen en karakters te introduceren. Want ook al leest de humor vaak gedateerd en flauw, er spreekt bij Vandersteen wel degelijk een openheid naar anderen toe.

Hedendaagse lezers zullen dan ook hoogstens nu en dan eens grinniken bij het lezen van De familie Snoek Integraal 1. Het album is hierdoor in de eerste plaats een mooie erkenning van Willy Vandersteens talent en werkkracht. Daarnaast vormt het feit dat de oorspronkelijke taal en tekenstijl behouden blijft (de eerste Suske en Wiske-verhalen zijn in nieuwe drukken hertekend) een verstandige keuze, net omdat Vandersteens eerste, volkse teken- en vertelstijl een uniciteit heeft die hij met het oog op een grotere markt (Nederland) verliet voor een meer klare, afgelijnde en commerciëlere stijl. De familie Snoek geeft, net als de oorspronkelijke eerste Suske & Wiske-verhalen, een volkse kijk op het Vlaanderen van kort na de oorlogsjaren, waarbij deze gagstrips in het bijzonder een mooi tijdsbeeld geven dat zich niet laat lenen voor een vertekende, nostalgische romantisering of ongefundeerde demonisering van het verleden.

Tot slot nog een kleine opmerking. Hoewel de integrale ervoor gekozen heeft om de strips chronologisch te bundelen en vermeldt welke uitgaves in dit deel opgenomen zijn, heeft ze hierbij de titels opgenomen zoals gebruikt in de heruitgave van 2004 en niet die van de originele reeks. Dat bij de heruitgave voor een aantal andere titels gekozen is, wordt ironisch genoeg duidelijk dankzij de uitstekende inleiding die onder meer een achterflap opgenomen heeft van een album waarbij de dan laatste beschikbare albums van zowel Suske & Wiske (albums 26-39) als de hele reeks van De Familie Snoek (5) opgenomen zijn.

7
Standaard Uitgeverij
Sjakkelien Vollebregt

recent

Roncha & Chillow :: Juste D’Echte

En u? Wie wil u rond uw bed zien...

Maxim Osipov :: Kilometer 101

Dat zelfs op al onschadelijk gemaakte dissidentie nog steeds...

Porcelain id :: Bibi:1

Ook wij moeten er soms aan herinnerd worden dat...

Ronker :: Slow Murder

Daar zijn ze dan terug. Na de openingspunch van...

Talking Heads: Stop Making Sense

De techniek staat niet stil, nostalgie verkoopt. Het digitaal...

aanraders

Maxim Osipov :: Kilometer 101

Dat zelfs op al onschadelijk gemaakte dissidentie nog steeds...

Barbara Skarga :: Na de Bevrijding – Aantekeningen over de goelag, 1944 – 1956

‘Men zou er zo luid over moeten schreeuwen dat...

Philipp Blom :: De onderwerping

De natuur, een gebruiksinstrument? Wie nagaat hoe de mens...

verwant

Willy Vandersteen :: Robert en Bertrand integraal 2

Nog geen seizoen geleden verscheen, eindelijk, een integrale uitgave...

Willy Vandersteen :: Robert en Bertrand integraal 1

In de integrale-rage is het de beurt aan een...

Willy Vandersteen :: De Rode Ridder – De Biddeloo jaren 2-3

In 1969 lijkt het lied van Johan, de Rode...

Suske en Wiske :: De Blauwe Reeks deel 1

Standaard Uitgeverij geeft de Blauwe Reeks van Suske en...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in