Where is Anne Frank

Ari Folman maakte naam met de animatieprenten Waltz with Bashir en The Congress, beiden films die overladen werden met prijzen en waarmee de in Israel geboren regisseur zich kroonde tot een van de grote namen op het wereldtoneel van de animatiefilm. Acht jaar na zijn laatste langspeler – jaren vooral gevuld met scenariowerk voor televisie – keert Folman eindelijk terug met het ondertussen alweer veelgeprezen Where is Anne Frank.

Het is uiteraard verre van de eerste keer dat het dagboek van het Joodse meisje Anne Frank dat ondergedoken leefde in het bezette Amsterdam van de vroege jaren negentienveertig, als inspiratie dient voor een film. De beste versie blijft die van George Stevens die met zijn verfilming uit 1959 de demonen van zich af filmde die hem achtervolgden sinds hij met zijn camera de bevrijding van Dachau meemaakte. Anders dan die voorganger, baseert Folman zich dit keer echter niet rechtstreeks op het beroemde dagboek. Where is Anne Frank legt de focus op Kitty, de ingebeelde vriendin van Anne aan wie ze haar schrijfsel richtte. Dit fictieve personage gaat nu in het moderne Amsterdam op zoek naar haar vriendin – ze denkt dat die nog leeft, terwijl wij weten dat Anne Frank helaas stierf in een van de vernietigingskampen – en die zoektocht wordt doorsneden met fragmenten uit het verhaal van Anne zelf.

Zoals altijd bij Folman is de animatie onberispelijk, al is ze dit keer bij momenten – zoals de Amerikaanse criticus Jason Gorber ook al opmerkte – wel sterk schatplichtig aan het werk van Gerald Scarfe voor Alan Parkers Pink Floyd – The Wall: in de gezichtsloze dreigende nazi-figuren die Folman opvoert, is het niet zo moeilijk de iconografie uit die film te herkennen.

Veel minder geslaagd is de enerverende didactische toon die Where is Anne Frank tekent. Anne en Kitty voeren imaginaire gesprekken en die hebben helaas vaak wel heel veel weg van een saaie geschiedenisles. Nadat Anne heeft uitgelegd hoe de Joodse bevolking zondebok werd, vraagt Kitty ‘ik begrijp het niet, waarom de Joden?’ waarna er nog een hele lectuur volgt of minderheidsgroepen. Het is allemaal heel stichtend, maar zorgt ook voor een film die meer uitleg geeft dan verbeeldt. Dat geldt dubbel voor de wat opzichtige pogingen om de lotgevallen tijdens WO II, expliciet te koppelen aan hedendaagse vluchtelingen in Europa. Helemaal te ver gaat een werkelijk beschamend slechte scène waarin twee politieagenten omslachtig aan Kitty uitleggen hoe ‘Anne Frank overal is en mensen hoop geeft’, door haar te wijzen op theaters, bruggen en een ziekenhuis genoemd naar het verdwenen meisje.

Eigenlijk is er niks dat echt werkt in deze Where is Anne Frank: de structuur die heen en weer snijdt tussen Kitty’s zoektocht, flashbacks en fantasie stokt voortdurend, de dialogen zijn zo nadrukkelijk illustratief dat dit meer een lezing dan een film lijkt en alle subtiliteit en gevoel voor (visueel) drama die bijvoorbeeld Folmans Waltz with Bashir kleurden, zijn hier volkomen zoek. Het resultaat is een film met zeer nobele bedoelingen die helaas geen seconde weet te boeien en nooit uitstijgt boven een zwak uitgewerkt concept.

Helemaal aan het eind is er een moment dat laat zien hoe sterk dit alles had kunnen geweest zijn wanneer de tocht naar de gaskamer herdacht wordt als een stuk Griekse mythologie … alleen is dat ‘too little too late’ om deze teleurstellende productie nog te redden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen + veertien =