The Serpent

The Serpent is in België te zien op Netflix. De regie van dit achtdelige misdaaddrama over de Franse seriemoordenaar Charles Sobhraj was in handen van onze Belgische Hans Herbots en de Britse regisseur Tom Shankland.

Dat Herbots beklijvende fictie kan maken, bewees hij al met De Behandeling. Ik was zestien toen die film in 2014 uitkwam en hoewel ik als puber een oogje had op Geert Van Rampelberg, durfde ik de film pas kijken toen ik tweeëntwintig was. Ik ben dus een heel makkelijk slachtoffer voor thrillers, zeker als het om waargebeurde feiten gaat. De trailer van de reeks over de werkelijk bestaande bikinimoordenaar moest ik dus ook even verwerken, vooraleer ik ze  aandurfde.

The Serpent begint ijzersterk. De makers weten de sfeer van de jaren zeventig stijlvol terug te brengen en de luchthavengrafiek past perfect bij de draaistijl en inhoud van de reeks. Sobhraj’s handelsmerk is zijn slachtoffers drogeren en als kijker voel je je ook bedwelmd. De serie kruipt onder je huid en is zo spannend dat ze je ook na het kijken niet loslaat. Hoewel het als Nederlandstalige kijker van in het begin heel raar aanvoelt dat een Belgische en Nederlandse diplomaat in Thailand geen Nederlands, maar Engels spreken onder elkaar, kan je dat de makers aanvankelijk daarom nog vergeven.

Dit is een Britse reeks die misschien voor een meer internationale uitstraling wilde gaan, maar het is toch wel echt een gemiste kans – zeker met een Belgische/Nederlandstalige regisseur aan boord – dat ze geen Vlaamse en Nederlandse acteur gecast hebben voor de rollen van Paul Siemons (Tim McInnerny) en Herman Knippenberg (Billy Howle). De twee Britse acteurs hebben hoorbaar hard aan hun accent gewerkt, maar Howle’s pogingen om Nederlands te spreken zijn gewoon gênant. De makers leken het bovendien ook voor andere rollen moeilijk te hebben om goede acteurs te casten. Enig soelaas komt van Tahar Rahim en Jenna Coleman, die wel degelijke vertolkingen neerzetten.

De coproductie tussen Netflix en BBC scoorde enorm goed bij het grote publiek. De premisse van de fictiereeks sluit dan ook helemaal aan bij het doelpubliek van de streamingdienst dat de laatste jaren true-crimedocumentaires en -films gretig verslindt op het platform. Doordat je als kijker weet dat het om waargebeurde feiten gaat, kijk je anders naar de gruweldaden. Je leeft ontzettend hard mee met de slachtoffers en je hart klopt bij momenten echt uit je keel terwijl je vurig hoopt dat de backpackers weten te ontsnappen. The Serpent piekt echter te vroeg. Na een aantal afleveringen is de spanning eraf en dat zou niet mogen, want de daden van Sobhraj blijven afschuwelijk. Er treedt een soort gewenning op. Je bent als kijker niet meer verwonderd of aangedaan, omdat je al weet wat er komt. Je kijkt van niks meer van op en verliest langzaam interesse.

Dat dat gebeurt,  ligt vooral aan het scenario. Dit verhaal kon duidelijk in minder dan acht afleveringen verteld worden. Als die er dan toch zijn, is er meer nodig om te blijven boeien en is het toch echt noodzakelijk verhaallijnen ook af te maken. Zoals de structuur nu voorligt, voelen de laatste afleveringen aan als volkomen overbodig. Door de focus op Sobhraj brengen die immers gewoon meer van hetzelfde en van personages van wie je de verdere levensloop net wel wilde zien, blijf je op je honger zitten. The Serpent grijpt bij de start naar de keel en zou je eigenlijk niet meer mogen loslaten, maar hoe angstaanjagend de eerste episodes ook zijn, The Serpent verliest de grip elke aflevering een beetje meer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeven + 1 =