Cruella

De fanatieke Disney-fans zullen er niet wakker van liggen, maar al wie zich daar buiten rekent zal zich wel het hoofd schudden bij de zoveelste live-action herinterpretatie van een klassieker.  Zo lang de kassa blijft rinkelen kan je het Walts imperium ook moeilijk kwalijk nemen maar origineel zijn dat soort films zelden, getuige daarvan de compleet overbodige remakes van onder andere The Lion King en Aladdin.  De origin story van de booswicht uit 101 Dalmatiërs is echter een ander beestje dan we gewoon zijn.  Het bezit vast en zeker het Disney-DNA, maar door de speelse aanpak van Craig Gillespie (I, Tonya) is het allemaal ook verassend rock ’n roll.

De jonge Estella, blijkbaar geboren met het intussen iconische zwart-witte kapsel, wordt gepest op school en kan dat door haar aangeboren rebels karakter enkel met geweld oplossen (een klasgenootje druipt af met een volledig bebloed t-shirt).  Haar moeder Catherine (Emily Beecham) besluit om met haar naar Londen te verhuizen om hopelijk daar met een schone lei te kunnen herbeginnen.  Hiervoor stopt ze onderweg eerst bij haar kille en extreem narcistische ex-bazin The Baroness (Emma Thompson) om financiële steun te vragen.  Catherine zal het zich snel beklagen want haar verzoek wordt allesbehalve warm onthaald en ze laat uiteindelijk het leven na een diepe val van een klif.  Estella moet als wees op haar eentje verder naar de grote stad, waar ze onder de hoede genomen wordt door straatboefjes Jasper en Horace.  Gillespie neemt aan het begin van de film ruim te tijd om al deze personages te introduceren in een lange Scorsese-achtige sequens, compleet met voice-over van het hoofdpersonage, snelle montages en ondersteund door een hele reeks blues-, rock- en popklassiekers.  Een paar jaar later komt Estella, dan gespeeld door Emma Stone (La La Land, The Favourite), aan een baan in het modehuis van The Baroness, een droom die ze al van kindsbeen af koestert.  De ambitie om aan de top te geraken krijgt plots een extra boost als ze op een dag de halsketting van haar overleden moeder rond de nek van The Baroness spot.  The game is on!

Wat volgt is niet enkel een onderhoudende en bij momenten hilarische ‘heist’ om het sierraad terug te krijgen, maar ook een aaneenschakeling van pogingen om gaandeweg The Baroness definitief van haar troon te stoten als absolute modekoningin.   Gillespie bewees eerder met I, Tonya dat hij dat soort honger naar status met de nodige attitude en humor kan overbrengen, al is het hier natuurlijk zonder de schunnige taal.  Zowel Stone als Thompson storten zich vol overgave op hun rol, soms lichtjes over-the-top, maar in dit soort karikaturale vertelling stoort dat allerminst.  Integendeel, veel humor vindt daarin net zijn oorsprong.  Ook de bijrollen, waaronder vooral Paul Walter Hausers’ Horace, zijn genietbaar maar het zijn de twee Emma’s die duidelijk de show stelen.  Vooral Thompson is met haar Norma Desmond-achtige attitude ronduit briljant.  De rivaliteit tussen de twee modekoninginnen past ook perfect in de jaren ’60 en ’70-setting van de film.  The Baroness is van een oudere generatie en is sterk afhankelijk van haar jongere personeel, waaronder vooral Cruella, om relevant te blijven in het snel evoluerende wereldje.  De sixties zorgden met de plotse opkomst van bands als The Beatles, The Kinks en The Who voor een ware schokgolf die natuurlijk ook zijn impact had op cultuur en bij uitbreiding de modewereld.  Cruella heeft echter door haar jonge leeftijd een stapje voor en maakt bijgevolg ook makkelijker de transitie naar de punkscene die daar plots voor de deur stond terwijl de jaren ’60 amper voorbij waren.  Haar stijl is dan ook gewaagder, vooruitstrevender en eerder Vivienne Westwood dan pakweg Dior of Yves-Saint-Laurent.  Kostuumontwerpster Jenny Beavan, die nog niet zo lang geleden haar eindeloze creativiteit mocht botvieren in Mad Max: Fury Road, weet dat contrast met veel inventiviteit te weerspiegelen in haar jurken (je moet geen modeliefhebber zijn om de vindingrijkheid van de vuilniswagen-jurk te appreciëren).  Ook qua beeldvoering is het vaak genieten dankzij het uitstekende werk van onze landgenoot Nicolas Karakatsanis (Rundskop, I, Tonya).  Zowel tijdens de defilé’s, als tijdens een ritje met Cruellas’ iconische Panther De Ville door de straten van Londen is zijn camerawerk altijd dynamisch en nagenoeg perfect in framing. 

Toegegeven, de film duurt met 134 minuten iets te lang en de plotwendingen vervallen vaak in de gekende clichés, maar een Disney-productie die ‘sympathy for the devil’ vraagt, rebels zijn een beetje durft te promoten en dat dan ook nog doet op de tonen van The Stooges, The Doors en The Clash, scoort sowieso al extra punten. 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien + 10 =