Kaja Draksler & Terrie Ex

21 februari 2020 Les Ateliers Claus, Sint Gillis

Hé, daar heb je Terrie Ex weer. Amper drie weken nadat hij met het kwartet Mudskipper een robuuste, explosieve set speelde in Het Bos, is de veteraan van The Ex terug in het land. Deze keer met pianiste Kaja Draksler, die een hele tijd deel uitmaakte van de Amsterdamse scene, maar recent verkaste naar Kopenhagen. Ze stelden hun eerste duoplaat The Swim voor.

Die plaat had je al een beetje kunnen voorbereiden op wat je horen zou. De combinatie Ex/Draksler houdt misschien weinig steek op papier — hij is een autodidact met wortels in de punk, zij een geschoolde pianiste die bij voorkeur rondhangt in het gebied waar hedendaagse muziek en improvisatie overlappen — maar werkte tijdens een eerste tournee en opname wonderwel, en dat zou ook nu het geval zijn. De twee speelden een compacte set die uitblonk in openheid, zich regelmatig afspeelde op fluisterniveau en soms iets had van een kinderlijke verwondering in een onbekend klankenland.

Voor Draksler betekende dit dat ze een groot deel van de set rechtstond om bezig te zijn in de buik van de piano. Eerst met een klankschaaltje, om resonerend geluid voort te brengen, daarna regelmatig met een assortiment stokken, die op en tussen de snaren belandden, net als metalen voorwerpen. Daardoor kreeg je het natuurlijke geluid van pianoaanslagen weinig te horen. Wat er wel was: percussie, gemanipuleerde, gedempte, vervormde klanken, waardoor het regelmatig leek alsof er elektronica aan te pas kwam.

Ex van zijn kant nam er alle tijd voor. Zacht wiegend bewoog hij de gitaar heen en weer, het leek wel alsof hij het aanzwellende geluid er uit zat te wringen. Vervolgens werd het instrument zachtjes betast en bepoteld, wreven de handen over het hout, kwamen er kappende karateslagen aan te pas. En voorwerpen natuurlijk: een drumstok, koffiekop, schroevendraaier, drumvel, schaaltje, knikkers. Allemaal bestanddelen van een voortdurende transformatie van geluid. De kenmerkende explosies waren zeldzaam, al kreeg je wel die oprispingen, even onverwacht als gewaagd. Tourette, maar dan op een gitaar, klaar om de boel op stelten te zetten.

Het was echter geen partijtje loef afsteken of de boel zitten jennen. Draksler en Ex speelden een spel van aantrekken en afstoten, waarbij toch meer de nadruk lag op het eerste, met een cadans die vaak gelijk opging, met een opeenvolging van percussieve prikken en langere klankgolven die overgenomen werden, net als een densiteit en openheid. Een cyclisch pianopatroon liep parallel met een repetitief gitaarmotief. Ontregeling over vijf snaren werd beantwoord door bruuske intervallen, geschraap over de vloer met bevreemdende productie in de pianobuik. Pianogedruppel in dialoog met droge gitaartikjes.

Meest van al herinnerde deze duo-performance misschien wel aan een dansvoorstelling, met muzikanten die zich in allerlei bochten wringen (in Ex’ geval letterlijk), het podium verkennen, schijnbewegingen maken, langs en met elkaar wentelen en cirkelen, en uiteindelijk weer op hun startposities belanden. Altijd onvoorspelbaar, zelfs in de toegifte, met Draksler die even ballade-terrein leek op te gaan, weliswaar met een hoekigheid die een beetje naar Monk hintte, en Ex die zijn ideeën beperkte tot een absoluut minimum. Het was vrijheid van de soort waar je moeilijk een vinger op kon leggen en al helemaal geen vertrouwd systeem in kon vinden, maar die niettemin steek hield door die combinatie van instinct, verbeelding en instrumentbeheersing.

Vóór het duoconcert was er nog een performance van het kwartet Nuits: Emilie Skrijelj (accordeon, mini-synth), Tom Malmendier (drums), Thomas Coquelet (synth) en Stéphane Clor (contrabas). Zij speelden een bezwerende, minimalistische set met veel aandacht voor uitvergrote effecten (Skrijelj die haar instrument gebruikte als brommende percussiebox), wringende klanken (de bas die voortdurend met de strijkstok bewerkt werd) en vrij subtiele, organische ingrepen en omkadering van Coquelet en Malmendier. Het viertal bewoog al snel als een organisch geheel, verkennend in een elektro-akoestische wereld waarmee ze aansloten bij de favoriete speelzone van heel wat artiesten op het Creative Sources-label, om helemaal in de finale nog een exotische tint te krijgen door Malmendiers fluit.

Ex is in april terug met Lean Left, het kwartet met Andy Moor, Ken Vandermark en Paal Nilssen-Love. Op 16/4 spelen ze in Het Bos (Antwerpen), op 18/4 in KAAP (Brugge).

Meer foto’s van Laurent Orseau HIER.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 1 =