The Peanut Butter Falcon

Tijdens deze laatste week van het jaar 2019 wordt op de valreep nog The Peanut Butter Falcon onder onze kerstboom gelegd. De film kwam tot stand toen regisseurs Tyler Nilsen en Michael Schwartz een jonge Zack Gottsagen ontmoetten en deze zijn droom uitte om filmster te worden. Klinkt als een prachtig sprookje en dat is ook wat het regisseursduo en Gottsagen er van gemaakt hebben: een schitterende film over een jonge gast met het Downsyndroom die zijn droom najaagt om een professionele worstelaar te worden.

Zak, een 22-jarige met het Downsyndroom, doodt zijn tijd bij gebrek aan geschiktere opvanglocaties in een bejaardentehuis en droomt ervan om worstelaar te worden, naar zijn grote voorbeeld ‘The Salt Water Redneck’. Tyler (Shia Lebeouf) is een aan lager wal geraakte illegale visser die op de vlucht moet voor een bende gevaarlijk tuig aan wie hij een smak geld verschuldigd is. Zak en Tylers paden kruisen elkaar en voor je het weet vormen de twee – die op het eerste zicht niets met elkaar te maken hebben – een prima op elkaar ingespeeld duo. Een scenario dat behoorlijk klef kan smaken en waarvan je denkt dat je er zo al een honderdtal gezien hebt? Mogelijk, maar dan toch niet helemaal zoals The Peanut Butter Falcon.

The Peanut Butter Falcon is de eerste fictie langspeler die het regisseursduo draait en bovendien verwezenlijken ze met het draaien van deze prent de grote droom van acteur Gottsagens. De gretigheid en de hunker naar avontuur spatten dan ook van het scherm. De toon  die gezet wordt in deze film die met zijn combinatie van herkenbare menselijke drama’s, de schoonheid van eenieder en de behoorlijk hilarische avonturen van een roadmovie, valt nog het best te vergelijken met die in Little Miss Sunshine en laat het duidelijk zijn dat dat een behoorlijk groot compliment is.

Het samenbrengen van een jongeman met het syndroom van Down enerzijds en een op de rand van de marginaliteit balancerende ‘redneck’ visser lijkt in eerste instantie als een tang op een varken te staan. De taal die beiden spreken blijkt echter schier identiek: geen omwegen, geen mooie woorden. Beiden zeggen wat in hun opkomt en behoorlijk snel blijkt  dat prima te werken. In wezen zijn ze immers hetzelfde:  ‘two bandits on the run’ schreeuwt Tylers personage bijna uit van blijdschap wanneer hij daar zelf ook achter komt. Zak vindt in Tyler voor het eerst een vriend die hem niet behandelt als een kind. Sprekend is de scène waarin Zak aan Tyler ‘bekent’ dat hij het Syndroom van Down heeft waarop Tyler nogal kortaf antwoordt dat ‘m dat niets kan schelen. Behoorlijk botte reactie, maar voor Zak zijn die woorden echter o zo bevrijdend. Tyler heeft aan Zak op zijn beurt een vriend die hem onvoorwaardelijk steunt en gelooft in zijn goede aard. Waarom Tyler het daar zelf moeilijk mee heeft, wordt duidelijk gemaakt in een aantal flashbacks, die gelukkig net kort genoeg van duur en karig in aantal zijn en zo nét genoeg vertellen, zonder dat ze aanvoelen als een onvakkundig opgedrongen zwarte vlek op de ziel van het personage.

Over de naturel manier waarop Gottsagen zijn personage neerzet – dat erg nauw aanleunt bij zichzelf – werd al in menige media  gretig met lof gestrooid, maar ook Shia Lebeoufs vertolking verdient dergelijke lof. Omwille van een aantal erg ongelukkige carrièrekeuzes zoals een troep Transformersmiskleunen of een ontzettend tegenvallende Indiana Jones, werd Lebeouf het type acteur waar al graag wat minachtend over gedaan werd gedaan. Sinds enkele jaren zagen we hem echter in een aantal gedurfdere keuzes zoals Nymphomaniac (I & II) of American Honey – herinner je nog de Shia Lebeouf die met een soort rattenstaart door het leven ging – en leek zijn carrière de goede kant op te gaan. Laten we afspreken dat dit nu met The Peanut Butter Falcon definitief bevestigd is. Aanvankelijk zien we hem nog amper spelen onder zijn ver over zijn ogen getrokken pet, maar geleidelijk laat Lebeouf zijn personage meesterlijk openbloeien, op aangeven van zijn makker Zak.

Het centrale verhaal van deze twee outlaws wordt bovendien prachtig in beeld gebracht in die unieke setting waar de film zich afspeelt: de moerassen en die Outer Banksrivier, waarin de grens tussen rivier en zee vervaagt, zijn zo sterk aanwezig in bijna elk shot en laat de twee hoofdpersonages helemaal verdwijnen in het natuurlijke decor. Prachtig zijn ook de tableaus wanneer de camera een afstand neemt en het bizarre duo helemaal opgaat in het riet en het water van die overdonderende omgeving. Qua beeld doet de prent wat  denken aan Mud, eveneens een prachtig in beeld gebrachte film over een bizarre vriendschap waarvan het verhaal ook niet los van zijn unieke arena kon worden gezien. Een vrij voor de hand liggende Americana soundtrack voelt hier bovendien niet cliché aan, maar ondersteunt het verhaal op een sobere manier, zonder te veel de emoties te dicteren.

Het opzet van de film, hoe krankzinnig ook, rolt behoorlijk naturel van het scherm en je hebt er weinig tot geen moeilijkheden mee om te geloven dat deze personages elkaar in de geschetste omstandigheden tegenkomen en zelfs beslissen samen verder te gaan. Ook een pluim op de hoed van de regisseurs die soms tegen een aantal zorgvuldig opgebouwde publieksverwachtingen ingaan. Ze weten exact hoe sterk ons brein erop afgesteld is om bij bepaalde sfeerscheppingen heel exacte verwachtingen te hebben. Die verwachtingen worden een aantal keren vakkundig onderuit gehaald, net zoals het personage Zak, een aantal verwachte reacties op gedragingen zo subliem onderuit haalt door de onbevangenheid van zijn personage. Wat die geloofwaardigheid betreft, wordt er naar het einde toe misschien wel net iets te veel geëist van onze ‘suspension of disbelief’. Zo zijn de keuzes van Dakota Johnsons personage soms iets moeilijker te geloven en ook de manier waarop het nevenpersonage Sam (Jake Roberts) in de laatste akte in het verhaal wordt verweven om plots nog een extra ‘bad guy’ te hebben, toont dat de scenaristen wat kunstgrepen uit hun pen moesten toveren om het verhaal rond te krijgen. Maar ach, dat zijn kleine voetnoten bij een film die je achterlaat met een ontzettend brede glimlach. Bovendien wens je het duo, na zo’n heftige avonturen in dat brakke water, graag hun zeemzoete einde toe. Het leven gaat immers niet over hoe en wanneer je sterft, maar  ‘about getting them to tell good stories about you when you’re going’. Dankjewel om ons daar nog even aan te herinneren Shia.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

16 + zestien =