Manolo Cabras Quartet :: Melys In Diotta

Sinds hij meer dan tien jaar geleden werd geadopteerd door de Belgische jazzscene, heeft de Italiaanse bassist Manolo Cabras (1971) zich opgewerkt toch het typevoorbeeld van een muzikant die zijn kennis van de jazztraditie aanwendt in functie van meer avontuurlijke jazzmuziek. Met zijn gloednieuw kwartet presenteert hij nu een eerste album, waarop de vruchten van die jarenlange consequente aanpak eindelijk worden geplukt.

Cabras is eigenlijk een beetje zoals een Limburger in Leuven: hij is na zijn studies blijven plakken. Na opleidingen in Cagliari en Siena, kwam de Italiaanse bassist naar onze contreien afgezakt en settelde zich na enkele semesters aan het conservatorium in Den Haag in 2003 uiteindelijk in Brussel. Ondertussen speelde hij een cv bij elkaar dat als een symbiose van traditie en avontuur leest: van concerten met Toots Thielemans, Ferdinand Povel en Enrico Rava tot een samenwerking met de Franse saxofoniste Alexandra Grimal en duurzame engagementen in de groepen van Ben Sluijs en Manu Hermia. De 45-jarige Italiaan weet zich daardoor net zo goed te handhaven binnen een rondje standards als in het soort jazz waarin composities vooral als kapstok dienen om stevige improvisaties op te hangen. Het is net die veelzijdigheid die hij op zijn eerste kwartetplaat als bandleider gepast weet uit te spelen.

Hoewel men hem in verschillende contexten wel eens de knuppel in het hoenderhok kan zien gooien, is Cabras zeker geen iconoclast. Hij lijkt zich het best te voelen wanneer de lijn wordt gevierd, maar niet geheel wordt losgelaten. Misschien daarom dat ook zijn eigen composities op Melys In Diotta meestal vrij sterk zijn gestructureerd. Af en toe is dat behoorlijk conventioneel, zoals in het naar alle kanten swingende “E.S.D.A.” dat ons aan het oude werk van Chick Corea herinnert, maar in “E La Nave Và” is het zicht op de onderliggende fundamenten bijvoorbeeld al wat waziger. De ritmesectie speelt hier een mooi spelletje met trompettist Jean-Paul Estiévenart, door afwisselend het ritme af te bakenen en vervolgens enkele maten de frasering van de trompet te volgen. De solo’s van Estiévenart en pianist Nicola Andrioli (al jarenlang een trouwe gezel van Philip Catherine) zijn bovendien aan elkaar verwant omdat ze telkens terugkeren naar dezelfde melodische beweging.

Piano en trompet worden niet geheel onverwacht naar voren geschoven in de meeste tracks. Zowel Estiévenart als de vingervlugge Andrioli zijn gerenommeerde solisten en met hen heeft Cabras dan ook belangrijke troefkaarten in handen, wat in “Uncle Stevie” wordt geïllustreerd onder een sobere, maar erg dankbare begeleiding van Cabras en drummer Marek Patrman. Het zijn van die solo’s die je als luisteraar meeslepen, haast ongemerkt optillen en je enkele ogenblikken later in een andere hoek van de kamer neerzetten. Maar ook in de donkere romantiek van “Lena” of “Inevitabilmente” voelen de solisten zich als een vis in het water en maken de virtuoze toeren plaats voor attent samenspel en verfijnde bijdragen, wat een van de sterke punten van dit kwartet blijkt te zijn.

De plaat mist af en toe wat spankracht omdat sommige tracks eerder onopvallend voorbij kabbelen en er qua dynamiek niet altijd veel beweging is (al kan dat laatste ook een productioneel issue zijn). Dat is een beetje het geval met opener “Melys In Diotta”, dat weliswaar met een leuk idee aanvat (een strenge reeks pianoakkoorden) maar zich daarin uiteindelijk een beetje vastrijdt omdat het net iets te weinig opwinding biedt. Het lijkt wel alsof het kwartet te voorzichtig is op sommige momenten en dat het potentieel – dat hier duidelijk aanwezig is – daarom niet altijd wordt benut. Maar de groep heeft natuurlijk altijd nog de kans om ons in een concertsituatie van het tegendeel te overtuigen.

Het overgrote deel van Melys In Diotta is gelukkig meer dan spannend genoeg om de plaat als “geslaagd” te kunnen bestempelen. In combinatie met deze uitstekende muzikanten zit duidelijk muziek, alleen mag die af en toe nog wat feller doorklinken. Laat die bescheidenheid op die tweede plaat dus maar vallen.

Het Manolo Cabras Quartet speelt binnenkort nog releaseconcerten in Mechelen ( op 11 september tijdens Jazz At Home) en op 29 oktober in de Lokerse Jazzklub.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 12 =