Grant-Lee Phillips :: The Narrows

Een verhuis van het zonnige Los Angeles naar Nashville: verandering van spijs doet blijkbaar eten. Op The Narrows, zijn achtste soloalbum ondertussen, krijgen we dan ook een gerevitaliseerde Grant-Lee Phillips te horen. Eentje die op zoek gaat naar zijn roots, zowel op muzikaal als op familiaal vlak.

In de jaren ‘90 leverde Phillips als frontman van het trio Grant Lee Buffalo twee klassieke albums af met Fuzzy (1993) en Mighty Joe Moon (1994). Beide albums zijn ondertussen echter enigszins op de achtergrond verzeild geraakt wanneer men het heeft over de klassieke platen uit het lustrum na Nirvana’s Nevermind. Het was de periode waarin gitaarrock die zich left of the dial bevond even de norm was geworden en alomtegenwoordig was op pakweg Studio Brussel. Met zijn mengeling van roots en alternatieve rock trad Grant Lee Buffalo in de voetsporen van Green On Red en Uncle Tupelo, de grondleggers van wat later alt.country werd genoemd. Na die twee klassiekers bracht de band nog twee albums uit, maar die hadden niet meer de impact van hun voorgangers.

Sindsdien Phillips bracht onder eigen naam regelmatig — gemiddeld eens om de twee jaar — een nieuw album uit. Ondanks een aantal uitstekende platen zoals Mobilize (2001) of Virginia Creeper (2004) verdween hij echter stilaan uit de spots bij het grote – alles is relatief — publiek, een klein rolletje als troubadour in de populaire serie Gilmore Girls niet te na gesproken.

The Narrows is een album dat baadt in warme herfstkleuren. Hoewel het zeker geen donker album is, past het wonderwel bij het melancholische gevoel van dat seizoen. Het is het soort muziek dat je oplegt op een donkere avond, terwijl de regen ongenadig tegen de ruit tikt en de wind de verkleurde bladeren in het rond blaast. Het resultaat is een album waarop de instrumenten de ruimte krijgen om hun bijdrage aan de nummers te leveren. Naast Phillips wordt de band gevormd door Jerry Roe (drums) en Lex Price (bas), met de occasionele gastmuzikant op viool of — noblesse oblige op een rootsalbum — pedal steel. De opnames vonden trouwens plaats in Dan Auerbachs Easy Eye studio’s in Nashville.

De nostalgie druipt van het album af. “Smoke And Sparks”, een song waar Phillips al een tijdje mee zat, werkte hij af toen zijn vader stervende was. Het is een half gesproken/half gezongen afscheidsrede. In het prachtige “Mocassin Creek”, waar een viool subtiel doorheen zwerft, neemt hij je mee naar de geboortestreek van zijn vader in de Ozark Mountains in Arkansas.

Op The Narrows zoekt hij ook aansluiting bij zijn afkomst van de Native Americans. Zowel langs vaders- als langs moederskant vloeit er heel wat inheems bloed door zijn aderen, van de Cherokees, de Blackfoot en de Creek-volkeren. “Cry Cry” handelt over de Trail Of Tears. Tijdens deze dodenmars uit de jaren 1830 werden de inheemse stammen gedelokaliseerd; van hun thuis in het oosten werden ze overgeplaatst naar onbevolkte en onherbergzame gebieden in het westen van het continent (“Kept a’ walkin’ ‘till my feet were bloody / Left everything we knew”). De marimba zorgt voor een pulserend ritme, het ritme van de tocht naar de dood. Een hoogtepunt dat je bij de keel grijpt.

Hoewel het album bijna volledig gekenmerkt wordt door laidback songs (“Holy Irons”, “Find My Way”) wordt er heel af en toe ook flink gerockt. De gitaren mogen wat heviger uithalen in opener “Tennessee Rain” en in “Rolling Pin”, maar toch zorgt een verdwaalde banjo er in dat laatste nummer tegelijk voor dat het ook traditioneel aanvoelt. “Loaded Gun” daarentegen is niet alleen voorzien van verwijzingen naar de stichting van de VS, maar is vooral muzikaal een onweerstaanbare, catchy shuffle.

Het afscheid aan Californië komt op het einde van het album nog even aan bod. In “No Mercy In July” bezingt hij de droogte — en de dramatische gevolgen daarvan — waar zijn voormalige thuisstaat mee wordt geconfronteerd door de opwarming van de aarde. De kracht van de natuur is ook het onderwerp van “San Andreas Fault”: het nummer gaat over de onvermijdelijke vernietigende aardbeving — “The Big One” — die ooit dood en vernieling zal zaaien aan de Amerikaanse Westkust. Muzikaal en qua sfeer roept het herinneringen op aan de Bruce Springsteen van Devils & Dust.

The Narrows is niet het soort album dat je meteen bij de lurven pakt. Het is een — onze excuses voor de dooddoener — groeiplaat die zich langzaamaan met kleine weerhaakjes vastzet. Warm, subtiel, doorleefd. En misschien wel zijn beste werk sinds Mighty Joe Moon

Op 14 oktober treedt Grant-Lee Phillips op in De Roma.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × vier =