El Vy :: 7 december 2015, AB

We zijn hier al enkele keren geweest. Fantastische zaal, fantastische stad”, mijmerde Matt Berninger als openingswoorden in een bomvolle AB, doelend op een aantal legendarische concerten die hij er met The National in 2007 en 2010 speelde. Zo legendarisch werd het niet bepaald met zijn andere band El Vy, dat zich op z’n best echter wel uit die schaduw kon onttrekken.

Want de geest van The National waart uiteraard rond El Vy, twee bands die met Berninger beschikken over een van de meest opvallende frontmannen die deze jaren op een podium kronkelen. Wanneer de groep opent met het slotjuweeltje van op Return To The Moon “Careless”, zou de slechte verstaander toch even naar de broers Dessner kunnen gaan speuren op het podium. En laten we elkaar geen Liesbeth noemen: zonder de geest van die band, had single “Return To The Moon” niet zulke aandacht en ticketverkoop op gang getrokken.

Hoeft ook geen bezwaar te zijn: die debuutplaat van El Vy onderscheidde zich op eigen kracht als een warmbloedige popparel, waarin nostalgie gekoppeld werd aan speelse, uitgekiende arrangementen. Met een Berninger die zich als vanouds blauwe plekken valt op het dunne koord tussen weemoed en waanzin. Die combinatie maakt hem en alles waaraan hij meewerkt het predicaat “intrigerend” waard. Hence ook El Vy.

Toch moest Berninger stilaan oppassen dat zijn sowieso al tot maniërismen verworden gewoontes (de flessen wijn, het verneuken van de microfoonstaanders) niet té potsierlijk werden. Vanavond gaat de handrem wat op. De staander die toch stuk gaat was meer per ongeluk dan met opzet, het eeuwige ijsberen werd niet besloten met een duik in het publiek, de drank bleef in bekertjes, het manische schreeuwen bleef beperkt tot het slotkwartier.

Verfrissend, wat El Vy zo trouwens niet alleen live maar ook op plaat kenmerkt. Brent Knopf werkt zich een uur lang uit de naad en zorgt er met precieze toetsen voor dat op het eerste gehoor vluchtige nummers zich toch met een vleeshaak in hoofd en hart planten: de synthmelodie in “Sleeping Light” bijvoorbeeld, die prachtige opbouw van “It’s A Game”, de uitbarsting op het juiste moment in “Sad Case”, wiens dubbelluik met “Happiness Missouri” live nog beter uit de verf komt.

Ontegensprekelijk is de meerwaarde van El Vy live echter niet. Single “Return To The Moon” ontpopt zich als discostamper, maar voelt ietwat undone doordat de band niet doorgaat op het moment dat de plaatversie ophoudt. Zo wordt de hele plaat redelijk braaf gespeeld, waarin bepaalde nuances beter uit de verf komen en vooral de sterkte van dat debuut duidelijk naar voren komt. Maar die speelsheid van in de studio hield een grotere belofte in zich.

Nu was El Vy veertig minuten nooit minder dan goed, tien minuten ronduit pakkend met “Careless” en uiteraard “No Time To Crank The Sun” — een van dé hartkleppers van dit jaar, een bedeesde toast op het eeuwige niks weten. En ten slotte vijf minuten “leuk”, wat in deze tijden meer dan ooit een eufemisme is voor “oppervlakkig”. Leuk dus, die cover van The Fine Young Cannibals’ “She Drives Me Crazy”, maar Berningers manie en de chaotische coda pasten als een tang op een varken, waardoor je vooral verlangde naar een onschuldig guilty pleasure-momentje met het origineel. Nooit goed.

Volgend jaar gaat El Vy alvast de ijskast in voor een nieuw album van The National. De plaat deed vermoeden dat El Vy meer dan zomaar een zijprojectje kon zijn. Live kon de band rond Berninger en Knopf dat echter niet helemaal bevestigen. Benieuwd of er over twee jaar een return to the moon in zit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × 1 =