Itamar Borochov Quartet :: Outset

Had men ons tien jaar geleden naar Israëlische jazzmusici gevraagd, we hadden er met moeite twee kunnen opnoemen. Vandaag kunnen we ons nog amper een festivalaffiche inbeelden waarop ze niet zijn vertegenwoordigd. Israël is op korte tijd dan ook een van de belangrijkste leveranciers van jong jazztalent geworden en met trompettist Itamar Borochov heeft het alweer een nieuwe naam in de aanbieding.

Hij woont dan wel al bijna tien jaar in New York (zoals zoveel andere jazzmusici met ambitieuze plannen), maar opgroeien deed Borochov in de Israëlische kustplaats Jaffa. Zelf noemt hij die stad een smeltkroes van Joodse, Christelijke en Arabische culturen, waar hij al op jonge leeftijd in contact kwam met muziek van zowel westerse als oosterse oorsprong. Dat zorgde kennelijk voor een breed en divers muzikaal fundament. Op Outset is jazz echter de bepalende factor, terwijl de overige invloeden een myriade van kleuren en accenten vormen.

Ondanks deze exotische toets, houdt Borochov op compositorisch vlak van duidelijke structuren. Geen experimenteel gedoe, maar een helder verloop met afgelijnde thema’s en solomomenten. Zijn band, met Hagai Amir op altsax, broer Avri Borochov op contrabas en Aviv Cohen op drums voelt zich in die context als een vis in het water en komt af en toe ook lekker los. In “Pain Song” zijn zo op de achtergrond al euforische kreten te horen tijdens de solo van Amir, terwijl dat eigenlijk nog een van de minst spannende tracks is. Het feit dat ze in een slepende, weemoedige muzikale context als deze het vuur al aardig weten op te poken, zegt zowel iets over de individuele solistische capaciteiten als over het interactieve aspect.

Het zijn vooral de composities met oosterse en Arabische invloeden die voor leven in de brouwerij zorgen. Borochov weet enkele fantastische melodieën uit zijn hoed te toveren, zoals in het naar klezmer neigende “Bgida”, waarin ritme en metrum bepalend zijn voor de manier waarop zowel Bochorov als Amir hun solo vormgeven. Ze worden daarin versterkt door de stevige accenten van Cohen, die vaak niet veel meer nodig heeft dan enkele aanduidingen op het cimbaal. Even verderop schittert de groep in “Ovadia”, dat zich thematisch als een kruisbestuiving tussen Oost en West profileert dankzij het contrast tussen de grillige en wiegende melodieuze bewegingen. Het uitdagende duet van bas en drums dat het midden van de track siert, kan daarnaast gelden als een van de hoogtepunten op de plaat.

Borochov blijkt een voorkeur te hebben voor tragere tempo’s en ballads. Buiten het stevig boppende “Samsara”, is het op Outset dan ook veelal schuifelen geblazen. Een titel als “Boston Love Affair” zegt wat dat betreft genoeg. Het stuk ademt een cool jaren ’50 sfeertje, waarvan Borochov profiteert om zijn mooie, volle trompetklank uitgebreid te laten fladderen. Ook in “One For Uzi” bevindt het kwartet zich in die zone, maar het stuk kent een opvallende ontwikkeling naar het einde toe, wanneer het thema van opener “Plain Song” plots opnieuw wordt opgepikt en de plaat formeel wordt afgesloten.

Hoewel Outset een 100% studioplaat is, wordt ze gekenmerkt door een stevige live-feel, wat zich vooral uit in de ruwe (soms wat rommelige) klank van de drums. Bochorov wilde dan ook een echte collectieve opname maken in de studio, in tegenstelling tot de praktijk waarbij verschillende muzikanten hun partijen apart van elkaar inblikken. Op dat vlak heeft de man een duidelijke visie en het siert hem dat hij daarvoor risico’s durft te nemen. Het heeft ongetwijfeld ook een positief effect op de eindafrekening.

Op zondag 15 november speelt het Itamar Borochov Quartet in de Hnita-Hoeve in Heist-Op-Den-Berg. Deze keer bestaat de band naast Borochov zelf uit pianist Michael King, bassist Avri Borochov en drummer Jay Sawyer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × vier =