High On Fire :: Luminiferous

Op album nummer zeven van High On Fire staat muziek die zin doet krijgen om als een dolleman op de luchtgitaar te molenwieken, je uitgebreider te laten tatoeëren dan een gemiddeld Yakuza-lid, een anarchistische motorbende op te richten of om gewoon ’s nachts met een stonede kop naar bodybuildingvideo’s op YouTube te kijken.

Mauro Pawlowski schreef het een tijdje geleden in een column: “Onder de douche is het tijd voor “Snakes For The Divine”. Het perfecte nummer om in volle ochtendglorie te ondergaan. Wijdbeens, naakt en ingezeept. Puur krachtvoer. Klinkt als Conan, Thor en de Hulk in een Motörhead tributeband anno 10.000 voor of na Christus – komt zowat op hetzelfde neer. Waarschuwing voor bij het tanden poetsen: bij simultaan gorgelen en headbangen dreigt verstikkingsgevaar.”. De essentie van High On Fire puntig en perfect samengevat.

Dat zanger-gitarist Matt Pike — een boomlang, getatoeëerd lijf voorzien van een elk jaar meer uitdijende pens, nu ook met walrussnor — een gitaargod is, staat al sinds mensenheugenis buiten kijf. Vorige maand deed High On Fire nog De Kreun in Kortrijk aan, en de immer shirtloze frontman speelde er alsof het niets kost, een teken van virtuositeit. High On Fire is echter meer dan Pike: de werkelijk verbluffende bassist Jeff Matz en een ontketende drummer Des Kensel kunnen niet genoeg in de bloemetjes worden gezet. Live, maar ook op dit album is het samenspel fenomenaal. High On Fire blijft op Luminiferous trouw aan zijn grondbeginselen en levert nogmaals een weergaloze tornado van gitaar, bas en drums af.

Er was wel hier en daar wat verdiend hoongelach over de schrijfsels van Pike: het High On Fire-opperhoofd raakte gefascineerd door het Gilgamesj-epos, las een boek van de volslagen gek David Icke en is nu — lacheuh — into ontvoeringen door aliens, chemtrails, 9/11 als een inside job en andere onzinnige samenzweringstheorieën. Esoterische beuzelpraat dus, of Pike op een lijn met het eerste het beste tarotkaarten leggende zweefteefje. Hij mag dan wel een succesvolle rehab achter de rug hebben, drank en drugs hebben zichtbare sporen van paranoia achtergelaten. Ook op Luminiferous gaat het over buitenaardse creaturen die onder ons leven en op onze ondergang uit zijn maar zand erover, laat het de muzikale pret niet bederven. Wie neemt nu metallyrics serieus?

Want wees gerust, Luminiferous is een donker album vol atmosferische doom en een flinke snuif stoner, sludge, punk metal en thrash en is lomper en furieuzer dan een moegetergde arenastier. Het is een plaat gelardeerd met midtempo tientonnernummers (“The Falconist”) en jachtige songs (“Slave The Hive”) die een tempo halen waarbij Lemmy zelfs “Nou moe?” zou mompelen en de waanzinnige hooks vallen niet te tellen. Ook hier weer verschroeiende, onmenselijk goede, door Tony Iommi en Kerry King goedgekeurde riffs en de stem van Pike is nog steeds een cocktail van teer, grint en anabole steroïden maar met oog voor melodie. De intensiteit, de strakheid maar ook de efficiëntie van het powertrio uit Oakland werkt als vanouds hartverwarmend.

Het grootse “The Cave” is op de plaat een geval apart: bluesy, beheerst en berustend (volgens Pike een song over zijn ex-lief en zijn strijd tegen de drankduivel) doet het nummer als “Planet Caravan” van Black Sabbath aan waarbij een bağlama, een Turks snaarinstrument, voor een oriëntalistisch gevoel zorgt en een fraaie, broze baslijn en een prevelende Pike (“Calm your heart and make it still.. take your time and get your fill”) een melancholische sfeer creëren, daaropvolgend openbarstend in een refrein van wanhoop en pijn. De invloed van Sleep, de vorige band van Pike die alweer een poosje herenigd is en optreedt, is onmiskenbaar.

Waar heel wat albums op het eind gaan verwateren, doet High On Fire er met de twee afsluitende nummers, respectievelijk stonerbeest “Luminiferous” en het onbehouwen “The Lethal Chamber”, nog een schep vakmanschap bovenop. Detailkritiek dan maar? “The Sunless Years” is een mindere song en “The Dark Side Of The Compass” mag dan wel een lel van jewelste zijn, roekeloze riffmonsters uit vroeger werk, zoals “Rumors Of War”, “Speedwolf” of “Brother In The Wind” (vanaf minuut 3.50 nog nooit een nummer zo in overdrive weten gaan), memorabele nummers die u zelfs zouden inspireren om een bende op speed trippende ninja’s te lijf te gaan, staan er net niet op.

Luminiferous kent een meer melodieuze aanpak en ligt in het verlengde van Blessed Black Wings, hier nog steeds de favoriet. Het gemor over de meer gepolijste productie zoals op Snakes For The Divine mag na Luminiferous definitief opgeborgen worden: producer Kurt Ballou (Converge) laat ook na De Vermis Mysteriis de drums donderen (wedden dat Des Kensel botten van een brontosaurus als drumsticks gebruikt), warme bastonen over de achteloze luisteraar neerdwarrelen en weet op excellente manier de genadeloze, ruige kracht van High On Fire vast te leggen. Wat rest er u nog? Knielen en jammeren: “We’re not worthy”.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × vier =