Unknown Mortal Orchestra :: 27 mei 2015, AB Club

In november 2013 was Unknown Mortal Orchestra ook al goed voor een uitverkochte AB Club, waar de band rond Ruban Nielson woensdagavond zijn net verschenen derde plaat Multi-Love kwam voorstellen. Wenken nu de grotere zalen en festivalpodia?

De prachtige lentezon op woensdag past perfect bij de psychedelische soul van de Nieuw-Zeelandse frontman uit Oregon en doet ons al wegdromen over zijn passage deze zomer in Dour en Gent. Al vanaf de opener wordt echter duidelijk dat soul op de psychedelica zal overheersen. Zij die een luide garage-rockset zoals op Pukkelpop verwachten, zullen misschien wel teleurgesteld zijn omdat UMO vandaag aan rauwheid heeft ingeboet. Is Nielson dan gezwikt voor de commercie? Wel nee, UMO heeft meer dan ooit een ziel. Daar lijkt ook heel alternatief België van overtuigd, want de kleinste zaal van de AB lijkt wel voor een deel gevuld met hoog aangeschreven muzikanten .

En terecht. UMO is een van de bands van het moment. Gestart in 2010 als een lo-fi psych-rockbandje heeft Nielson met de invloeden van Stevie Wonder en Prince zijn meest complete, dansbare, catchy en kleurrijke plaat gemaakt. Akkoord, de psychedelische soul was al te horen op II, maar The Grateful Dead, Frank Zappa en co lijken nu dus iets meer op de achtergrond gedrongen door de funkhelden. Niettemin maakt die mengelmoes aan invloeden van UMO nog altijd een unieke band.

Een van de uitzonderingen op de rode draad gevormd door soul en funk is “From The Sun”, dat z’n hoogtepunt bereikt tijdens een moddervette jam en dito solo. Ook dit zal de kenners van de band niet verbazen: Nielson en zijn drie kompanen kunnen een ferm potje kunnen spelen, en alles aan: van discoritmes tot technische stukken. Was die drumsolo van Riley Geare nu ingepland of een noodoplossing om een technisch probleempje te verdoezelen? We zijn er nog altijd niet uit. Hetzelfde geldt voor veelvuldig, en soms overdreven, gebruik van keys (“The World Is Crowded”). Misschien was dat wel een van de weinige minpuntjes aan het optreden.

Ook het dromerige “So Good At Being In Trouble” — op dat moment is de gezapig startende band net als het publiek echt op dreef geraakt — lijkt in een iets meer dansbaar kleedje gestoken te zijn. Ook in “Stage Or Screen” wilde toetsenist Quincy McCary zich iets te veel in de kijker spelen. Maar niet getreurd: dankzij de soul-meets-sixties pop in “Ur Life One Night” en “Like Acid Rain” waren we alweer het delirium nabij. Of dacht u er ook bij “Necessary Evil” aan om dringend eens klassieker van Stevie Wonder aan te schaffen?

“Swim And Sleep (Like A Shark)” is zo’n rotaanstekelijk nummer waarin Nielson Beatles-achtige melodieën uit zijn gitaar combineert met zijn soulvolle stem. En het wordt nog beter. We moesten een beetje geduld uitoefenen, want pas op het einde van de set krijgen we de twee dijken van singles te horen: het overheerlijke “Multi-Love” en het geile eightiespop-achtige “Can’t Keep Checking My Telephone”. Wereldhits horen in een kleine concertclub: we worden er euforisch van. Als Nielson dat wil, kan hij er meteen grotere zalen mee vullen.

Dat sommigen minder enthousiast waren over het feit dat de funk de bovenhand kreeg op de psych-rock, is maar een kwestie van smaak. Toch heeft UMO nog wat huiswerk voor de boeg als het festivalpodia wil aanpakken: de set zal wat meer gebald moeten worden en de prijsbeesten van Multi-Love mogen gerust eerder aan bod komen in de set. Maar we zullen het viertal met plezier nog twee keer dit jaar aanschouwen. Tot op Dour en Boomtown dus?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien − zeven =