Emmylou Harris & Rodney Crowell :: The Travelling Kind

Toegegeven, de voornaamste reden om deze plaat een kans te geven is de witharige countrylegende Emmylou Harris, die in haar lange carrière een indrukwekkend aantal duetpartners heeft versleten. Haar duetplaten zijn meestal ook niet de sterkste (zie bijvoorbeeld All The Roadrunning met Mark Knopfler) en ook deze plaat is geen uitzondering op de regel. De traditionele country van Rodney Crowell is de hele plaat te lang en te dominant aanwezig en dat heeft zo zijn gevolgen.

Crowell en Harris zijn oude vrienden: Harris heeft liedjes van Crowell in de jaren ‘70 gezongen (zie bijvoorbeeld “Bluebird Wine” uit Pieces Of The Sky uit 1975, nog steeds een van Harris’ beste wapenfeiten) en twee jaar geleden hadden ze al Old Yellow Moon uitgebracht, een plaat die wij niet zonder reden onbesproken hebben gelaten: ’t was niet ons kopje thee. Jammer genoeg staat The Travelling Kind opnieuw bol van de traditionele country en sommige nummers op deze plaat doen in 2015 bijzonder stoffig aan, iets wat ook al op Old Yellow Moon het geval was. Een countryrocker als “Bring It On Home To Memphis” (Harris! Uw spoken word break! Billenkoek!) of de naar George Jones knipogende sleper “You Can’t Say We Didn’t Try” zijn beide degelijke songs, maar tegelijk ook bijzonder oubollig en stroefjes.

Nee, geef ons dan maar het spannende, bluesy “The Weight Of The World”. ’t Is hier dat de — zoals gewoonlijk — uitstekende, kristalzuivere productie van Joe Henry tot zijn recht komt en je hoort met wat voor rasmuzikanten Harris en Crowell zich hebben omringd: een messcherpe gitaarsolo, een jazzy contrabas; het had op een Tom Waits-plaat zeker niet misstaan. Ook “Higher Mountains” of “Her Hair Was Red” zijn met pedal steel sterrenstof bestoven nummers, met verlangen en melancholie doorspekt en Harris in de glanzende hoofdrol.

Beter dan het titelnummer wordt de plaat niet: een door Harris en Crowell gepende ode aan verloren vrienden, vroeg gestorven strijdmakkers en hoe liedjes zelf een eigen leven gaan leiden, iets waar Harris met haar uitgebreide repertoire aan covers alles van af weet: “Be it way-crossed boy or red dirt girl / The song becomes the travelling kind”. Mandolines, de prachtige samenzang tussen de twee, een bitterzoete melodie: het schept hoge verwachtingen die de rest van de plaat niet kan inlossen.

Dergelijke uitschieters maken van The Travelling Kind een beter album dan het toch bijwijlen erg kitschy en melig aandoende Old Yellow Moon, maar het album als geheel kabbelt maar wat voort, met vooral een bijzonder zwakke tweede helft. Lucinda Williams’ cover “I Just Wanted To See You So Bad” is leuk, maar voegt niets toe aan het nummer dat we in de versie van Williams nog niet gehoord hadden. Daarnaast is “Just Pleasing You” een hardcore old school country nummer dat iets te zwaar naar Hank Williams knipoogt: de grens tussen ode en pastiche blijkt hier flinterdun te zijn.

Het probleem is dat zoveel van de nummers door (o.a.) Crowell gepend zijn en hoewel Crowell een goede songschrijver is, is hij nogal weigerachtig om iets nieuws of innovatiefs te doen met het country-idioom dat hij zich eigen heeft gemaakt. In plaats daarvan hadden we graag getekend voor meer nummers van Harris zelve, of een wat meer uitgekiende, coherentere songselectie. Van een progressieve klassebak als Harris verwachten we nu eenmaal meer dan een zelfgenoegzame, gemakzuchtige pas op de plaats als deze.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 3 =