Frank Deruytter Quartet :: Moon of Ensor

Zoals het jongetje op de maan van Dreamworks Studios (vislijn in de hand, beentjes over de rand gezwierd), zo begeeft Frank Deruytter zich op James Ensors maan. Aldaar vindt hij de sfeer en inspiratie voor zijn nieuwste cd “Moon of Ensor”. En zijn aas is verdomd verleidelijk gekruid met funk en jazz.

Saxofonist Frank Deruytter is bijzonder productief en heeft na zijn debuut-cd uit 2013 nu ook een tweede cd klaar. Onlangs verdiepte hij zich in het leven van James Ensor. In het karakter en het levenswerk van de kunstenaar vond hij enkele herkenningspunten met zijn album, vandaar de titel. “In het West-Vlaams hebben we een gezegde; ‘van de maan bereden zijn’, een opstoot van energie krijgen, wil dat zeggen. Wel, ik heb die energieaanval in Ensors sferen.” Verder onderzoek in West-Vlaamse kringen leert ons dat die uitdrukking eigenlijk ‘een moment van verdwaling’ of ‘ronddwalen’ wil zeggen, wat eigenlijk evengoed van toepassing kan zijn op deze cd.

Minder ‘New Orleans’ op deze cd maar funken doetie zeker. De combinatie met jazz blijft belangrijk. Deruytter probeert die twee, de strakke funk en de losse jazz, te verzoenen. Zijn team bestaat ook nu uit drumheld Peter Erskine (Weather Report, Steps Ahead, Diana Krall, Chick Corea, om er maar enkele te noemen), bassist Bart De Nolf (Bart Defoort, The Sadi Quartet, Jacques Pelzer) en Eric Legnini (Stefano Di Battista, Manu Katché, Toots Thielemans, Joe Lovano). Meesterbezetting, wa? En eersteklas groovers, want om rhythm and groove is het voor Deruytter te doen. Het kwartet koos ervoor om de cd in te blikken nà een concerttour. En dat hoor je. Likkebaarden, hoe die ritmesectie de ideeën van de solist volgt en beïnvloedt. Luister bijvoorbeeld naar “Left, Right?”, waarin Legnini driftig ondersteund en gestuwd wordt door De Nolf en Erskine. De drie smelten samen tot één heerlijke blok energie. Het nummer heeft dezelfde vaart vooruit en hetzelfde pittige karakter als opener “Battle And Shame”. Erskine is de uitgelezen time keeper en groove controller, en De Nolf laat daar zijn baslijnen vloeiend over rollen. Een luxepositie voor Legnini (die vorig jaar trouwens het sublieme Sing Twice! uitbracht).

In “Lizzy’s Dream” kunnen we nasmeulen met een mooie ballad. Wie Chris Potter smaakt, zal deze ook bekken. Lichtjes overgoten met stroperige dramatiek, mallets op de cimbalen en strijkstok aan de bas; het plaatje klopt.
Erskine wordt nostalgisch van het project. Hij herkent veel van Michael Brecker in de manier waarop Deruytter muziek benadert. ‘Gene kattenpis’ om in een adem met een van de invloedrijkste jazzsaxofinisten vergeleken te worden, door een levende legende nog wel. “Podgy Pooch” dan, een nummer met een vet ‘cool’-gehalte, ietwat mafioos, dat middenin het roer omdraait richting bossanova feel. Peter Erskine breekt open tijdens een vamp en gaat de sambatoer op.

In “Atomium Song” horen we een Deruytter die zich volledig inleeft in een melodramatisch mood. Hieraan merk je dat een goeie muzikant, net zoals een acteur dat doet, zich inleeft in het verhaal dat hij brengt zonder aan geloofwaardigheid in te boeten. Ook hier weer veel ruimte voor Legnini en Erskine. De Nolf blijft meer dan op de vorige cd op de achtergrond. In “Word To Babelina” ziet hij toch z’n kans om ertussen te glippen, maar de drumbegeleiding duwt hem terug wat naar achteren. Jammer. Titelsong “Moon Of Ensor”, een fragmentarisch nummer in een gezapig swingtempo, geeft hem weer ruimte. De solo’s zijn lekker klassiek, met een leuke Monk-verwijzing in Legnini’s solo.
We hadden bij “Bling Bling Blues” meer stoerdoenerij verwacht, maar het nummer blijkt vooral een degelijke plaatvuller te zijn. Leuke grooves, oké solo’s en beslist een leuke plakker om de boel live op stelten te zetten. Met de ballad “Orgy Of Sadness” kunnen we rustig uitbollen van dit pétillant plaatje.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 5 =