Culted :: Oblique To All Paths

Culted kent geen grenzen, letterlijk dan, want de drie Canadese metalheads kwamen bij hun zoektocht naar vocaal talent in Zweden uit. De eerste langspeler kwam bijgevolg tot stand middels duchtig heen en weer gemail van geluidsfragmenten. Zelfs tot vandaag, vijf jaar na het verschijnen van Below The Thunders Of The Upper Deep, blijken de heren elkaar nog nooit in levende lijve ontmoet te hebben. Fijn dat ze het erbij vertellen, want opvolger Oblique To All Paths doet allerminst vermoeden dat het hier een LAT-relatie betreft.

In welk donker hokje ze passen zal hun ook al worst wezen: Culted is helemaal voorstander van het openstellen van de grenzen binnen het metalwereldje, en het subgenre dat deze lading dekt moet bijgevolg nog worden uitgevonden. Dat je er niet meteen vrolijk van wordt is zowat de enige garantie die je gegund is. Opener “Brooding Hex” gooit meteen alle middelen in de (ruim 19 minuten durende) strijd. Na een lange, in-reverb-begraven intro barst het geweld los in de vorm van een dikke gitaarmuur en slepende drums. Daniel Jansson brult er weinig subtiel overheen en de loodzware riff die het nummer vorm geeft moet dan nog komen. Dat ze het spelen met dynamiek meester zijn moge duidelijk wezen. Zachtere passages met industriële drums en filmische gitaarmotiefjes worden afgewisseld met stevig beukwerk.

Voor dat beukwerk steunt Culted op een doeltreffende ritmesectie die steeds ten dienste staat van de muziek, zonder zich te verliezen in technisch vernuft. Nu is een gezonde dosis bombast sowieso eigen aan het genre en dus mept ook drummer Kevin Stevenson er niet naast. Toch stuurt hij de wall of sound telkens in de juiste richting, zonder te vervallen in overdaad. De gitaren blijven daardoor centraal staan en klinken heel gelaagd en gevarieerd. Samen met de logge bas en allerhande achtergrondgeluiden, gaande van samples en ruis tot subtiele synths, creëren ze een donker en desolaat muzikaal landschap. Tegenover de langere epische nummers staan er ook enkele bondigere, zoals “Illuminati”, dat slechts enkele seconden nodig heeft om tot de essentie (zijnde een betonnen riff) te komen.

Doorheen de plaat balanceert Culted telkens op die lijn tussen abstracte sfeerschepping en echte nummers met loodzware riffs die raakpunten vertonen met High On Fire op halve snelheid (“March Of The Wolves”) en het onvermijdelijke Black Sabbath. De cadens die “Transmittal” op gang trapt, verraadt dan weer een niet zo geheime liefde voor The Swans. Het is overigens ook zo’n nummer dat heel het spectrum van de band goed in de verf zet door extreem zachte passages bruusk over te laten gaan in monsterlijke riffs. Op gebied van variatie valt er op Oblique To All Paths dus weinig af te dingen, of het moet de zang zijn. Hoe indrukwekkend het geschreeuw soms ook klinkt, de eentonigheid komt toch dikwijls om de hoek loeren.

De absolute sterkte van Culted is dat ze uit alle subgenres die metal rijk is kunnen plukken zonder in de clichés te blijven hangen. Geen eindeloze blastbeat-salvo’s of al te grotesk gereutel dus, maar een muzikaal braakland dat even bekend als origineel klinkt en dat, dankzij een beter uitgewerkt geluid ten opzichte van het debuut, meer en meer vorm begint te krijgen. Als Daniel Jansson nu nog wat meer variatie zou leggen in zijn geschreeuw, dan kan de ietwat geforceerde samenstelling van de groep ook helemaal gerechtvaardigd worden. Voorlopig blijft het niet meer dan een handig uitgespeeld achtergrondverhaal.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vier =