PUKKELPOP 2013: Main Stage :: Donderdag 15 augustus

Dat we oud worden, mijnheer, mevrouw. Wij staan hier voor Nine Inch Nails, een streepje Deftones en — met dichtgeknepen billen van vrees voor het ergste — Eminem. De soundtrack van onze millenniumwissel, maar allicht even prehistorische bompamuziek voor de gemiddelde Pukkelpopper als pakweg Bruce Springsteen toen voor ons was. Maar het wordt een feestje, daar zijn we alvast zeker van.

De vette vijftien van Pukkelpop:

Wie meer Pukkelverslag wil, klikt voor de langere verslagen van de vijftien beste concerten hieronder.

De afknapper

“Wij komen hier niet alleen om te laten zien dat we nog leven, maar ook om wat nieuwe songs te spelen”: Johannes Genard van School Is Cool zet halverwege de puntjes nog eens duidelijk op de i. Dat treft: om eens te horen hoe dat met nieuw werk zit — en natuurlijk om de nieuwelingen op toetsen en viool eens te keuren — zijn wij op een ontiegelijk vroeg uur opgestaan. Toch begint de groep met een plagerig stukje “New Kids In Town” en “The World Is Gonna End Tonight”. Dat het een goed idee was om de naar Argentinië verkaste Nele Paelinck door twee muzikantes te vervangen horen we meteen in “Junkyard Kids”, dat een voller en rijker geluid krijgt dankzij de twee dames.

“I’m Not Having Fun” klinkt het vervolgens in een eerste vers nummer, maar dat is onzin natuurlijk. Wij horen een nummer dat aan duizenden groepen tegelijk doet denken — een Brits punkgroepje of drie, Arcade Fire natuurlijk, en misschien zelfs een vleugje Talking Heads — en waar voorts niets op aan te merken valt. Klinkt goed. In “Envelop Me” en “Wild & Wild Eyed” valt op hoe elektronica iets luider mag spreken dan voorheen, en ook de samenzang met violiste Justine Bourgeus is puik. Terwijl de weergoden ondertussen pesterig reageren met een eerste korte plensbui, trekt School Is Cool een laatste blik hits open met een stevig en snedig “Warpaint”, dat een venijnig gitaarbreakje meekrijgt, en een nu wel volledig “New Kids In Town”. Uitgeslapen jongens en meisjes, deze groep: Pukkelpop is meteen wakker.

Even polshoogte gaan nemen bij Imagine Dragons daarna, maar de aangekondigde Killers-en Coldplay-achtige nummers, blijken in praktijk ook verdacht hard naar Two Door Cinema Club te meuren. Dat soort gedrag moet vooral niet aangemoedigd worden, en we sjezen dus vlug door naar elders, waar het hopelijk beter is.

Iets te laat zijn we terug voor Kendrick Lamar, wat op zich niet dramatisch lijkt, denken we (we zagen hem al op Werchter niet helemaal overtuigen dankzij een weinig subtiele geluidsmix), ware het niet dat de man bij aankomst in bloedvorm blijkt en zomaar eventjes tien minuten te vroeg stopt. Zeer helaas is dat, want “Bitch Don’t Kill My Vibe” gaat er lekker in en krijgt u tot aan de PA aan het bouncen. Om nog te zwijgen van een wel erg snedig “m.A.A.d. City” en een geweldig “Swimming Pools”. Dat laatste werd trouwens net iets meer dan een jaar geleden voor het eerst op de mensheid losgelaten, ter ere waarvan sympathieke knul Lamar ons uitnodigt om te toasten. Met dank aan een ditmaal wel erg geïnspireerde mix, had dit een kleine triomf kunnen zijn, maar die wordt jammer genoeg te snel afgebroken. Van deze Kendrick Lamar hopen we echter nog erg veel te zien, want deze grote hoop van de hiphop kan gezien zijn weinig heldere blik waarschijnlijk nóg beter.

En dan is het tijd voor Deel Eén van de grote nineties-nostalgie-show die deze Pukkeldag is. Deftones was altijd al de boeiendste leerling uit de (argl, braak, spasme, scheermes, mea culpa, mea maxima culpa, excuses voor de volgende twee woorden) nu metal-klas. Een band die nukkig zijn eigen ding is blijven doen met een sound die ook nu immens herkenbaar is: een hoogst evenwichtige mix van pathos, laag gestemde gitaren, zeemzoete dreiging, donderende drums en (in het licht van gelukkig lang vergeten tijdsgenoten) best spaarzaam gebruikt oergebrul.

Deftones vervelen nooit, maar weten ook niet helemaal te boeien. De sound blijft overeind, Chino Moreno blijft een topfrontman en de band heeft een aardige back catalogue. De puber in ons (hij zit in een hoekje ter hoogte van de gal boos en onbegrepen te zijn en vooral geen potjes te huilen) pogo’t even de ingewanden uit de haak op “My Own Summer (Shove It)”, “Engine No.9” maar vooral “Change (In The House Of Flies)” en “Elite”. Al kunnen we er in alle eerlijkheid een songtitel of twee naast zitten, want het is weer even geleden dat Around the Fur, Adrenaline en White Pony door het kot knalden. Iets wat we na dit concert toch nog eens willen doen, al was dit Deftones misschien nog net iets beter tot zijn recht gekomen in een tent.

Fall Out Boy? Yeah, right.

Wie komt daar in zijn dooie eentje een leeg hoofdpodium opgewandeld, voor het volgende deel van de nostalgieshow? Trent Reznor kondigde in 2009 aan dat Nine Inch Nails voor onbepaalde tijd de koelkast inging, maar nauwelijks vier jaar later staan er een nieuwe plaat en een wereldtournee in de steigers. Reznor heeft naar goede gewoonte een uitgekiende lichtshow mee en speelt — van de drugs en nuchter en dus minder onvoorspelbaar gestoord — een uitstekende set vol klassiekers. Maar het publiek denkt “Meh” en staat – het is een gokje – in veel grotere getalen bij de DJ-sets van Baauer en A-Trak uit zijn dak te gaan. Het applaus en geroep om een bis klinken ook behoorlijk dunnetjes, dus de band komt niet terug voor bissen. We hadden precies nog “Closer” en “Hurt” verwacht. Deze show verdiende beter: meer tijd, publiek en duisternis.

Geen idee of wij, ons nostalgisch puberbrein, Nine Inch Nails of Eminem miscast zijn, maar minstens een ding is er in dit rijtje te veel aan. Na twee mislukte pogingen, staat de laatste echter eindelijk op het Pukkelpoppodium. Hij laat ons – en een weide die tienmaal voller staat dan bij Nine Inch Nails – doodleuk vijfentwintig minuten wachten. Wat ons betreft in volle herfst van zijn carrière maar in zijn eigen beleving (en die van een zeer groot deel van het publiek) in volle renaissance. De klassiekers uit de eerste drie albums moeten het doen met korte versies en minder scherpe kantjes. Verder zijn er een potsierlijk showtrappendecor en inbegrepen backing band, een MC die volhoudt dat we in ‘Brussels!’ zijn en vooral een tape (die ook verklaart waarom de band staat te kleurenwiezen). Fraai.

Hoort dit playbackspektakel op Pukkelpop? Gezien de volkstoeloop en het enthousiaste gezwaai met aanstekers en armen wel, maar of dat dan op eenzelfde affiche als Nine Inch Nails, Deftones, Quicksand, Johnny Marr en Godspeed you! Black Emperor moet? Het is dat de man en zijn band duidelijk zelf nauwelijks benul hadden van waar ze waren, of ze hadden zich zelf misschien ook die vraag gesteld. Er moet in Las Vegas alleszins een zaal te vinden zijn waarin dit soort show beter past. Driemaal per week, met inbegrepen all you can eat buffet, gratis cocktails en bonus slot credit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

dertien − 3 =