Cayucas :: Bigfoot

Met Vampire Weekends derde plaat Modern Vampires Of The City ligt onze soundtrack bij de zomer van 2013 al even vast, maar deze Bigfoot, Cayucas’ debuutplaat, kan er ook nog wel bij: 30 minuten hapklare, easy-going, zomerse indiepop die niet zou misstaan op uw volgende BBQ of in een of ander hippe Mediterraanse strandbar.

Pretentieloos, dat is het minste dat je kan zeggen van de acht lichtvoetige nummers die op Bigfoot staan. Volgepakt met zomerse, zwoele indie – nu eens uptempo, dan weer wat trager en melancholischer, maar nooit minder dan aanstekelijk. Het moet ook allemaal niet te moeilijk zijn bij Cayucas: geen ingewikkelde arrangementen, met wat simpele, laid-back bas, gitaar en drum lukt het ook wel. Het resultaat bevindt zich ergens tussen de Beach Boys en Vampire Weekend in hun meest zorgeloze momenten.

Jammer genoeg vat dat ook bondig samen waarom Bigfoots houdbaarheidsdatum niet zo ver in de toekomst ligt: Cayucas mag dan wel verdomd goed weten hoe je een zomerse oorwurm op plaat pleurt, maar in originaliteit grossiert de band vooralsnog helemaal niet. “Pictures of men in worn-out shorts and denim jeans”, surfer girls, Californische stranden en de obligate melancholie wanneer de zomer gedaan is en het vakantielief weer wegtrekt – we hebben het allemaal, ook muzikaal, al elders (en beter) gehoord. Een zoektocht naar een eigen geluid zou de band alvast geen kwaad doen.

Ook de zorgeloosheid en het gebrek aan sérieux spelen Cayucas parten. Te vaak vervalt zanger Zach Yudin in een o-o-owow-deuntje of slaakt-ie een betekenisloos kreetje (“Ey! Ey!”, “Aah!”) en te vaak ploeteren de songs tekstueel wat in het rond, zonder enige deining in het water te veroorzaken. Voortdurend voel je Yudins onmacht om onder het fijne riedeltje ook een beklijvend of minstens interessant verhaal te vertellen. Dat maakt van Bigfoot een plaat waar je vooral niet te veel bij na mag gaan denken, en dat is jammer, want de grondvesten zijn er wel. “High School Lover” kon met wat meer moeite een geweldige song zijn over het meisje waar je als jonge twintiger je hart aan verloren hebt en “Summer Thing” – over het einde van de zomer – heeft net te veel melancholie en te weinig emotionele body om echt een goed nummer te zijn.

Niettemin verdient de band lof, want puur muzikaal gaat geen enkel nummer op Bigfoot snel vervelen. De eenvoudige riedel van opener “Cayucos” blijft dagen in je hoofd spelen, op de relaxe titelsong “Bigfoot” is het heerlijk naar een frisse pint grijpen, en het tragere “Deep Sea” is zo eentje dat op het eerste gezicht weinig om het lijf heeft maar waar we toch naar blijven luisteren. Meest verslavende moment: de lome bas aan het begin van “High School Lover”, met voorsprong de meest aanstekelijke track op de plaat.

Op het speelse, onbezorgde Bigfoot toont Cayucas dat het nog werk voor de boeg heeft als het ooit een echt relevante band wil worden, maar laat dat de pret vooral niet drukken. U moet er allemaal niet te diep in gaan graven, maar soms moet een zomerplaat niets meer doen dan puur plezier uitademen – en daarin haalt Bigfoot grote onderscheiding. Cayucas is erin geslaagd om de zomer op z’n puurst op plaat te zwieren, en dat mag gerust gehoord worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 4 =