Deftones :: Koi No Yokan

Nauwelijks twee jaar na het veeleer doordeweekse Diamond Eyes keert Deftones terug met Koi No Yokan (liefdesvoorgevoel), het zevende studioalbum alweer van de band die met zijn debuut Adrenaline (1995) mee aan de wieg stond van het genre nu-metal, een kwade droom waaruit zowat iedereen ondertussen ontwaakt is, louter om in te ruilen voor ongetwijfeld een nieuwe nachtmerrie.

Maar passons, want terwijl het genre waar Deftones willens nillens mee geassocieerd zal blijven het vermelden nauwelijks nog waard is, blijft de band zelf wel op de radar opduiken. Waren de jaren negentig nog gekenmerkt door de klassieke groeipijnen, dan luidde derde album White Pony (2000) de marsrichting in die tot op heden bepalend is voor de groep. De hard/zacht-dynamiek en het afwisselend schreeuwen, melodieus zingen en occasionele rappen werden definitief vastgelegd en als blauwdruk gehanteerd voor alle volgende platen. De grote verrassingen zaten er niet meer in waardoor elk album op zijn songs op zich beoordeeld diende te worden.

Met wisselend artistiek succes volgden Deftones (meh), Saturday Night Wrist (aha) en Diamond Eyes (hmm); die laatste de plaat die in plaats van het ambitieuzer opgevatte Eros verscheen nadat bassist Chi Cheng na een zwaar auto-ongeval in een diepe coma wegzakte. Quicksand-bassist Sergio Vega verving Cheng voor de opnames van Diamond Eyes en speelt nu ook een bepalende rol op de nieuwe plaat, die overigens volledig in de lijn van de vorige ligt. Opnieuw zijn de kenmerkende Deftones-elementen doorheen het album te horen, inclusief de strakke drumpartijen van Abe Cunningham en de schurende gitaren van Stephen Carpenter.

Het vraagt dan ook enkele luisterbeurten vooraleer Koi No Yokan zijn eigen identiteit kenbaar maakt en verduidelijkt waarom Deftones na zeven albums en meer dan vijftien jaar op de teller (twintig als we de opstart in 1988 meerekenen) nog steeds relevant is. Het stevige “Swerve City” dat de plaat aftrapt, doet aanvankelijk denken aan de Belgische hardcoreband Blindfold, maar schakelt al snel naar een andere versnelling dankzij een melodieuze switch die in niet onbelangrijke mate bepaald wordt door Moreno’s hoge zangstem en de hooggestemde gitaarlijn in de tweede helft van de song.

Ook eerste single “Leathers” weet aangenaam te verrassen dankzij een ambientstart die na een nukkige uitval overvloeit in een hard dromerig stuk, om daarna op de twee gedachten verder te huppelen. Het is niets nieuws onder de Deftones-zon, maar de verfrissende invulling verleent de songs wel een eigen smoelwerk. In dezelfde lijn ligt ook “Romantic Dreams”, dat ritme en melodie ingenieus met elkaar laat paren waardoor een harde tederheid tot uiting komt. Het grimmige “Poltergeist” toont treffend aan hoezeer Deftones de dynamiek van de eerste platen tot in de puntjes beheerst, een gegeven dat ook in het zachte(re) “Graphic Nature” naar voor komt, waar de voorliefde voor new wave en shoegaze een huwelijk aangaat met metal.

Het spelen met stijlen en invloeden vindt een nieuw elan in beklijvende songs als “Tempest” en “Goon Squad”, waar de band moeiteloos switcht van ingetogen naar uitbundig en in een ademtuig weet te slaan en zalven. Hoe verrassend het opvallend ingetogen “What Happened To You” ook mag zijn — het wordt zo langzamerhand vervelend te herhalen hoezeer de groep zijn eigen geluid verfijnd heeft — toch legt de song de duimen tegenover de slepende rust van “Rosemary”, waarmee de band de lang uitgesponnen dromerige aanpak eindelijk tot in de puntjes lijkt te beheersen en zelfs de overgang naar een afgemeten harde klank als “intermezzo” moeiteloos in het nummer weet te incorporeren.

Of Deftones nieuwe zieltjes winnen zal met Koi No Yokan is twijfelachtig, want daarvoor verschilt het album te weinig van de voorgaande en is de band al te lang een factor van belang. Wie zich niet door de vorige albums liet overtuigen, zal ook hier geen brood in zien. Toch kan deze zevende plaat van de groep uit Sacramento, Californië niet zomaar aangeschreven worden als eentje voor de fans. Daarvoor zijn de songs te sterk en is het geluid te uniek. Het genre dat Deftones willens nillens mee vorm gaf, is al lang dood en begraven, maar dat geldt niet voor de band wiens muziek nog even verfrissend klinkt als ten tijde van het debuut.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − elf =