Rones :: Rones

Een quote uit het interviewboek Fuck Off en andere citaten van muziekjournalist Serge Simonart: “Ik ben ook altijd met argwaan bekeken omdat ik me tracht te bekwamen in meer dan één discipline. Dat is blijkbaar verdacht. Vanaf het begin zag ik geen enkele reden om die disciplines niet met elkaar te mengen. Mijn leus is: “Schoenmaker, blijf in godsnaam niet bij je leest. Anders maak je op den duur heel saaie schoenen.” Aan het woord is David Bowie en de Limburgse lads van Rones hebben diens boodschap heel goed begrepen.

Stel, u spot de West-Vlaamse keuken … euh … piet Piet Huysentruyt met een diepvriesmaaltijd aan de kassa van de Lidl of de Brasschaatse patser Jean-Marie Pfaff op een ledenvergadering van Mensa; dan schrikt u zich vast een hoedje. Zo ook moesten we even wennen aan de muzikale gedaantewisseling op de titelloze tweede van Rones. Op Sinner Songs (2008), hun meer dan puike stonerdebuut met een likje industrial, wisten The Rones (anno 2011 werd het Engelse bepaald lidwoord geditcht), beïnvloed door onder meer dEUS, Mauro, Queens Of The Stone Age en Soulwax, nog verdomd venijnig, vinnig en vlammend te rocken, nu hebben ze ook geestdriftig uit een elektronicavaatje getapt.

En dat was te voorzien: de gangmaker voor de huidige plaat werd een ep getiteld Dancer, een cd waarop een aantal opkomende talenten (Modek, King Astma, Stylo en ander schoon volk) zich met enkele nummers van het huidige Rones-album en met wisselend succes aan het remixen zetten. De voorstelling van de nieuwe plaat was op Pukkelpop voorzien maar door de u gekende apocalyptische vernielzucht van een pinnige Moeder Natuur werd de band na twee songs om veiligheidsredenen gesommeerd het podium te verlaten. Rones speelden wel de week nadien een akoestische set op de herdenkingsbijeenkomst. Nice chaps.

“Walk” neemt een aanvang met een delicieuze slome synthpartij, later gesecondeerd door een heetgebakerde gitaartornado en het mag ook zalig bliepen op “Awesome Night” dat klinkt als iets dat uit de Kling-Klangstudio van Kraftwerk na een Goose-injectie en met een vleugje Front 242-agressie is weggelopen. “Bribe” en “Leftover” benaderen dan weer het best Depeche Mode, te meer omdat Lenn Van Meeuwen met zijn zangstijl (luister hoe hij de tekstflarden “In the town of moral decay / I will walk no more / With you by my side” aanpakt) bij momenten aardig in de buurt van de lekker imposante pathetiek en de doorleefde Pijn van het Zijn van Dave Gahan komt.

Echte opwinding nam zich van ons meester bij een aantal nummers op de tweede helft van het album. Vermeldenswaard zijn de opzwepende zanglijnen van “FMWF”, het beestige en door heerlijke vrouwelijke vocalen gestutte Sisters Of Mercy-achtige “Break”, de intelligente en rechtdoorzeeë opbouw van het duo “Slip Down” en “Aside From The City” en het majestueuze “Resumé”: keien van songs die aankomen als die weergaloze bal die Marco van Basten op een EK-finale voorbij de verbouwereerde Sovjetdoelman Rinat Dasajev trapte.

De Limburgers zijn het rammende rocken absoluut niet verleerd maar geen halleluja echter voor het antiklerikale “Leonard/Leopard” (“Your charade will tumble with its cross / The inevitable proof of a non existing boss”); de gekte is hier net iets te onbezield en werd ooit door Millionaire, meer bepaald op Paradisiac, beter gedaan. Kijk, Rones is volop zoekende, aan enkele — zij het een minderheid — van de nummers kan nog wat gesleuteld worden (zo geraken we nog steeds niet bekoord door de electropopsong “She’s A Dancer”) maar de band met Beringen als uitvalsbasis kan de toekomst met vertrouwen tegemoet zien. Mark our words (en voor de zekerheid toch even naar Natiza van AstroContact-lijn gebeld): het volgende Rones-album wordt een absolute knaller.

Zanger-gitarist Lenn Van Meeuwen weet relationele trubbels in knappe lyrics om te zetten en ondanks ettelijke personeelswisselingen hoor je een hecht blok muzikanten spelen. Rones is een spannende, dreigende, maar ook best funky plaat met hier en daar een stevig gefundeerd geluidsmuurtje. Inventieve synths en groezelige gitarrekes schurken tegen elkaar aan, en er is variatie alom met begeesterende drums, uitgekiende blaasinstrumenten en violen en tempowisselingen die vaak wispelturiger zijn dan ons lief in premenstruele toestand.

Er komen bijwijlen ontijberichten uit Limburg – Regi Penxten heeft het ambassadeurschap van de gouw op zich genomen en verwacht ook binnenkort tot uw verbijstering acht lallende Limburgers in de Vlaamse versie van Oh Oh Cherso — maar deze Rones is zoals de ellenlange prachtbenen van onze collega E.: we’re quite impressed.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf + 13 =