Waclaw Zimpel & Co. :: 3 x Multikulti

Ze komen uit het Oosten. Hoewel er weinig van te merken valt op onze jazzpodia, is er een en ander gaande binnen de Poolse jazz, met een scene die steeds sterker naar het buitenland lonkt. Het Multikulti-label bracht het voorbije jaar enkele indrukwekkende albums van eigen volk uit, met de jonge Waclaw Zimpel als verbindende factor.

Polen heeft altijd al een bijzondere status gehad binnen de Europese jazz, zelfs tijdens lange periodes van isolatie. Ondanks de mainstreampopulariteit van Amerikaanse stijlen die op dat ogenblik al lang vergeten waren door de vernieuwers, was in de jaren zestig al sprake van een bruisende creatieve scene, met figuren als pianist/componist Krzysztof Komeda en trompettist Tomasz Stanko. Michal Urbaniak en Zbigniew Namyslowski (een voormalige medewerker van Komeda) zetten die traditie minder opgemerkt, maar al even indrukwekkend voort.

Het voorbije decennium begon er opnieuw wat te bewegen: de Krakowse jazzclub Alchemia haalde topmuzikanten uit de improvisatie in huis (o.a. The Vandermark 5 nam er veel materiaal op), het Not Two-label doet al enkele jaren een frisse wind waaien door de internationale avant-jazz en kleinere initiatieven als Multikulti, Laurence Family en Kilogram Records versterken dat imago alleen maar. Een van de opvallendste figuren is klarinettist Waclaw Zimpel, zowel een boeiende muzikant als componist.

Een mooi voorbeeld is The Passion van het kwartet Undivided, waarmee hij een persoonlijke invulling probeert te geven aan het passieverhaal. De composities verwijzen daarbij naar Bijbelse sleutelmomenten (het verraad van Judas, de kruisiging, de verrijzenis etc.), maar zijn niet strikt religieus. Zimpel componeerde een geheel dat samengesteld was uit eigen materiaal en verwijzingen naar motieven uit eeuwen muziekgeschiedenis. Het resultaat is dan ook een album dat tekortgedaan zou worden met enkel het label ‘freejazz’, hoewel het daar sterk bij aansluit.

Samen met pianist Bobby Few, bassist Klaus Kugel en bassist Mark Tokar creëert Zimpel immers een ambitieuze suite met een grandeur die net zozeer aansluiting vindt bij de klassieke muziek als de hedendaagse muziek. Heeft het in “Getsemani” nog iets van David S. Wares majestueuze “Ganesh Sound”, dan zit het later tussen minder gestroomlijnde stukken of ontpopt er zich een sluimerend emotioneel schimmenspel (“Way Of The Cross/Crucifixion/Death”), dat later culmineert in een prachtige finale. Zimpel wilde muziek maken die reflecteerde over pijn en tegelijkertijd hoop kon bieden, en dat is iets waar hij met glans in geslaagd is op deze beklemmende tour de force.

Even imposant, maar nauwer aansluitend bij broeierige freejazz, is Hera, dat Zimpel een week voor The Passion opnam met bassist Ksawery Wójcinski, drummer Pawel Szpura en saxofonist Pawel Postaremczak. Hier heb je net zozeer momenten van tijdloze statigheid, al gaat het er doorgaans wilder aan toe. Halverwege opener “Monreale” zit het kwartet al in een vurigheid verwikkeld die heftiger is dan eender wat op The Passion. Het is minder contemplatief, maar al even dynamisch, getuige daarvan het spetterende duelleren van Zimpel en Postaremczak, dat in de harmonische rijkdom van “Cefalù” een elegisch hoogtepunt krijgt.

Minstens even straf is de manier waarop het kwartet zichzelf op gang jakkert in het met versnellingen volgestouwde “Napoli – Palermo” of de Oost-Europese blues van de traditional “Sometimes I Feel Like A Motherless Child”. Je zou haast denken Brötzmann op de tarogato te horen, zo rauw gaat het er aan toe. De kloppende zenuw wordt hier blootgelegd met een naakte emotionaliteit die enkel geëvenaard wordt door de woeste agitpropjazz van Martin Küchen. Hera is een levendig lillende, moderne freejazzplaat.

Laatste in de rij: Lark Uprising van Mikolaj Trzaska’s Ircha Clarinet Quintet, waar ook Zimpel en Joe McPhee deel van uitmaken. Dit is muziek van een heel andere orde: minder opzwepend en vooral gericht op harmonie en textuur. Het is geen abstract geharrewar, verre van, maar het vraagt zeker een geoefend oor. De plaat wordt ingeleid én uitgeleide gedaan door taaie langere stukken (samen bijna een half uur) en daartussen zitten drie kortere. Lark Uprising is een beproeving — de beste vergelijking die we kunnen vinden zijn de oudere platen van het ROVA-kwartet of die van Sonore — maar biedt een imposant staaltje moderne improvisatie. “Sparrows In Pentagon” alleen al is de prijs van de aanschaf waard.

Toegankelijk kan je deze albums bezwaarlijk noemen, want ze vergen een forse inspanning. Niet enkel omdat ze nu eenmaal buiten de lijntjes kleuren, maar ook omdat ze een opmerkelijke rijkdom en complexiteit verbergen die zich niet laat kennen na een halve beluistering. The Passion is een episch avontuur, Hera is de woelige, aardse tegenhanger, Lark Uprising is het experiment voor de fanatici. 3 x niet te missen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 2 =