Love and Other Drugs




De luchtige, all American feel good movie is
evenzeer een vast nummer tijdens de kerstperiode in uw lokale
multiplex als de obligate animatiefilm (een plaats die dit jaar
wordt ingevuld door ‘Tangled’), en de broodnodige horrorfilm voor
het publiek dat allergisch is aan al dat zoetzemerig gedoe (ditmaal
waargenomen door ‘Saw 3D’). Dat Jake Gyllenhaal en Anne Hathaway
rond deze tijd van het jaar dus hun meest fotogenieke glimlach
bovenhalen voor een schadeloos romcommetje, mag dus niet verbazen.
Dat ze daarin geregisseerd worden door Edward Zwick is dan weer
heel andere koek. Zwick staat bekend als grossier in groots
opgezette, bombastische historische epossen als ‘Glory’, ‘Legends
of the Fall’ en ‘The Last Samurai’. Dat hij dit klein,
conventioneel tragikomedietje voor zijn rekening nam, is dus al een
even dramatische change of pace als toen Ridley Scott
midden de jaren 2000 tekende voor ‘Matchstick Men’. Edward Zwick
verloopt het helaas iets minder goed – ‘Love and Other Drugs’ is
een sympathieke film, met aantrekkelijke hoofdrolspelers die een
overtuigende chemistry hebben, maar het is ook een
overladen prent, die de neiging heeft om thema’s, subplots en
nevenpersonages onzorgvuldig op elkaar te stapelen, om ze
vervolgens te weinig uit te werken.

Jake Gyllenhaal speelt Jamie Randall, één van de zonen uit een
doktersgezin, die zelf zijn studies medicijnen heeft opgegeven. Via
zijn broer komt hij aan een baan als vertegenwoordiger voor
farmaceuticagigant Pfizer, wat er op neerkomt dat hij bij
huisartsen met zijn gratis monsters moet gaan leuren, in de hoop
dat ze in het vervolg Zoloft zullen voorschrijven in plaats van
Prozac. Op die manier ontmoet hij Maggie (Anne Hathaway), een jonge
vrouw die nu al in het eerste stadium van de ziekte van Parkinson
zit. Chronische aandoening of niet, Maggie is een geestige,
vuilgebekte en onweerstaanbare dame, en het duurt dan ook niet lang
voor zij en Jamie een friends with benefits-relatie op
gang hebben gebracht. Aanvankelijk werkt dat prima – ze bellen
elkaar op om af te spreken, ze neuken elkaar te pletter en ze gaan
weer verder met hun leven – maar wat dacht u? Zouden er na een
tijdje toch lastige emoties de kop opsteken? Iemand?

Die love story vormt het geraamte van de film, en omdat
zelfs de makers blijkbaar wisten dat dat al bij al niet veel soeps
was, proberen ze continu om er andere elementen bij te halen die
het geheel wat meer vlees kunnen geven. Zo geven Zwick en zijn
coscenaristen een (ietwat halfslachtige) veeg uit de pan aan de
farmaceutische bedrijven, die artsen onder druk zetten om toch maar
zoveel mogelijk antibiotica voor te schrijven – met als gevolg dat
de patiënten op den duur nauwelijks nog een immuunsysteem
overhouden. In het verlengde daarvan zien we hoe Maggie regelmatig
met een busje vol bejaarden een trip naar Canada onderneemt, om
daar hun medicijnen te kopen. In de VS zijn ze immers onbetaalbaar.
Het probleem is alleen dat de makers daarmee open deuren
intrappen. We weten dat die medicijnenreuzen gangsters zijn – veel
nieuwswaarde heeft het niet, en de regisseur gaat er ook niet echt
op door. Zwick en co wijden een paar scènes aan dat thema en…
dat is dan dat. Op naar het volgende.

En bij het volgende zit onder andere ook een
ziekte-van-week-verhaal rond Parkinson. Anne Hathaway blijft er ten
alle tijden stralend uitzien – hoe zieker ze wordt, hoe sexier ze
is, om de één of andere reden – maar Zwick neemt geen enkel risico
en stuurt zijn beide hoofdpersonages zowaar naar een samenkomst van
Parkinsonpatiënten, om toch maar te benadrukken dat de aandoening
geen lachertje is. Verrassend genoeg levert die sequens de beste
scène van de film op. Jamie raakt aan de praat met de echtgenoot
van een vrouw die al 25 jaar lang aan de ziekte lijdt. “Als ik je
een raad mag geven: schrijf een lief briefje en vertrek. Ik hou van
mijn vrouw, maar als ik terug kon gaan in de tijd, zou ik er niet
aan beginnen.” En hij beschrijft met een gelaten zakelijkheid wat
het betekent om voor een aftakelende Parkinsonpatiënt te moeten
zorgen, inclusief het stadium van de incontinentie. Edward Zwick is
nooit een man van halve maatregelen geweest, en die scène is dan
ook nadrukkelijk ontworpen om de gevolgen van de ziekte in ons
gezicht te wrijven, maar ze wordt zo sec gespeeld, dat ze
verbazingwekkend efficiënt is.

Ben je wel zeker dat dit alles een komedie is, hoor ik u denken.
Jawel hoor. Maar de toonwisselingen van ‘Love and Other Drugs’ zijn
inderdaad niet van de poes. Wanneer de film naar zijn komische
modus overschakelt, krijgen we al evenzeer een hit and
miss-
toestand. De screwball-dialogen tussen
Gyllenhaal en Hathaway zijn zeer genietbaar, en ook de band tussen
Jamie en zijn oudere, teleurgestelde collega Bruce (Oliver Platt)
levert enkele leuke momenten op. Maar sporadisch kan Zwick zich
niet inhouden en gaat hij ongegeneerd voor de pipi-kaka humor:
Jamie die Viagra neemt en achteraf met een erectie zit die niet
meer wil weggaan, hohoho! Of nog genanter: Jamie die zijn
nietsnut-broer Josh (Josh Gad) betrapt terwijl die zich zit af te
trekken op de home video die Jamie en Maggie van zichzelf
gemaakt hebben. Lacheu!

Ook zijn sommige nevenpersonages te weinig uitgewerkt. Hank
Azaria is goed op dreef als een verbitterde huisarts, die zijn
problemen verdrinkt in betekenisloze seks. Zijn personage
is in aanleg interessant, maar hij krijgt lang niet genoeg tijd om
echt iets te betekenen. En zo gaat het ook voor Trey (Gabriel
Macht) een concurrerende vertegenwoordiger, en al helemaal voor
Josh, die gewoonweg thuishoort in een heel andere film (in een
mindere Judd Apatow, zou ik zeggen).

Wat ‘Love and Other Drugs’ toch een beetje de moeite maakt, is
vooral de wisselwerking tussen de twee hoofdpersonages, en het feit
dat de film goddank niet in het keurslijf van de Amerikaanse PG-13
classificatie gedwongen is. Wat inhoudt dat we hier mensen zien die
bijvoorbeeld durven vloeken en die ook effectief naakt zijn als ze
vrijen. Wat ze vaak doen – liefhebbers van Anne Hathaway’s fijne
vleeswaren (en zijn we dat niet allemaal?), zullen hier niet
teleurgesteld buiten komen. Eén en ander was trouwens al voldoende
om een bende puriteinen op de been te brengen op het forum van imdb
voor deze film – mensen die klaarblijkelijk diep gechoqueerd waren
door de blozende tepelhof van Hathaway en de glimlachende bilspleet
van Gyllenhaal, en daarmee grappiger wisten te zijn dan eender
welke scène in de film. Op hun eigen manier dan toch.
Anyway, het is verfrissend om mensen op een reële manier
intiem bij elkaar te zien, in plaats van altijd de opgepoetste
versie te krijgen waarin mensen nauwelijks hun schoenen uittrekken
tijdens de seks.

‘Love and Other Drugs’ is een betekenisloze film, die zichzelf
twee uur lang verzet tegen zijn eigen betekenisloosheid. Leuk
geprobeerd, maar het maakt de prent enkel onevenwichtig en
overladen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × vier =