James Blake

Hessle / R & S Records / ATLAS, 2010

Als How To
Dress Well
en James Blake – twee van de meest beloftevolle
debuterende artiesten van dit jaar – al één ding gemeen hebben, dan
is het wel hun liefde voor nineties r’n’b. Waar Tom Krell
echter nog op zijn eentje ode wilde brengen aan vooral het
stemgeluid van zangeressen als Kelis en Aaliyah,
gebruikt James Blake – een jonge Londense muziekstudent van 22 –
vooral verknipte samples van net dié stemmen op zijn eindeloos
fascinerende doorbraak-ep ‘CMYK’. Naar het voorbeeld van pionier
Burial (luister nog maar eens naar zijn onaards mooie ‘Archangel’)
maakt Blake warme dansmuziek voor de donkerste uurtjes van de
nacht; bloedmooie soul die de cirkel tussen Stevie Wonder,
Timbaland en dubstep tracht rond te maken.

‘t Is hoegenaamd geen toeval dat ze aan groepen als Mount
Kimbie, Pariah, Untold, Girl Unit en Four Tet (‘Love Cry’,
‘Sing’ of ‘Angel Echoes’, iemand?) de naam “postdubstep”
toedichten. James Blake is – althans in mijn ogen – zowat het
gezicht van die splinternieuwe stroming, die (hoe afschuwelijk de
naam ook klinkt) voor veel van de interessantste muzikale
revelaties van het jaar heeft gezorgd. Pitchfork heeft onlangs nog
een artikel gepubliceerd over het gebruik van de stem in
hedendaagse muziek, rond de centrale figuur van Burial. Veel van de
genres waarin wordt geëxperimenteerd met vocalen – chillwave,
dance, dubstep, ambient, hypnagogic pop – zijn inderdaad
toonaangevend voor een nieuw geluid dat anno 2010 duidelijk haar
opkomst maakt.

Dat James Blake mag beschouwd worden als de front
runner
van deze nieuwe sound ligt niet zozeer aan één
specifieke release als wel aan de evolutie die hij dit jaar heeft
doorgemaakt. Vorig jaar debuteerde hij op Hemlock met de
uitstekende ‘Air & Lack Thereof’-single en sindsdien bracht hij
– allemaal in dit jaar – nog drie ep’s en een single uit. Elk van
die releases is een wereld op zich, hoewel ze allemaal
overduidelijk de stempel van Blake dragen. Vergelijk het met het
oeuvre van Tim Burton: de verschillen tussen ‘Edward Scissorhands’,
‘Big Fish’, ‘Corpse Bride’, ‘Ed Wood’ en ‘Sweeney Todd’ zijn
immens, maar ze zijn toch allemaal onmiskenbaar “Burton,” wat dat
ook moge betekenen. James Blake klinkt altijd 100% “James Blake,”
maar slaagt erin om zijn sound keer op keer opnieuw uit te
vinden.

‘The Bells Sketch’, uit februari, is
een trage, soulvolle en donkere afterparty van een ep, even
schatplichtig aan J. Dilla dan aan Burial. Hij mixt zijn eigen, op
dat moment tamelijk onopvallend gebuikte stem en r’n’b-samples
kriskras door elkaar en laat die zweverige combinatie langzaam
samenvloeien met striemende elektronica en analoge klanken.
Voorzichtige piano, bliepjes en synthesizereffectjes smelten samen
tot een organische smeltkroes die eerder lonken naar een verlaten
loft dan naar een volgepakte club. De nummers hebben iets van het
meer melodieuze werk van Four Tet, en van de meer experimentele
nummers van Mount Kimbie.

‘CMYK’, uit mei, betekende voor Blake
de grote doorbraak en dan niet alleen commercieel-kritisch gezien.
Het geluid dat hij al voorzichtig uitlijnde op ‘The Bells Sketch’
werkt hij hier in extreme mate uit. ‘CMYK’ is dan ook in alle
opzichten de overtreffende trap van ‘The Bells Sketch’: meer
verregaand in haar experimenten, maar tegelijk meer poppy,
toengankelijk, en vooral ook gewoon béter. Alle vier de nummers
zijn hyperaanstekelijke oer-r’n’b met vette jazz- en soulinvloeden
(dat gebruik van piano keert alsmaar terug), aangevoerd door een
en
handclaps. ‘CMYK’ klinkt warm en futuristisch, aards en
onwerelds, dansbaar en ontroerend tegelijk: het is zijn eerste
meesterwerk.

Zo mogelijk nog beter is ‘Klavierwerke’, zijn
hors d’oeuvre. Het is zijn meest volwassen, moeilijke en
geslaagde plaat tot nu toe: Blake gebruikt in plaats van zijn
geliefkoosde r’n’b-samples erg prominent aanwezige fragmenten van
zijn eigen, warme soulstem, en de nadruk komt voor het eerst ook op
het “Klavier,” de piano te liggen. De aanpak is veel meer
minimalistisch, alsof elk geluidje dat niet absoluut noodzakelijk
was, genadeloos uit de geluidsmix werd gekieperd. Blakes
ghostly vocalen vullen de leegte op tussen bas en piano,
terwijl voorzichtige elektronica zachtjes uit de boxen druppelt.
Het is een bedachtzaam, volwassen album en met 15 minuten een top 3
van dit jaar. ‘Klavierwerke’ is een ep uit september.

Ondertussen heeft James Blake ook nog de vooruitgestuurde single
van zijn debuutalbum (!) op de wereld losgelaten. ‘Limit To
Your Love’
(een cover van Feist) is nog minimalistischer,
nog meer ingetogen en nog aangrijpender dan pakweg ‘I Only Know
(What I Know Now)’. Elektronica wordt ditmaal naar de achtergrond
verdrongen voor een kale sound met niets dan zijn eigen stem, zijn
piano en enkele spaarzame beats. En kippenvel! Dit is hoe ze
vijftig jaar geleden hoopten hoe pop in de toekomst zou
klinken. Blake’s eigen evolutie komt hier tot een culminatiepunt:
zijn stem centraal in een stripped down, licht
elektronisch, maar ongelooflijk puur soulnummer. Zijn debuut
verschijnt in februari. De cirkel is rond.

http://www.myspace.com/jamesblakeproduction

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

tien + 2 =