Due Date




(Proloog) We schrijven januari tweeduizend en drie. Voluit, voor
de gelegenheid. De hemel staalblauw, de lucht ijskoud. Oranjerode
espenbladeren klieven het zwerk. Een formatie brandganzen wiekt
voorbij. De wind huilt en etst bijtende tranen in de ogen van de
eenzame fietser. Een hond blaft, slaat de drukkende stilte heel
even aan gensters, wordt dan opnieuw gemuilkorfd door de winterse
verstomming. Tot onverhoeds een doffe klap de serene scène splijt.
Een zestienjarige versie van mijzelf zit op mijn kamer en slaat een
boek dicht. Een dromerige waas ligt over mijn gelaat, een
gelukzalige glimlach speelt om mijn lippen. Plots wordt mijn blik
verdacht helder. Een ongekend enthousiasme maakt zich van mij
meester. Rusteloos spring ik op, ik ren naar de deur en
koortsachtig ga ik op zoek naar iemand om mijn nieuwverworven
vervoering mee te delen. Vergeefs en helaas: alleman reageert
onverschillig op mijn uitbundige gestiek. Het zou een aanhoudende
frustratie worden: tot op heden heb ik niemand kunnen besmetten met
mijn zielsverrukking voor Maarten ‘t Harts wonderschone ‘Een vlucht
regenwulpen’. Pointe van deze tranche de vie: zo af en toe
lees, hoor of zie je iets groots, waarna je gegrepen wordt door de
irrationele aandrang dat kleinood aan de wereld voor te stellen.
Behalve bij ‘Een vlucht regenwulpen’ voelde ik die drang tot delen
ondermeer bij Walter Moers’ ‘De dertien en een half levens van
kapitein Blauwbeer’, bij Tom Waits’ ‘Swordfishtrombones’ en bij een
stuk of wat essays van Herman de Coninck. Ook bij ‘The Godfather’,
uiteraard, maar de wereld bleek dat al te kennen. (Einde
proloog)

Zulke momenten van ultieme begeestering zijn uiteraard erg
schaars. Veel vaker lees, hoor of zie je iets dat je, als blijk van
naastenliefde, tot het einde der tijden voor de medemens verborgen
wil houden. Dat heb ik bijvoorbeeld – to name a few – met
het veel te omvangrijke oeuvre van Kristien Hemmerechts (Herman,
kerel, waar zat je met je gedachten?), tekstloze theaterstukken met
onfunctioneel naakt en de groepsverkrachting van Cohens
‘Hallelujah’ door Gabriel Ríos en Natalia. En nu eigenlijk ook met
‘Due Date’, Todd Phillips ezelsbruggetje tussen ‘The Hangover’ en
‘The Hangover Part II’ (Amerikaanse release: 26 mei 2011). Daarin
rijden Peter Highman (Robert Downey Jr.) en Ethan Tremblay (Zach
Galifianakis) door een wonderbaarlijke lotsbeschikking samen van
Atlanta naar LA, een helletocht van 3506 kilometers en 100
hemeltergende minuten. Peter is een kraaknette yup met een
erg kort lontje, die tijdig in de Stad der Engelen wil arriveren om
de geboorte van zijn eerste kind mee te maken. Ethan is dan weer
een vadsige, verwijfde, maar goeiige aspiring actor, die
in Hollywood hoge ogen wil gooien. De antipoden zijn node op elkaar
aangewezen en groeien ondanks alles – heus! – naar elkaar toe.
Hoewel, van een geleidelijk groeiproces is hier uiteraard geen
sprake: veeleer worden ze na 90 minuten bekvechten onder druk van
clichés en naderende credits in elkaars armen
gedreven.

‘Due date’ is dus – No shit, Sherlock – een flets
doordrukje van John Hughes’ ‘Plains, Trains and Automobiles’, waar
de melige affectie tussen zakenman Neal (Steve Martin) en
fatso Del (John Candy) door de injectie van enige
subtiliteit overigens wel min of meer geloofwaardig oogt. ‘PTA’ is
bovendien een kerstfilm, een genre waarin het sowieso allemaal niet
echt hoeft te sporen: dwarrelende sneeuw en jengelende knapenkoren
nopen pers en publiek schijnbaar tot een tijdelijk staakt-het-vuren
met goedkoop sentiment. Daarnaast herkauwt Phillips in ‘Due Date’
gemakkelijkheidhalve ook de structuur van ‘The Hangover’, een
road movie (check) waarin een verscheiden gezelschap
(check) op weg naar huis (check) dolle fratsen beleeft (check).
Dezelfde director of photography (Lawrence Sher, zie ook
‘Legally Blonde’) zorgt bovendien voor dezelfde visuele
stijl(loosheid) en ook Zach Galifianakis was er in ‘The Hangover’
al bij. ‘Due Date’ tracht kortom onbeschaamd het commerciële succes
van ‘The Hangover’ dunnetjes over te doen. Het ijzer smeden als het
heet is, heet dat dan.

Allemaal vergeefs, want humor laat zich niet plompweg kopiëren.
Downey Jr. en Galifianakis matchen hier absoluut niet: het
is bij wijlen ronduit pijnlijk om te zien hoe de twee vruchteloos
vuurwerk simuleren. Maar als de vonk er niet is, zo weet de
volksmond, mag niks baten. Nochtans bewezen beide heren zich elk
afzonderlijk wel al als komisch acteur. Zo was Galifianakis’
personage in ‘The Hangover’ echt wel genietbaar en was zijn korte
optreden als Steve in ‘Up in the Air’ meer dan oké. Downey Jr.
zette op zijn beurt een schitterende Chaplin neer in de, voor het
overige niet erg memorabele, biopic van Richard
Attenborough. Hun kunde wordt in ‘Due Date’ echter hardhandig de
nek omgewrongen door de zielloosheid van het hele project en elke
glimp van stielkennis wordt succesvol toegedekt door de algehele
imbeciliteit van de prent. Enkel een paar ludieke dialooglijnen
zorgen voor zeldzame lichtpuntjes in dit schabouwelijke treurspel.
Graag trakteren we u op de beste oneliner, zodat u naast
zelfkastijding en boetedoening geen geldige reden meer hebt om ‘Due
Date’ te bekijken: “Dad… You were like a father to me”
(Ethan tegen een blik met de assen van wijlen zijn vader). Ergens
in de film brouwt Jamie Foxx – geen idee waar die plots vandaan
kwam – overigens koffie van diezelfde assen. Jup, dat soort
humor.

Het heeft weinig zin hier nog meer mankementen van ‘Due Date’ op
te lijsten, aangezien de film zich perfect in één woord laat
samenvatten: o-n-n-o-z-e-l! En dat is hier weldegelijk bedoeld in
de betekenis van – in alfabetische volgorde – ‘achterlijk’,
‘belachelijk’, ‘bespottelijk’, ‘bezopen’, ‘dom’, ‘hersenloos’,
‘mallotig’, ‘nietszeggend’, ‘simpel’, ‘slap’, ‘stompzinnig’,
‘stupide’, ‘sullig’ en ‘uilig’. Neem liever ‘Een vlucht
regenwulpen’ eens ter hand. Of ‘Kapitein Blauwbeer’. U zal er een
rijker mens van worden. Hup.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 + 13 =