Brooklyn’s Finest





Met : Ethan Hawke, Don Cheadle, Richard Gere, Wesley Snipes, Will
Patton, Ellen Barkin e.a.

Hollywoodacteurs zijn waarschijnlijk het meest overbetaalde
volkje ter wereld – in sommige gevallen vangen ze 10, 15, zelfs 20
miljoen voor een rol waar ze dertig draaidagen aan besteden,
ka-tsjing! Maar er zijn projecten waarin ze echt elke cent
waard zijn. Case in point: ‘Brooklyn’s Finest’, een
clichématige flikkenfilm die het ene stereotype op het andere
stapelt, maar toch gered wordt door een cast die er in slaagt om
boven het pulpy materiaal uit te stijgen. Hadden hier
slechte acteurs in gezeten, dan hadden we de film linea recta naar
de prullenmand kunnen verwijzen, maar zoals het is, scoort
regisseur Antoine Fuqua toch nog net een “voldoende”. Zij het met
moeite.

We volgen drie politieagenten over de loop van ongeveer een
week. Sal (Ethan Hawke) woont met zijn vrouw en vijf kinderen in
een huis dat onder zijn voeten aan het wegrotten is – hij heeft
dringend geld nodig om te kunnen verhuizen, en het geld dat hij op
tafel ziet liggen tijdens drugarrestaties, ziet er dan ook hoe
langer hoe verleidelijker uit. Tango (Don Cheadle) zit al jaren
undercover in een drugbende. Zijn vrouw heeft hem verlaten en hij
begint stilaan te twijfelen waar zijn loyaliteit nu eigenlijk ligt.
En Eddie (Richard Gere) is een complete burn-out, die
begonnen is aan zijn laatste week, elke dag een reden moet bedenken
om zichzelf geen kogel door het hoofd te jagen en voor de rest
compleet apatisch is geworden tegenover het geweld om hem heen.

Ligt het aan mij, of denkt u bij dat laatste personage ook
spontaan aan Danny Glover in ‘Lethal Weapon 3’, die constant liep
te zeuren dat hij nog maar eight days to retirement had?
Zelfs toen was dat al een cliché, en dat is zo’n twintig jaar
geleden. Antoine Fuqua keert met ‘Brooklyn’s Finest’ terug naar het
terrein dat hem zijn eerste hit opleverde – in 2001 brak hij door
met ‘Training Day’ (ook al met Ethan Hawke), waarin Denzel
Washington de vunzigste flik in de geschiedenis van vunzige flikken
speelde. Fuqua werd gelijk onthaald als een jonge belofte, wat niet
verhinderde dat hij vervolgens royaal werd genaaid door de
producenten van zowel ‘King Arthur’ als ‘Tears of the Sun’, die hem
de controle over beide projecten afnamen tijdens de montage (hoewel
het moeilijk is om je eender welke versie van ‘King Arthur’ voor te
stellen die niét zuigt). Met ‘Brooklyn’s Finest’ speelt hij opnieuw
een thuismatch, en je merkt dat dat hem goed doet.

Aan de regie als dusdanig zal het dan ook niet gelegen hebben:
Fuqua heeft een goed gevoel voor ritme, weet hoe hij zijn
suspensescènes moet opbouwen en maakt interessante camerakeuzes.
Let op een scène aan het einde van de film, waarin Ethan Hawke een
flat binnengaat en twee drugdealers neerschiet. Terwijl hij door
het appartement loopt, blijft de camera gewoon in de gang – we zien
de lijken liggen en we zien Hawke af en toe voorbij lopen,
that’s it. Maar het werkt, omdat onze fantasie aanvult wat
we niet zien, én we ondertussen de kans krijgen om de gevolgen van
het geweld te laten doordringen. Is dat shot wereldschokkend
origineel? Nou, nee, dat niet. Maar het is wel een shot waar een
sterke beheersing uit spreekt.

Het probleem zit ‘m echter in het script van Michael C. Martin,
van wie ik vermoed dat hij gewoon het verzameld werk van Sidney
Lumet eens goed heeft bekeken, waarna hij een greatest
hits
samenstelde van plotelementen. De alcoholische flik?
Check. De undercoveragent met gewetensconflict? Check. De
onbetrouwbare oversten-in-pak? Check. De onervaren rookie
die een tragische fout begaat? Check. Hell, we krijgen
zelfs een hoertje met een gouden hart op ons bord (in de
verhaallijn rond Richard Gere, nota bene, die nu eenmaal iets heeft
met hoertjes met gouden harten). Bovendien heeft Martin het ook
moeilijk om de drie verhaallijnen op een geloofwaardige manier te
laten samenvloeien. Tijdens het eerste uur worden de
hoofdpersonages strikt van elkaar gescheiden gehouden, en werkt het
allemaal nog wel. Maar tijdens de tweede helft begint de schrijver
langs alle kanten aan zijn verhaal te sleuren om er toch maar voor
te zorgen dat ze allemaal op hetzelfde moment op dezelfde plaats
terechtkomen voor de climax van de prent. Met als gevolg het soort
van toevalligheden dat met de beste wil van de wereld echt niet
door de beugel kan.

‘Brooklyn’s Finest’ is dan ook één van de meest frustrerende
films van de voorbije maanden: het scenario is déjà-vu van begin
tot eind, maar de uitvoering ervan is ontegensprekelijk
professioneel. Oké, met z’n 132 minuten is dit een lange zit, maar
Fuqua weet de aandacht er bij te houden, en hij kan rekenen op een
zeer sterke cast. Ethan Hawke speelt in principe dezelfde rol als
in ‘Before the Devil Knows You’re Dead’, als eeuwige knoeier die
z’n goeie bedoelingen niet kan waarmaken. Opnieuw een flashback
naar een film van Sidney Lumet, dus, maar Hawke brengt wel een
intensiteit en geloofwaardigheid naar zijn personage die in opzet
niet aanwezig zijn in het scenario. Don Cheadle is sowieso één van
de beste acteurs van het moment en weet het dilemma van Tango mooi
naar boven te brengen, zonder over de top te gaan. In zijn
verhaallijn krijgen we trouwens een verrassende bijrol van Wesley
Snipes – hoe lang is het al geleden dat die in iets anders zat dan
straight-to-dvd crap? Richard Gere blijft Richard Gere als
Eddie en is wellicht de zwakste schakel in de ketting, maar dat
komt minstens gedeeltelijk omdat zijn rol het zwakst ontwikkeld is.
Gere krijgt minder om mee te werken, maar ook hij is best te
pruimen.

Ik vrees dat sinds ik de tv-reeks ‘The Wire’ heb gezien, ik
misschien wel altijd films met een gelijkaardig thema tegen die
serie zal blijven afwegen. In principe is dat niet eerlijk: David
Simon en Ed Burns hadden tien afleveringen van een uur om hun
personages en plotlijnen geloofwaardig te maken, Fuqua heeft maar
een film van twee uur. Maar toch – flikken die corrupt worden omdat
ze te weinig betaald krijgen, morele crisissen en de erecode tussen
boeven… ‘Brooklyn’s Finest’ vist nu eenmaal uit datzelfde
vijvertje, en ik kan de keren niet tellen dat ik gaandeweg heb
gedacht: “datzelfde gegeven zat ook in ‘The Wire’, maar dan veel
beter uitgewerkt”. Nuja, eigenlijk mag je zo niet denken, I
know.
Hoe het ook zij: ‘Brooklyn’s Finest’ is bij uitstek een
film om ooit eens te bekijken op dvd, als hij niet te veel meer
kost. Een degelijke regie en goede acteurs moeten opboksen tegen
een minderwaardig scenario. De regisseur en acteurs winnen op
punten, maar geloof me: de marge is klein.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 3 =