Slayer :: World Painted Blood

God Hates Us All (2001) was een prima comeback, maar Christ Illusion (2006), het eerste album met drummer Lombardo sinds de hoogdagen, was de shit. Dat ze dat niveau nog eens zouden halen, leek onwaarschijnlijk, maar met World Painted Blood hebben de peetvaders van de thrash bijna het onmogelijke bewerkstelligd. Hun tiende plaat veegt opnieuw de vloer aan met de ongeduldig trappelende troonpretendenten.

"Torture, misery, endless suffering / Torment, agony, captured for eternity" luidt het in "Snuff". De goede verstaander weet dat er geen bal veranderd is in Slayerland, maar zo is het net goed. Als er in het verleden al eens gerotzooid werd met andere stijlen en geluiden, zoals op Diabolus In Musica, dan leverde dat immers gemengde resultaten op. Op World Painted Blood zoekt de band opnieuw aansluiting bij de klassieke trilogie, wat zorgt voor waanzinnig snelle tempi, ultra-agressieve staccato-riffs, hysterisch gillende solo’s, een manische Tom Araya en een compleet op hol geslagen Lombardo, die voor de zoveelste keer een wereldprestatie neerzet.

Een eerste beluistering laat meteen horen dat de band onwaarschijnlijk vitaal klinkt voor een stelletje metalheads dat aardig op weg is naar z’n dertigste (!) verjaardag. De sound lijkt soms wat fond te missen doordat drums en zang volledig naar de voorgrond geduwd worden, en vooral Araya’s baswerk moet het (naar goede gewoonte) ontgelden, maar dat komt de vinnigheid dan weer ten goede. Dat Hanneman weer volop heeft meegeschreven aan de songs is een extra troef. Hij is immers de man die verantwoordelijk is voor kleppers als "Angel Of Death", "Raining Blood", "South Of Heaven", "War Ensemble" en "Seasons In The Abyss", stuk voor stuk loepzuivere Slayer- en metalklassiekers. En ook al haalt dit album overduidelijk de mosterd bij Reign In Blood (inclusief openen met de best uitgewerkte song en afsluiten met een razend snelheidsfestijn), het blijft essentiële kost voor liefhebbers van extreme metal.

Natuurlijk levert de plaat ook weer een resem staaltjes van wanstaltige poëzie op (lees de teksten van "Beauty Through Order" of "Playing With Dolls" er maar op na), al is dat iets dat je erbij neemt. De thema’s zijn gekend — geweld, religie, politiek, de menselijke aard, dat soort onzin —, de uitwerking evenzeer. Geen enkele band weet echter zo virtuoos de grens tussen het cartooneske en het intimiderende te bewandelen. Slayer meent het. Deze kerels geloof je. En ze vlammen de benen vanonder je lijf, dat ook. Die ziedende furie leg je niet naast je neer. De titelsong die de plaat aftrapt, laat het allemaal horen: de sinistere intro, de rotvaart, het fantastische midtempo middenstuk. Helaas ook een traag friemelstuk dat het nummer onnodig rekt met anderhalve minuut.

Dat wordt echter allemaal gecompenseerd door het een-tweetje "Unit 731" en "Snuff", turbothrash met een been in de hardcore die niet enkel bewijst dat de vier het allemaal nog onder controle hebben, maar ook dat ze gevoel voor humor hebben door die laatste song uit de startblokken te laten schieten met twee van die herkenbare, lelijke gitaarsolo’s. Hier en daar nemen ze ook even gas terug, en doorgaans net op de juiste momenten. In het geval van "Human Strain" levert dat weinig boeiend luistermateriaal op, bij het wat lullig getitelde "Americon" (een bijdrage van Kerry King, nooit de meest fijnbesnaarde van het kwartet) leidt het tot lomp gestomp dat live al even goed moet werken als die onweerstaanbare "DIE IN FRONT OF MEEEEEEEEEEEEE" van het vaag melancholische "Playing With Dolls".

Wat het meest bijblijft, zijn echter de kopstoten en bloedspuwende muilperen die geen spaander heel laten van alles wat zich ook maar in de buurt bevindt. Naast het eerder vermelde duo valt ook "Public Display Of Dismemberment" op, dat eens te meer laat horen dat er zich binnen deze band een chemie afspeelt die onvergelijkbaar is. En opnieuw een waanzinnige performance van Lombardo. De uitschieter van het album is echter naar het einde te zoeken. "Psychopathy Red" is misschien wel de beste Reign In Blood-song sinds 1986, een vermorzelend staaltje forsbollerij dat uitnodigt om het kot volledig af te breken; het spul dat zorgt voor een gevaarlijk adrenalineshot. Een song die de uitgegeven vijftien euro moeiteloos rechtvaardigt.

Christ Illusion voelt nog steeds iets completer aan, iets gewaagder en diverser ook, maar World Painted Blood is met z’n zwaar aan de 80’s schatplichtige sound en stijl een al even indrukwekkende toevoeging aan een oeuvre dat intussen klassiek mag heten. Van "the big four of thrash metal" (Anthrax, Metallica, Megadeth, Slayer) is dit de enige die geen toegevingen deed. Slayer raast als vanouds en heeft geen spatje van zijn aantrekkingskracht verloren. Zoals de slogans en shirts het mooi samenvatten: FUCKIN’ SLAYER. Ze hebben het ’m weer gelapt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + 5 =