Sukilove :: Static Moves

Pascal Deweze heeft een studio gebouwd, en dat hoor je. Niet dat Static Moves een veelgelaagd plaatje werd waar die van Radiohead een puntje aan kunnen zuigen, maar de industriële ruimtes, waar hij die speelplek bouwde, zijn bijna een extra instrument geworden die de plaat zijn unheimlich, afstandelijk kantje geven.

"Liedjes schrijven? Dat heb ik twaalf jaar geleden al gedaan." Zo laconiek veegt Deweze herinneringen aan vroeger van tafel. Vier platen ver blijft de Suki-carrière een verhaal van wroeten en zoeken naar een eigen muzikale taal. Na het barokke Good Is In Your Bones — waar de groep als artist in residence van Trix een jaar aan kon schaven — moest nu snel worden opgenomen; het moest ruw en rock-’n-roll zijn.

Dat is niet gelukt.

Een groep met vijf rotgetalenteerde muzikanten, allen minstens ook halve producers, maakt niet gewoon een sober rock-’n-rollplaatje. "’t Is bijna echt muziek geworden", zei Deweze vorige week nog op goddeau en dat is het ook: geen liedjes, maar dense brokken muziek met arrangementen waar stevig aan gesleuteld is. Geen gemakkelijke hap, wel één die tussen beluistering dertig en vijfendertig eindelijk zijn geheimen begint prijs te geven. En er tegen de vijftigste draaibeurt (zeg niet dat we er niet aan gewerkt hebben) nog blijft loslaten.

Neem nu opener "New Beginning". Meteen weet je: ’t is weer geen zomerplaatje geworden. Naar de melodie is het aanvankelijk even zoeken, tot ze weken later met geen stokken uit je hoofd blijkt te slaan. Even snel wordt ook het belang van de industriële omgeving van Studio Jezus duidelijk: die galm kan alleen maar van lange gangen in een fabriekspand afkomstig zijn.

De stemmetjes van "4AM" zouden nooit zo griezelig klinken als ze hun galm met een effectenbakje moesten krijgen, en ook de leegte die "Sugareyes" omhult is perfect: Deweze met gitaar, een piano die door de wind lijkt bespeeld en daarover de holle maar spaarzame drums van Stoffel Verlackt. Uitgebeend, maar proper.

Een heerlijk simpele piano zwalpt ook door "Choose Your Gods", tot gaandeweg gierende gitaren het overnemen, en stevig samen gezongen "ahah"’s mogen afronden. Waarna de marcherende dodendrums van "Fear" — en opnieuw dat soort spokenstemmetjes waar Sukilove zich wel in lijkt te specialiseren —Static Moves een duidelijke richting geven. Het valt daar op, dat de grootste constante in Sukiloves oeuvre misschien wel de samenzang is, zij het dat die van zomers scoutsgevoel naar een soort creepy spokensfeer is geëvolueerd. En Deweze maar zingen van "We’re all just meat, waiting to die". Toepasselijker kan het niet. Vindt u onze referenties te morbide? Deweze doet er een schepje bovenop met een titel als "Memory As A Skull".

Static Moves is echter bovenal een plaat die bewonderenswaardig helder klinkt. Uitgebalanceerd. De stevige gitaren van "Rebel" zitten volledig vooraan, maar de piano die daar doorheen hamert wordt geen moment overschaduwd. De schuifjes zitten juist tot op de millimeter, en dat is aangenaam luisteren. Een extra pluim mag Deweze dus op zijn hoed steken voor het puike productiewerk, en we begrijpen waarom zoveel luide groepjes graag met hem willen werken: niemand kan chaos zo leesbaar maken als hij.

Na zestig beluisteringen is Static Moves nog steeds een plaat waar je niet klaar mee bent. En dat is geweldig. Voor gemakkelijke hapklare liedjes is er tegenwoordig immers Jasper Erkens. Wie iets meer wil en graag op ontdekkingstocht gaat, raden we met plezier Static Moves aan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een + 14 =