Green Day :: 21st Century Breakdown

"Het lot is een hoer op jaren met een aandachtsprobleem", dat schoot ons door het hoofd toen we voor het eerst 21st Century Breakdown van Green Day in de cd-lader schoven. Ooit ontstond punk als reactie tegen de bombast van Queen en andere conservatoriumgroepen, de grootste punkband ter wereld kon zich alleen maar revitaliseren door leentjebuur te gaan spelen bij de epiek en de songstructuren-met-ostentatieve-bewegingen van Freddy Mercury.

Probeer dan nog maar eens van ironie te spreken, als de ironiemeter al lang ontploft is. Want natuurlijk kon Green Day niets anders doen om verder relevant te blijven. De beperkingen van punk zijn al lang gekend, en je kunt maar een beperkt aantal platen maken vol drieminutenrammelrock; dat zullen ook Arctic Monkeys straks wel ondervinden. Geen wonder dus dat het in de late jaren negentig al lang bergaf was gegaan met de punkers uit het Californische East Bay. De gein van "Basket Case" en "Longview" was er al lang af, en ook "Good Riddance (Time Of your Life)" was al een klassiekertje. Gelukkig dus maar dat George W. Bush werd verkozen, er een potje van maakte en Billy Joe Armstrong zo pissig werd dat het heilig vuur van American Idiot een allesverschroeiende killerpaat maakte, zo stampensvol hooks dat "Jesus Of Suburbia" alleen al eigenlijk vijf nummers in één was, allen even aanstekelijk, en even venijnig kritiek spuiend op the American way of life.

En daar bevinden we ons vijf jaar later: eindelijk is met junior Bush komaf gemaakt, met Obama gloort iets van hoop aan de horizon, maar met een wereldwijde crisis in onze nek ziet het er allemaal niet geweldig uit. "We are the desperate in decline, raised by the bastards of 1969", deelt Armstrong ons in "21st Century Breakdown" mee, en muzikaal bevinden we ons in zo’n halve rockopera vol galmende pathos en tempowisselingen: van de epiek van Bruce Springsteen naar een dramatisch slot dat zo uit het oeuvre van Queen had kunnen komen.

Dat is Green Day zoals het zichzelf heruitvond anno 2004: muzikaal rijk, nog altijd punkers in hart en nieren, maar met een oor voor de Amerikaanse rocktraditie. Al te vaak op 21st Century Breakdown keren we echter terug naar het hersenloze rammen van voorheen. Na die geweldige opening is het dan ook zonder pardon de strakke bandwerkpunk met het flauwe "Know Your Enemy". Dat dit ook de single is die de grote terugkeer van Green Day moet inleiden, is een slecht omen.

"Christian’s Inferno" begint met een killer riff waar Trent Reznor iets productiefs mee zou kunnen aanvangen, maar het duurt niet lang of hop, daar schakelt Armstrong alweer over op 1-2-3-meebrullenpunk. "East Jesus Nowhere" wil ook al iets zeggen over religie, maar met zo’n derderangs hobbelrock op zijn Offsprings moeten ze bij ons niet afkomen. Dan liever de pure rock-’n-rollfun van "Peacemaker" of "Horseshoes And Handgrenades" die nog heel hard doen denken aan Foxboro Hot Tubs, het gelegenheidsgroepje waarmee Green Day vorig jaar nog eens onbevangen plezier maakte.

Neen, dat van die drie delen en het conceptuele verhaal dat er achter zou schuilgaan, vatten we ook niet helemaal door alleen maar de teksten te lezen. Het maakt ook niet echt uit, want de film duurt te lang, en halverwege snakken we naar een goeie shoot out om ons opnieuw uit de lethargie te wekken waarin het halfzachte "Last Night On Earth" ons heeft gebracht. Ook "Before The Lobotomy" dreigt even een zeurderige sleper te worden, maar kiest uiteindelijk voor kleuterpunk met een irritante melodie in het refrein.

"Static Age" is dan weer wel een geweldige singlekandidaat; vier minuten razend afgeven op de domheid van televisie en radio, dat helaas wordt beëindigd met — horen is geloven — de Eurosongste aller truken uit het songboek: in de allerlaatste bocht het refrein een octaafje hoger beëindigen en afknijpen. Meteen daarna is "21 Guns" een van de mooiste ballads die een punkgroep ooit aan band toevertrouwde. En de twee versies van "Viva La Gloria" zijn verdomd fijne nummers.

We hadden dit nochtans een geweldige plaat willen vinden, want Armstrong heeft heel wat zinnigs te vertellen over deze wereld. "Desperate but not hopeless", probeert hij een wereld te schetsen na acht jaar destructief beleid, van de gewone man die daar, als alle stof is gaan liggen, de prijs voor mag betalen. Met zijn zeventig minuten heeft Green Day echter zwaar zijn hand overspeeld: niemand wil meer dan een uur lang naar almaar doorjakkerende punknummers luisteren, en zeker niet als ze niet allemaal even geïnspireerd zijn. Een lichtjes ontgoochelende terugkeer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × vijf =