FESTIVALPARCOURS :: Roadburn 2009 :: Uit z’n voegen gebarsten

De memorabele editie van 2007 maakte al volledig komaf met het idee van Roadburn als kleinschalig nichefestival. Waren de laaggestemde gitaren en psychedelische dampen een decennium geleden nog voer voor nostalgici met een seventies-fixatie, dan is het festival intussen uitgegroeid tot een event waar ook de hipsters en liefhebbers van het zwaardere experiment hun ding kunnen vinden.

Met de kaartenverkoop zat het altijd al snor, maar deze editie werd het ronduit surreëel. De tickets gingen immers de deur uit in vijfenveertig minuten (in tegenstelling tot andere festivals kon je geen dagtickets kopen, behalve dan voor de Afterburner). ’Roadburn is een beleving’, moeten de organisatoren gedacht hebben, en wat beter dan een driedaagse in Tilburg? Het bracht echter een stormloop teweeg met enkele vervelende gevolgen: hopen ontgoochelde festivalgangers die het festijn voor het eerst aan hun neus voorbij zagen gaan, gemor en geklaag op allerhande fora en, onvermijdelijk, het opduiken van tickets op de zwarte markt. Het is duidelijk: wie een ticket heeft, die heeft er moeite voor gedaan of mag van geluk spreken.

Net als een hele resem andere festivals in binnen- en buitenland, gaande van ATP tot Werchter, Pukkelpop, Dour en Lowlands, is Roadburn intussen uitgegroeid tot een evenement dat het concept van een handvol bands op een podium overstijgt: er wordt kwistig geld gespendeerd aan bakken merch, fans en muzikanten uit binnen- en buitenland vinden mekaar, en de randanimatie is steeds nadrukkelijker aanwezig. Zo valt er dit jaar ook een film te bekijken (Such Hawks, Such Hounds), wordt een extra locatie (’V39’) ingeschakeld om standjes te huisvesten en extra shows te programmeren en is de Afterburner, ooit het toetje achteraf, eigenlijk al een minifestival op zich.

Gelukkig is het muzikale aanbod er opnieuw eentje om van te smullen, met op donderdag en vrijdag opnieuw een combinatie van traditionele en minder traditionele klanken, bands die prima zouden gepast hebben in de eerste stonergolf van de jaren negentig (Colour Haze), retrobands die het vuur van de dynamietrock brandend houden (Orange Goblin, Atomic Bitchwax), enkele genre-iconen (Cathedral, Saint Vitus), ronkende namen uit de hippe underground (Bohren Und Der Club Of Gore, Nadja, Wolves In The Throne Room) en enkele bands hors categorie (Motorpsycho, Zu). Opvallend is dat de heavy lading opnieuw uitbreiding krijgt, waardoor Roadburn een amalgaam wordt van progressieve en klassieke geluiden, van old school koppigheid én genre-bending.

Terwijl de derde festivaldag vorig jaar nog toevertrouwd werd aan de kundige handen van Current 93-opperhoofd David Tibet, is het dit jaar het bij leven reeds legendarische Neurosis dat het heft in handen neemt. En wat die dag wordt samengebracht onder de noemer Beyond The Pale mag er zijn, aangezien de band voorbeelden (Young Gods), geestesgenoten (US Christmas, Om, Earth), volk uit eigen stal (A Storm Of Light), de nieuwe generatie (Amenra, Grails) en enkele buitenbeentjes aan het woord laat (Eugene Robinson, Zeni Geva). Veel uiteenlopende stijlen, maar allemaal verbonden door intense luisterervaringen. Zaterdag wordt zweten.

Het aanbod vervalt met vijftien tot twintig acts per dag in het niets als je de vergelijking maakt met de megafestivals, maar met een line-up die uitblinkt in decibelterrorisme valt hier meer dan genoeg te rapen voor liefhebbers van het hardere werk. De enige nadelen zijn dezelfde als die van andere edities. De overlappingen van de concerten zijn te begrijpen (enkel op die manier vermijden de organisatoren massale files in het concertgebouw), maar het heeft als nadeel dat je maximaal een stuk of zes à zeven concerten per dag kan zien van begin tot einde. Een ander nadeel is de grootte van de zalen. De hoofdzaal is een ruime, comfortabele zaal die een puike sound garandeert, maar de Green Room en (vooral) kleine broertje de Bat Cave zijn minstens de helft te klein, waardoor het sardieneneffect voelbaar is voor je er nog maar binnen geraakt.

Roadburn 2009 wordt lang, luid, zwaar en vermoeiend, maar we hebben er ook weer vertrouwen in dat de bands niet zullen nalaten het onderste uit de kan te halen en dat het allemaal kan gebeuren in een sfeer en met een authenticiteit die elders al lang zoek is. U hoort er volgende week van!

Goddeau’s Gouden Negen

Motorpsycho: De voorbije vijftien jaar profileerde het Noorse trio zich als een van de beste bands van Europa, met een aaneenrijging van boeiende albums en een knoert van een livereputatie. De band zal tweeëneenhalf uur (!) spelen en het staat nu al vast dat het een hoogtepunt wordt.

Orange Goblin: Lomp, boertig en loeihard. Deels stonerrock, deels NWOBHM-tribuut. Aangevoerd door een halve Viking staat deze band steeds garant voor een spervuur van voze riffs en een rock-’n-roll-show zonder weerga.

Zu: Vreemde eend in de bijt. Sinds de release van Carboniferous bezig aan een bescheiden opmars als een van de opmerkelijkste bands uit het hardere genre. Liet een verpletterende indruk na op het Sonic City-festival en zal ongetwijfeld volk bekeren in Tilburg.

Saint Vitus: De oudjes van dienst. Was zo’n drie decennia geleden (in volle punkperiode!) een van de eerste bands die de nalatenschap van Black Sabbath durfden herwaarderen. Bleef jarenlang een cultband en krijgt alsnog een eerbetoon van de jonge garde.

Steve Von Till: Zanger/gitarist bij onheilsprofeten Neurosis en leverancier van een van de beste herfstplaten van 2008 met A Grave Is A Grim Horse. Net als z’n kompaan Scott Kelly zal hij zorgen voor een verademing die er eigenlijk geen is. Ook zonder elektrische stormen blijft Roadburn heavy.

Atomic Bitchwax: Zowat het puurste wat er te rapen valt naast Orange Goblin. Staan die laatste, de lallende Britten, met een been in de eighties, dan zoekt het Amerikaanse Atomic Bitchwax het meer in de seventies, met verschroeiende, bluesy turborock.

Eugene S. Robinson: Frontman van Oxbow, voormalig vechtkampioen, journalist en schrijver Robinson komt een spoken word show doen. Die zal voornamelijk inpikken op z’n boek Fight en zal ongetwijfeld een oplawaai van formaat zijn. Wie de man ooit aan het werk zag, weet wat te verwachten.

Zeni Geva: Ze horen het misschien niet graag, maar die Jappen maken overal een zootje van en Zeni Geva gaat met z’n combinatie van furie, experiment en vakmanschap ongetwijfeld nog een stapje verder dan de concurrentie.

Neurosis: Hoe kan het ook anders? We worden er nog altijd niet goed van als we nog maar aan hun passage van 2007 denken. De meest heavy band ter wereld is er een die normaal niet teleurstelt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zestien − 5 =