Boeijen Hofstede Vrienten :: Aardige Jongens

De Frank Boeijen Groep, Doe Maar en De Nits bezorgden de Nederlands(talig)e pop een broodnodige puberteit in de jaren tachtig na veel te lang een zoekend kind te zijn geweest. De laatste twintig jaar hebben Boeijen, Vrienten en Hofstede mee het hoederecht over het Nederlandstalige lied bewaard, erover wakend dat het nooit opgroeide tot een achterlijke idioot zoals dat bij heel wat andere artiesten ondertussen wel het geval is.

Het is gemakkelijk om u in slaap te wiegen met verbaal zand in de ogen als ’kwaliteit’, ’diepgang’, laat staan ’metier’ om te omschrijven wat dit triumviraat onderscheidt van (vooral Vlaamse) taalgenoten die de muzikale Nederlandstalige compostberg alleen maar doen aandikken en er steeds meer publiek mee lokken. Wie de uitmuntende livedubbelaar van de Frank Boeijen Groep, Hier Komt De Storm Live 1980-1990 kent (met een lichte overdrijving gerust Springsteens Live 1975-1985 der Lage Landen te noemen) en een handvol nummers van Doe Maar kan meefluiten, heeft geen tot clichés gedegradeerde bewoordingen nodig om te onderstrepen wat hen van zovele anderen onderscheidt.

Boeijen, Vrienten en Hofstede hebben na hun succesvolste jaren volledig hun zin kunnen en willen doen, waarbij hun vaak experimentele paden elkaar al eens kruisten, met wisselend succes zoals Vrientens project Nacht. Toch kwam dit samenwerkingsproject als een lichte verrassing. Het opzet is simpel: elk van de drie heren schreef en zong vier nummers in, waarmee ze vervolgens samen in de studio aan de slag gingen. Achter de helaas spuuglelijke hoes schuilt dan ook een ijzersterke, boeiende tot mooie en afwisselende plaat, een geslaagde kruisbestuiving tussen Boeijen de romantische poëet, Hofstede de bijwijlen minimalistische sfeerschepper en de rechttoe rechtaan Vrienten die niet vies is van een fijne groove meer of minder. Niets klinkt geforceerd, geen opgefokt vrolijke vriendensfeertje zoals de titel doet vermoeden. Integendeel.

Aardige Jongens baadt in een nu eens nostalgische, dan weer magisch-realistische sfeer, getuige daarvan het door Vrienten geschreven sobere en door mondharmonica prachtig gedecoreerde "Aardige Jongens" en vooral het fantastische "Glazen Hart" van Hofstede die zich de laatste jaren ontpopt tot cineast: hij sleept Lynch’s wereld van Lost Highway de plaat binnen en doet alles kloppen: gitaren die wegmarkeringen opslokken en aan de straatverlichting onttrekken, terwijl drie stemmen fungeren als plots opduikende en al even onbetrouwbare gidsen die u naar een avontuurlijk, donker ’nergens’ leiden. Nogmaals: fantastisch. Ga, vind, luister, koop, herbeluister telkens weer.

Het zijn trouwens Vrientens en Hofstedes bijdragen die veruit het sterkst en het mooist zijn: "Zonder Mij" (dat Vrienten aan Hugo Claus opdraagt) laat hem op zijn breekbaarst horen en is een cursus teksten schrijven voor gevorderden. Het naar-dromerige "Ik Dwaal, U Wacht" is meer sfeer dan song, en voor personen als Hofstede is dat meer dan een compliment. Ook diens fijn harmonieus gezongen "Bleekwater" houdt dat niveau aan.

Een niveau dat Boeijen helaas, in tegenstelling tot op zijn laatste plaat As, niet haalt, behalve dan met slotnummer "Wachten Op Een Vriend" dat Aardige Jongens een terecht slotakkoord bezorgt. Poëtische bespiegelingen halen het bij Boeijen vaak van goeie songs, zoals ook nu weer in het zweverige "Ronda", al valt "Geluk" door een mooie zanglijn niet in diezelfde valkuil. Boeijen schittert wel wanneer hij de andere songs vocaal decoreert: zo zijn zijn weemoedige vocalen in Vrientens onderkoeld zwoele "Vrouw Voor Het Raam" als een heerlijke dressing over een sowieso al heerlijk smakend slaatje.

Aardige Jongens is grotendeels een overtreffende trap van wat onze noorderburen aardig noemen. "Ik val niet/Ik slaap niet/Ik stop niet" echoën de heren in het (nogmaals) onvolprijsbare "Glazen Hart". Het is hun verdomd geraden. Hoe gemakkelijk en verleidelijk is het dan ook niet om in de slotzin (die er na deze aankomt) een uitdrukking met "drie koningen" te gebruiken. Maar ten eerste: laten we toch niet overdrijven; en ten tweede: waarom een cliché gebruiken voor een plaat die halsstarrig alle clichés probeert te mijden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × 1 =