Caótica Ana




Een film van Julio Medem bekijken is altijd een hele opdracht.
Film maken is voor de Spaanse regisseur namelijk niet zozeer een
manier om een verhaal te vertellen, hij benadert het begrip liever
ruimer, grootser en kunstzinniger. Hij betrekt er de psychoanalyse
bij, mixt werkelijkheid en fantasie tot zijn gekende, door het
onderbewustzijn voort gepulseerde beelden rond filosofische, van
symboliek doordrenkte thema’s. Krijg je het voor mekaar om mee
kopje onder te gaan in deze bevreemdende, vaak onrealistische
wereld, dan word je hiervoor soms rijkelijk beloond, zoals bij ‘La
Ardilla roja’ of ‘Los Amantes del círculo polar’. Bij ‘Caótica Ana’
krijg je voor je inspanningen maar weinig in de plaats. Voor een
film die vol zit met deuren naar andere dimensies en werelden,
bleef die naar ons hartje maar koel dichtgeplamuurd. We geven het
niet graag toe (het doet altijd pijn als een talent het noorden
kwijtraakt), maar ‘Chaotic Ana’ is een pretentieuze ‘kaka’-film,
een woordkeuze die nog niet eens zo ontoepasselijk is.

De chaotische Ana uit de titel begint als een zorgeloos en naïef
hippiemeisje dat met haar vader in een grot op Ibiza woont. Op een
dag worden haar kunstwerkjes opgemerkt door Justine (Charlotte
Rampling), een mecenas uit Madrid. Ze neemt Ana mee naar de Spaanse
hoofdstad om er met een hele bende jongeren samen te gaan wonen in
een soort commune, waar iedereen zijn kunstzinnige ik exploreert.
Ze leert er Saïd kennen en die ontmoeting wekt meteen vreemde
gevoelens bij Ana. Ze wordt niet alleen voor de eerste keer
verliefd, ze voelt zich op de één of andere manier ook spiritueel
verbonden met hem. Ze krijgt plots last van visioenen, dromen over
vorige levens waarin ze als vrouw steeds op een gruwelijke en
gewelddadige manier om het leven komt. Welkom chaos! Met de hulp
van een hypnotiseur rakelt ze haar vorige levens terug op, ookal
haalt deze pijnlijke ervaring haar wereld compleet ondersteboven.
Stap voor stap probeert ze dichter te komen bij haar oorsprong en
bij zichzelf, om voorgoed komaf te kunnen maken met de vicieuze
cirkel van geweld die haar in het verleden teisterde.

‘Caótica Ana’ is een persoonlijke film. Julio Medem maakte hem als
hommage aan zijn zus die in 2000 stierf in een auto-ongeluk op weg
naar haar eerste grote expositie. Het risico bij zo’n film is
altijd dat hij zodanig persoonlijk wordt dat buitenstaanders er
maar weinig aan hebben. In Medems hoofd zal de hele road
trip
wel steek houden, emotioneel waardevol zijn en voldoening
geven, maar als kijker die haar niet gekend heeft, komt deze ode
nogal onsamenhangend en afstandelijk over. Vreemd genoeg stralen de
mooie schilderwerkjes van zijn zus die de film opfleuren op zich
véél meer uit dan de hele film die Medem er als een eerbetoon rond
knutselde. Haar kleurentaferelen, zeker in het prachtig geanimeerde
gedeelte, roepen veel mooiere associaties op dan Medems gezwollen
interpretatie ervan.

Inhoudelijk is niet zozeer de thematiek een probleem –
regressietherapie en teruggaan naar vorige levens zijn razend
boeiende onderwerpen – de mouw waar het stropt is de manier waarop
Medem die thematiek in beeld brengt. Hij doet nergens de moeite om
het allemaal plausibel te laten overkomen. Medem heeft het verhaal
zo geforceerd en fragmentarisch in stukken gehakt dat er
gevoelsmatig te grote sprongen worden gemaakt en je zelden
betrokken raakt. Ja, het gaat over chaos en van een Medem mag je in
sé geen echt verhaal verwachten, maar dat neemt niet weg dat
verbanden en overgangen vaag of ver gezocht zijn. Ana neemt
afscheid van haar vader, daarna zit ze te blootjebaden op een boot
en nog wat later staat ze onder hypnose te shaken als een door de
duivel bezeten kind met een ingehakte schedel in haar hand. De
losse gebeurtenissen die hij ons voorschotelt, blijven losse
gebeurtenissen, delen van Ana’s spirituele ontdekkingstocht die
nooit echt diepere betekenis krijgen of verenigd worden. Veel komen
we niet over Ana zelf te weten (wat zijn haar drijfveren? Waarom
wil ze naar New York?) en het mysterie rond haar vorige levens komt
nooit echt tot een hoogtepunt.

Medem wil te veel tegelijk vertellen, te veel onderwerpen
aansnijden, maar vertelt uiteindelijk niet zoveel. De kijker zal
achteraf niet in een discussie uitbarsten over het leven na of voor
de dood, de geschiedenis van de mensheid, de rol van de vrouw, of
wat dan ook. Waar de grens nu juist ligt tussen kunst en kitsch,
des te meer. De overload aan vage symboliek (die paardenlul, het
lurken aan die asperge, iemand een clue?), de te serieuze aanpak
(hoe moeten we meegaan in de hypnosebeurten als Ana er zelf
onverschillig tegenover staat?), de verschrikkelijk blasé dialogen
(niemand spreekt zo tegen elkaar!) die niet eens inspirerend zijn,
de soms belachelijke camerakeuzes (liefdevolle seks zag er nog
nooit zo pijnlijk uit!), maken van deze film een uit de hand
gelopen studentenexperiment. Nevenpersonages staan erbij en kijken
ernaar, met op kop Charlotte Rampling, in misschien wel haar
slechtste acteerprestatie ooit (nee, die taalbarrière kan niet de
oorzaak zijn).

Medem laat heel wat kansen liggen, want het verhaal had potentieel
(stop dit in handen van een andere regisseur en je krijgt misschien
wel een meesterwerk) en er zitten echt heel mooie beelden in de
film, zowel visueel als inhoudelijk, die bewijzen dat Medem het
écht wel kan als hij wil. Het blijken vooral die momenten te zijn
waarop hij radicaal voor de symboliek gaat. Zoals wanneer hij
letterlijk in de schilderijen van zijn Ana duikt en de deuren naar
haar onderbewuste levens worden geopend in die prachtige
tekenstijl, adembenemend én met gevoel. Of het moment waarop Ana de
hand van haar vader ‘het beest’ zoekt met haar handen los wapperend
in de menigte. Daarnaast zijn er ook zwijgzame, sobere shots
(landschappen, die ruggen in de maneschijn, sommige flashbacks) die
ons zeker wisten te bekoren. Alles wat echter tussen die twee
uitersten in zit (en dat is veel) is door de serieuze en
pretentieuze aanpak helaas niet te vreten. En toegegeven, die
stront op het einde als zogenaamd hoogtepunt was grappig, maar ook
niet meer dan dat.

Zelfs al ben je in je meest filosofische sas, veel heb je niet
aan een meisje waar honderd zielen in huisvesten, als de film maar
weinig soul heeft. Medem had beter wat meer diepgang gegeven aan
zijn personages. Zoals de chaostheorie het zo mooi stelt, had deze
kleine ingreep wel eens fundamentele gevolgen kunnen hebben.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × twee =