Dour 2008 :: Wu-Tang Clan, vrijdag 18 juli, The Last Arena

Vorig jaar was de Wu-Tang Clan op Dour zwak, ontstellend zwak. Het is dan ook met een bang hartje dat we aan de Last Arena de komst van deze acht hiphop-giganten afwachtten. Uiteindelijk zien we een Clan die het zich er misschien iets te gemakkelijk vanaf maakt, maar overtuigt met de vingers in de neus.

Al lijkt het aanvankelijk een nog grotere ramp te worden dan al voorspeld was: het academisch kwartiertje dat vorig jaar nodig was om het collectief op het podium te krijgen, wordt al gauw een half uur. Een wiettekort, zo luiden de roddels, maar ons geduld wordt er niet minder om getest. “De Clan is toch niet de Guns 'N' Roses van de hip-hop geworden?”, flitst er door ons hoofd, en net dan gaan de lichten uit en wandelen de acht krijgers de Last Arena op.

Alle schrik blijkt gelukkig voorbarig: The Mighty Wu raast bij wijze van introductie door het machtige “Wu-Tang Clan Ain't Nuthin To Fuck Wit”, om vervolgens bijna heel Enter The Wu-Tang (36 Chambers) als een bom op de wei te droppen; achteloos, maar trefzeker. Nummers als “Protect Ya Neck” tonen nog maar eens hoe stevig die plaat overeind blijft, zelfs in de half afgewerkte en snelvuurversies van vandaag. Dit is en blijft het echte geluid van de straat, of het nu voor een reeds euforische wei gebracht wordt of niet.

De eerste showhelft wordt een nog grotere aha-erlebnis als GZA’s “Duel Of The Iron Mic”, Raekwons “Ice Cream” en Method Mans “Bring The Pain” de revue passeren; het is een ideale setlist die we dagdromend voor het concert aangehaald hadden, maar hier gewoon werkelijkheid wordt. Is dat goedkoop, teren op je oude platen? Waarschijnlijk wel, temeer omdat hun laatste, 8 Diagrams, hun beste in grofweg tien jaar is. Misschien ligt het ook aan het feit dat de Clan niet bepaald eensgezind was over die plaat, dat er vandaag vooral uit het debuut en Wu-Tang Forever (met een overrompelend, door een volledige wei meegebruld “Reunited”) geput wordt. Maar zulke gedachten vervlieden als snel wanneer er, ook door ons, volop gefeest wordt op “C.R.E.A.M.”.

Halverwege het concert loopt het echter mis: wat is een Clan-concert immers zonder uitgebreide in memoriam aan gesneuvelde kameraad en strijdmakker Ol’ Dirty Bastard? Toegegeven, de Clan mag altijd “Shimmy Shimmy Ya” en “Brooklyn Zoo” ten berde brengen (ditmaal met ODB-stemsamples), maar moet het publiek nu echt vijf minuten “ODB” scanderen voor het concert terug zijn gang kan gaan? Het is dat soort hip-hopclichés waaraan zelfs de baanbrekende Clan niet kan ontsnappen, en waarvan onze haren ten berge rijzen. En ook de groepsdynamiek, die de Clan tot een machtig wapen maakte in hun begindagen, is soms nogal ver te zoeken: terwijl GZA zich opvallend op de achtergrond houdt, alsof hij het optreden als een ware schaakmeester in goede banen tracht te leiden, zijn het vooral Method Man en Raekwon die met overgave hun rhymes op het uitzinnige publiek storten. De anderen staan er naar het einde toe soms gewoon als decoratiestukken bij. Gelukkig brengt een bijna extatisch meegebruld en overtuigend gebracht “Gravel Pit” nog enige redding, vooraleer de lichten aangaan en RZA zijn draaitafels doet stoppen met draaien.

Het was een vluggertje, soms rommelig, dan weer een klein beetje irritant, maar dit een slecht concert noemen, zou uiteindelijk een flagrante leugen zijn; de Clan kwam, zag en overwon — althans in de eerste helft. De vaandels wapperen, de Wu-handgebaren gaan de lucht in voor een welgemeend “Wu!”.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =