Nick Cave :: 1 mei 2008, Vorst Nationaal

Met het verse, halfgeslaagde Dig, Lazarus, Dig!!! in de broekzak stapte Nick Cave met zijn Bad Seeds donderdagavond vol zelfvertrouwen het podium van een uitverkocht Vorst op. De verschijning van Cave sprak weer boekdelen: losjes in het pak, pronte pooiersnor en door het publiek ontvangen als een Messias met dé Boodschap. Beetje jammer: bijna twee uur later bleek het concert zowel grotesk fantastische momenten als droeve dieptepunten te herbergen. Bijna niet te geloven dat er toch nog drie inslaande mokerslagen vielen.

Er waren hoopvolle voortekenen. De hele donderdag eigenlijk al: er viel bij momenten een beloftevolle donderslag en plensbui, eerste communicantjes gooiden iets hard naar een belerende priester en net voor het concert zagen we een schuifelende Stijn Meuris zenuwachtig aanschuiven voor een te dure pint. Onrustig, het is het beestje.

Dat Nick Cave nu net op het Feest van de Arbeid in Vorst Nationaal neerstrijkt, berust ook niet op toeval. De laatste jaren krijgt de Australiër alleen maar goede punten voor zijn inzet en productiviteit. We zouden nog gaan denken dat Cave ooit wél iets aan zo’n vervloekte cursus timemanegement heeft gehad. Alleen mag het dus allemaal wat minder geforceerd en meer met hart en ziel. Minder joviale boekhouder, meer spuwende sjamaan.

“En bloed zou er nochtans moeten vloeien bij een optreden van de man”, schreef (mvs) vier jaren geleden na een optreden in diezelfde muziekbunker. Wel, er druppelt donderdag opnieuw wat van dat rood spul van de muren in Vorst (tijdens “Red Right Hand” zelfs geprojecteerd op een scherm), maar een hele kamer valt er nog niet mee te verfraaien. Het kruipt niet in het minst waar het niet kan gaan bij wam-bam-opener “Night Of The Lotus Eaters”. De vloer davert bijzonder hard op een huiveringwekkende basdreun, getekend Martyn P. Casey, en de Bad Seeds klinkt als een heerlijk op hol geslagen denderend treinstel, waar merg en been dreigend door elkaar geschud worden.

Logisch vervolg: het wrange ontsnappingsverhaal genaamd “Dig, Lazarus, Dig!!!”, waarin de Robbie Williams voor de vleermuizengeneratie zich al een eerste maal in een rolletje wringt. That’s entertainment en het zou niet de eerste keer zijn dat El Cave zich zo zou tonen: met een sardonische grijns en het nodige métier spelletjes spelend met het gulzig slikkende publiek. Wat daarop volgt, lekker vroeg in de set, is echter een poederdroge mep in het gezicht. Sugar Jackson zou maar wat trots geweest zijn op het effect dat het stokoude ‘Tupelo’ teweeg bracht. Alweer die donderwolken, ook als backdrop deze keer. Majestueus. Hoogtepunt één. En niet alleen omwille van nostalgie: er wordt gespuwd zoals het hoort en de gitaren knarsen van niet te beteugelen verlangen.

Net wanneer we ons opmaken voor een hemels avondje trekt Cave zelf grinnikend aan de noodrem van de middelmaat met een flauw “Today’s Lesson”, één van de acht nieuwe nummers die de revue passeren. “We’re gonna have a real cool time tonight”, klinkt het nog, maar wij vrezen echter — iets te snel en te vroeg, toegegeven — een verzopen kalf. Een zielloos en alleen op wat aha-erlebnis terend “Red Right Hand”, een slaapverwekkend “Midnight Man” en een afgehaspeld “Deanna” lijken dan ook alleen maar richting het Grote Niets te meanderen.

Het kampvuur laait nog even hevig op met een knisperende versie van “Nobody's Baby Now”, eist nog wat extra hout tijdens “The Ship Song” en richt zijn vlammen helemaal naar de hemel met “Papa Won’t Leave You Henry”, waarin Koning Kraai klinkt zoals het moet. Opzwepend en niets ontziend. Ook een rolletje, maar zo intens dat je vergeet naar de casting (hoewel, Warren Ellis op fuckin’ viool) te kijken. Absoluut Hoogtepunt twee.

Twee bisrondes en vijf nummers volgen, maar Cave — die het pak snel ruilt voor een T-shirt — slaagt er ook dan niet in om, ondanks enkele verschroeiende opflakkeringen, alsnog een heus inferno te ontketenen in de hoofdstad. Absoluut onvergeeflijk is zelfs een vreselijke Knuffelrock-versie van “Into My Arms”. Openingsdansherkenning blijkt echter voldoende voor een deel van het publiek en de volledige titel wordt uit volle borst meegeneuzeld. Tenenkrullend slecht.

We waren dan ook bijna op weg naar de uitgang, maar Cave zwaait op het nippertje toch nog af in guerrillastijl. Zelf snokkend aan een gitaar perst hij er bloedgeil en hemelbestormend “Hard On For Love” uit. Geen discussie: Hoogtepunt drie. En zaallichten.

Ach, conclusie? Door te hinken op twee gedachten spring je misschien een eind, maar geen wereldrecord. Wel geruststellend te weten dat de vijftigjarige Nicholas Edward Cave occasioneel nog vinnig door de creatieve geluidsmuur kan. Bedankt dus voor de uppercuts, maar een K.O. zat er alweer niet in. Beter mikken volgende keer, Cave-man.

http://www.nickcaveandthebadseeds.com
http://www.nickcaveandthebadseeds.com
Mute
Beeld:
Pieter Morlion

verwant

Live is Live 2026 :: Een modern soort Mijnheer Pastoor

Eén sabatjaar mochten er geen twee worden. Met drie...

Eindejaarslijstje 2024 van Matthieu Van Steenkiste

Als de inleiding van dit soort lijstjes één constante...

Eindejaarslijstje 2024 van Maarten van Meer

Fontaines D.C. :: Romance Een dwarse liefdesverklaring aan...

Nick Cave & The Bad Seeds :: Wild God

Een geest, een man, een goeroe was Nick Cave...

TW Classic 2022 :: Nostalgie als grootste gemene deler

Twee festivals voor de prijs van een vandaag: TW...

recent

Primetime

Lance Oppenheim is in wezen een documentairemaker die met...

Gebeiteld – Beeldhouwer Roger Bracke :: Stadsmuseum Lokeren

Met Gebeiteld presenteert het Stadsmuseum van Lokeren een tentoonstelling...

Wu Lyf

Als een vage herinnering stond Wu Ly donderdagavond in...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in