DOMINO 08 :: Creature With The Atom Brain + Gutter Twins :: 11 april 2008, AB

Ze waren drinkebroers, de een kwam al eens mee op tournee met de ander,… Het moet ons eigenlijk verbazen dat het zo lang duurde voor Greg Dulli en Mark Lanegan eens deftig werk maakten van een gezamenlijke plaat. Dat Saturnalia is voorlopig een van de beste platen van 2008, maar live ging er vrijdagavond van alles fout. Een zieke Dulli probeerde wel, maar moest het na krap drie kwartier voor bekeken houden om Lanegan de boel te laten redden.

Een gedroomde openingsact als voorbereiding op de donkerte van The Gutter Twins, is Creature With The Atom Brain. Met hun ongepolijste, uit de onderste lagen van rock-‘n-rollregionen afkomstige knallende gitaarsongs is dit een band die elk podium kan innemen: dat van een groezelig jeugdhuis tot dat van de AB. Met een cool waar menig rocker nog een les van kan leren, baant het viertal zich een weg door een set met de nadruk op het recente I Am The Golden Gate Bridge.

Sterke versies van “Is That Lady Sniff”, “Mind Your Own God” en “16 Inch Revolver” passeren de revue, met een occasioneel freewheelmoment als teaser om de aandacht van het publiek te testen. Enig minpunt dat aan te merken valt op deze doortocht, is de gemiste kans om Mark Lanegan ook live eens de ijzingwekkende backing vocals van op de plaat te horen brommen. Want nu bevinden beide artiesten zich eens in hetzelfde gebouw en zelfs dan wordt zulk een kans onbenut gelaten.

Dat Dulli naar Lanegan’s zeggen ziekjes is, helpt er niet aan voor The Gutter Twins. De heren zullen het dan ook kort houden. Toch lijkt het allemaal nog goed te beginnen. Net als Saturnalia gaat dit concert van start met “The Stations”, een dramatisch aangezette rocker die het einde der tijden aankondigt. Beide heren spelen ook meteen hun rol: Lanegan als een levend lijk aan zijn microfoonstandaard vastgekleefd, Dulli als de in zijn eigen glorie zwelgende gezette rockgod. Zelfs zwetend en ziek heeft hij dan ook nog niets van zijn cool en flair verloren, en ook het talent is er nog steeds. De manier waarop “All God’s Children” begint, brengt het beste van Afghan Whigs, zijn oude groep, in herinnering.

Het is echter Lanegan die vanavond het voortouw neemt en zijn kameraad uit de wind zet. Meer dan op Saturnalia horen we hem. Dulli houdt zich in en beperkt zich tot gitaar en piano. Op die manier slagen ze er in om het eerste half uur zonder kleerscheuren door te komen. Met “All Misery/Flowers” wordt het concert een hoogmis van zonde en berouw, zoals dat bij The Gutter Twins te verwachten was. Seks hangt in de lucht en de spanning wordt er niet minder op met een broeierige cover van “Live With Me” van Massive Attack. ”Idle Hands” slaagt er zelfs in om de zaal eindelijk eens goed te doen ontploffen. De schreeuwerige rocker scheurt open met zo’n typische Dulli-riff die we sinds het verscheiden van Afghan Whigs te weinig te horen kregen.

Dat de meeste Gutter Twins-nummers zo’n energiestoot ontberen en een midtempodreiging scheppen, zijn minpunten die daarna iets te hard naar boven komen. “Down The Line” sloft zo maar wat voorbij, in dat eeuwige loodzware sfeertje. En dan gaat het licht uit. Dulli komt niet meer terug voor de bisnummers, Lanegan redt de zaak met “Hit The City” en “Methamphetamine Blues”, twee nummers van zijn soloplaat Bubblegum.

“He won’t come back”, laat de enig overgebleven frontman weten over zijn kompaan. Dit was dan ook een concert dat de toeschouwer met een onvoldaan gevoel achterliet, maar dat kan je een zieke niet kwalijk nemen. We hopen op beterschap en een herkansing. Pukkelpop, bijvoorbeeld, als we de geruchten mogen geloven.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig − 14 =