Jules et Jim

François Truffaut, boegbeeld van de Franse nouvelle
vague
en notoir vrouwenzot, heeft ooit gezegd dat “film een
verbetering is van het leven”. Niet dat dat betekende dat al zijn
films feel good-movies waren – verre van zelfs. De
verbetering van het leven die hij voor ogen had, hield eerder in
dat relaties nog steeds stuklopen, dat ambities nog steeds vast
komen te zitten in de realiteit en dat de dood nog steeds op
iedereen staat te wachten aan het einde van de rit – maar dat er
ergens tussenin ook vreugde te vinden was, gelukkige momenten die
eeuwig kunnen blijven nagalmen. Truffaut was een romanticus, zij
het dan één die heel goed wist dat romantische momenten na een paar
uur weer afgelopen waren. ‘Jules et Jim’, uit 1962, is één van zijn
bekendste films en één van de belangrijkste exponenten van de
nouvelle vague. Zijn derde film, na ‘Les 400 Coups’ en
‘Tirez Sur Le Pianiste’, betekende een definitieve internationale
doorbraak voor hem (hoewel ‘Les 400 Coups’ tegenwoordig nog net
iets hoger ingeschat wordt), en is een goede illustratie van de
thema’s die hem altijd zouden blijven typeren: de vergankelijkheid
van liefde en het besef dat je geluk onmogelijk kunt
vasthouden.

Jules (Oskar Werner) is een Oostenrijker, Jim (Henri Serre) is
een Fransman. Aan het begin van de twintigste eeuw ontmoeten ze
elkaar in Parijs en haast ogenblikkelijk ontstaat er een hechte
vriendschap. Ze brengen al hun vrije tijd samen door, praten over
poëzie, vertalen elkaars schrijfwerk en gaan regelmatig samen op
jacht naar vrouwen. Jim is nonchalant in zijn playboy-levensstijl,
maar Jules lijkt continu op zoek te zijn naar iets dat hij nergens
vindt. De twee vrienden delen hun veroveringen met elkaar, maar
nooit komt er iets serieus van. Tot ze Catherine (Jeanne Moreau)
ontmoeten. Met een gezicht dat de beide spitsbroeders doet denken
aan een Grieks beeld en een subliem zelfverzekerde uitstraling,
doet ze de hoofden van zowel Jules als Jim op hol slaan. Het is
Jules die uiteindelijk met haar gaat lopen, maar we merken aan de
blik in Jims ogen dat hij daar niet erg blij mee is. Met het
uitbreken van de Eerste Wereldoorlog zien de vrienden elkaar vier
jaar lang niet, en wanneer ze elkaar achteraf opnieuw ontmoeten, is
alles anders. Jules en Catherine zijn ongelukkig getrouwd – de
driehoeksrelatie met Jim begint opnieuw, maar ditmaal ligt de
dynamiek tussen hen helemaal anders.

In 1962 werd ‘Jules et Jim’ als een revolutionaire film
beschouwd, wat in eerste instantie met de onconventionele vorm
ervan te maken had: Truffaut begint met een razend snelle proloog
van tien minuten, waarin een vertelstem aan een jachtig tempo de
voorgeschiedenis van de twee vrienden uit de doeken doet: hoe ze
elkaar leerden kennen, waarom ze elkaar zo sympathiek vonden, wat
hun relatie precies is, waar ze zich mee bezighouden enzovoort. De
eerste tien minuten van ‘Jules et Jim’ zijn eigenlijk eerder een
lange, impressionistische montage aan hyperkorte momentjes, die
zich nooit ontwikkelen tot scènes als dusdanig. Pas daarna, eens
Catherine in het verhaal verschijnt, kalmeert de film een beetje en
komt de plot op gang. Toch blijft het tempo hoog liggen: de camera
beweegt nagenoeg altijd en de vertelstem blijft nadrukkelijk
aanwezig, om ons de informatie mee te geven waar Truffaut
schijnbaar geen scène aan wilt wijden. Op die manier weet de
regisseur op 100 minuten tijd een verhaal te vertellen dat pakweg
25 jaar overbrugt, zonder ooit aan spankracht te verliezen.

Eigen aan de stilistiek van de nouvelle vague, is de
hand van de regisseur in zowat elk beeld van ‘Jules et Jim’ te
voelen. Niet alleen vestigt de zwierig ronddraaiende handbewogen
camera de aandacht op zichzelf, maar ook experimenteert Truffaut
met beeldformaten (hij filmt in breedbeeld, maar durft ook al eens
over te schakelen naar kleinere formats), ondertitelt hij
hier en daar willekeurige zinnetjes dialoog en voegt hij op tijd en
stond een korte freeze frame in, in het midden van een
scène. Tegenwoordig is het dagelijkse kost geworden dat je de
aanwezigheid van de regisseur voelt in een film, dat je je er
bewust van bent dat er iemand achter de camera de boel staat te
manipuleren, maar begin jaren zestig was dat erg uitzonderlijk –
filmmakers moesten ten dienste staan van hun verhaal en zo min
mogelijk van zich laten horen. De nouvelle vague
veranderde dat, geïnspireerd als ze waren door de voorbeelden van
de weinige regisseurs die wél een unieke persoonlijke stijl hadden
nagestreefd (zoals Orson Welles: Truffaut beweerde dat hij ‘Citizen
Kane’ letterlijk van buiten kende).

Maar het belangrijkste is dat, zeker in ‘Jules et Jim’, die
stilistische tics niet zomaar los staan van de rest van de film.
Truffaut is niet enkel aan het pochen met zijn technische
trukendoos, maar wendt die stijlgrepen ook aan om inhoudelijke
punten te versterken. Eén van de meest bekende voorbeelden van de
plotse freeze frames, is een scène waarin Jeanne Moreau
aan het lachen is. Drie keer laat Truffaut het beeld even stilstaan
– niet omdat hij zichzelf wilt onderscheiden als artistieke
regisseur, maar omdat het beeld van een lachende Catherine een
gigantische invloed zal blijven uitoefenen op Jules en Jim. Dat
moment zal hen eeuwig bijblijven, gefixeerd in de tijd.

Op een basisniveau is ‘Jules et Jim’ het verhaal van een
driehoeksverhouding en de emotionele problemen die dat met zich
meebrengt. Jules en Jim zelf worden voorgesteld als twee
aanvullende delen van dezelfde persoonlijkheid – de één
zelfverzekerd, fysiek, sensueel; de ander een timide intellectueel.
Samen zijn ze een aanzienlijke man, maar alleen zullen ze het
altijd moeilijk hebben om een relatie met iemand anders te doen
werken. Catherine, op haar beurt, is het hart van de film, een
fascinerend raadsel dat de beide mannen nooit weten op te lossen.
Truffaut weerstaat aan de verleiding om Catherine psychologisch te
verklaren – misschien omdat hij zelf óók niet precies weet wat haar
drijft – maar in ieder geval is ze iemand die absoluut
onweerstaanbaar is, maar tegelijk onmogelijk om mee samen te leven.
Zoals Jules op een bepaald moment zegt: “Catherine vindt dat er in
een relatie altijd één persoon trouw moet blijven. Meestal de
andere persoon.” Zowel Jules als Jim snappen nooit precies waar ze
met Catherine aan toe zijn, maar ze weten wel dat ze zonder haar
nooit gelukkig zullen zijn. Catherine werd bij de release van de
film dan ook gezien als één van de eerste boegbeelden van de
vrouwenliberatie – een vrouw die zich verhief boven de mannen in
haar leven, en zowel mentale als seksuele vrijheid opeiste – maar
Truffaut mikte hoger dan enkel een simplistische knipoog naar de
politieke en sociale gebeurtenissen in zijn tijd. Ik geloof eerder
dat hij iets wilde zeggen over de onkenbaarheid van vrouwen voor
elke man. Of simpel gezegd: zelfs Freud is nooit te weten gekomen
wat vrouwen nu precies wilde – kun je nagaan hoe kansloos Jules,
Jim of François Truffaut waren. Neemt niet weg dat ze eindeloos van
vrouwen hielden.

‘Jules et Jim’ is ook een tragische mijmering over de effecten
van tijd op vriendschap. Het tempo van de film komt heel wat lager
te liggen in de tweede helft, nadat de hoofdpersonages elkaar
opnieuw zien na de Eerste Wereldoorlog. Er is iets gebroken tussen
hen – ze houden nog steeds van elkaar, maar hun jeugdige
uitbundigheid is onherroepelijk verloren gegaan. Jules en Jim
kunnen dat accepteren, Catherine niet – wat meteen een mogelijke
motivatie is voor haar gedrag. Er is niks waarmee je jezelf zoveel
pijn kunt doen dan door vast te blijven klampen aan een verloren
verleden.

Yup, er zit heel wat in ‘Jules et Jim’ – de film is een
schatkist aan betekenislagen en stijlfiguren. Natuurlijk zijn er
bepaalde aspecten die op meer dan 40 jaar tijd verouderd zijn (het
gebruik van stock footage komt pijnlijk gedateerd over en
in de tweede helft van de prent zou je willen dat die verteller
eens twee minuten z’n kwek hield), maar dit blijft cinema voor de
eeuwen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negen − 1 =